Administratief voorblad of bijblad van een dossier.
Origineel
Administratief voorblad of bijblad van een dossier. [Kader linksboven]
B I J B L A D / V A N :
M. ˇ No. 98/3/6 1940
DOORGEZONDEN: 11/6
[Linksonder]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document is een standaard ambtelijk formulier (Model No. 14) dat werd gebruikt als voorblad voor bijlagen bij een dossier of om de doorzending van een dossier te registreren.
* Kenmerken: Het dossiernummer is handmatig ingevuld als "98/3/6" voor het jaar "1940".
* Actie: De vermelding bij "DOORGEZONDEN" geeft aan dat de bijbehorende stukken op 11 juni (11/6) zijn doorgeleid naar een volgende instantie of afdeling.
* Drukgegevens: De code "10.000-10-1937-1016" wijst op een oplage van 10.000 stuks, gedrukt in de tiende maand (oktober) van 1937 door drukkerij 1016. De datum 11 juni 1940 is historisch gezien kort na de Nederlandse capitulatie (15 mei 1940). Hoewel de regering naar Londen was uitgeweken, bleef het ambtelijke apparaat in Nederland onder de secretarissen-generaal en de Duitse bezetter grotendeels functioneren. Dit document getuigt van de voortzetting van de bureaucratische processen met gebruikmaking van vooroorlogse voorraden formulieren in de beginfase van de bezetting.
Samenvatting
Dit document is een standaard ambtelijk formulier (Model No. 14) dat werd gebruikt als voorblad voor bijlagen bij een dossier of om de doorzending van een dossier te registreren.
* Kenmerken: Het dossiernummer is handmatig ingevuld als "98/3/6" voor het jaar "1940".
* Actie: De vermelding bij "DOORGEZONDEN" geeft aan dat de bijbehorende stukken op 11 juni (11/6) zijn doorgeleid naar een volgende instantie of afdeling.
* Drukgegevens: De code "10.000-10-1937-1016" wijst op een oplage van 10.000 stuks, gedrukt in de tiende maand (oktober) van 1937 door drukkerij 1016.
Historische Context
De datum 11 juni 1940 is historisch gezien kort na de Nederlandse capitulatie (15 mei 1940). Hoewel de regering naar Londen was uitgeweken, bleef het ambtelijke apparaat in Nederland onder de secretarissen-generaal en de Duitse bezetter grotendeels functioneren. Dit document getuigt van de voortzetting van de bureaucratische processen met gebruikmaking van vooroorlogse voorraden formulieren in de beginfase van de bezetting.