Handgeschreven brief (zakelijke correspondentie).
Origineel
Handgeschreven brief (zakelijke correspondentie). 26 juni 1941. Ph. [Philip] Stibbe. Marktwezen Amsterdam (t.a.v. de hoofdinspecteur). N^o 90/10/5 M. 1941 20/6
Bergen op Zoom 26 Juni 1941.
Marktwezen Amsterdam
h.i. Insp.
N^o 90/10/2 M.
Eenige tijd geleden verzocht ik nog
uitstel van mijn verplichting om
regelmatig een plaats op de markten
Mosplein en Westerstraat te bezetten om
reden ongesteldheid mijner vrouw.
j.l. dinsdag belde ik u op en vroeg
antwoord op mijn schrijven omrede einde
deze maand de drie maanden uitstel
verloopen is gelieve mij p.o. even te ant-
woorden.
Hoogachtend
Ph Stibbe
Wouwschestraat 12 A.
Bergen op Zoom.
90/33 In deze brief verzoekt de heer Ph. Stibbe uit Bergen op Zoom om een besluit betreffende zijn eerdere aanvraag voor uitstel van zijn marktplatstverplichting. Hij heeft vaste standplaatsen op de Amsterdamse markten aan het Mosplein (Amsterdam-Noord) en de Westerstraat (Jordaan).
De reden voor het verzoek is de "ongesteldheid" (ziekte) van zijn echtgenote. Omdat de eerder verleende termijn van drie maanden uitstel aan het eind van de maand juni afloopt, en hij na een telefonisch contact op de voorafgaande dinsdag nog geen schriftelijke bevestiging heeft ontvangen, dringt hij aan op een spoedig antwoord ("p.o." staat hier waarschijnlijk voor per ommegaande). Dit document stamt uit juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De afzender, Philip Stibbe (geboren in 1900), was een Joodse koopman. In deze periode werden de beperkingen voor Joodse marktkooplieden door de bezetter en het gemeentebestuur van Amsterdam steeds strenger.
Kort na het schrijven van deze brief, in de zomer van 1941, werden Joodse kooplieden definitief verbannen van de reguliere markten en gedwongen om op speciale "Joodsche markten" te staan. Het feit dat Stibbe vanuit Bergen op Zoom op markten in Amsterdam stond, duidt op een reizend bestaan als koopman. Uit archiefstukken blijkt dat Philip Stibbe de oorlog niet heeft overleefd; hij werd gedeporteerd en overleed in september 1944 in Midden-Europa (Auschwitz/Dachau-omgeving). Dit document getuigt van de administratieve realiteit en de persoonlijke zorgen van een Joodse ondernemer in een steeds vijandiger wordende bureaucratie. A. Marktwezen
Samenvatting
In deze brief verzoekt de heer Ph. Stibbe uit Bergen op Zoom om een besluit betreffende zijn eerdere aanvraag voor uitstel van zijn marktplatstverplichting. Hij heeft vaste standplaatsen op de Amsterdamse markten aan het Mosplein (Amsterdam-Noord) en de Westerstraat (Jordaan).
De reden voor het verzoek is de "ongesteldheid" (ziekte) van zijn echtgenote. Omdat de eerder verleende termijn van drie maanden uitstel aan het eind van de maand juni afloopt, en hij na een telefonisch contact op de voorafgaande dinsdag nog geen schriftelijke bevestiging heeft ontvangen, dringt hij aan op een spoedig antwoord ("p.o." staat hier waarschijnlijk voor per ommegaande).
Historische Context
Dit document stamt uit juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De afzender, Philip Stibbe (geboren in 1900), was een Joodse koopman. In deze periode werden de beperkingen voor Joodse marktkooplieden door de bezetter en het gemeentebestuur van Amsterdam steeds strenger.
Kort na het schrijven van deze brief, in de zomer van 1941, werden Joodse kooplieden definitief verbannen van de reguliere markten en gedwongen om op speciale "Joodsche markten" te staan. Het feit dat Stibbe vanuit Bergen op Zoom op markten in Amsterdam stond, duidt op een reizend bestaan als koopman. Uit archiefstukken blijkt dat Philip Stibbe de oorlog niet heeft overleefd; hij werd gedeporteerd en overleed in september 1944 in Midden-Europa (Auschwitz/Dachau-omgeving). Dit document getuigt van de administratieve realiteit en de persoonlijke zorgen van een Joodse ondernemer in een steeds vijandiger wordende bureaucratie.