Handgeschreven memo / voorraadoverzicht.
Origineel
Handgeschreven memo / voorraadoverzicht. 1 oktober 1941. [Rechtsboven:]
A’dam 1 October 1941.
[Midden:]
Voorraad benzine
pakhuis B 15 242 Liter
In voorraad pompstation Deert
op afgegeven bonnen 250 .
Totaal 492 Liter.
[Linksonder:]
Den Heer
Bedrijfschef
Cm.
[Rechtsonder:]
A’dam 1 October 1941.
[Handtekening, mogelijk J. v.d. Linden]
[Rode stift/inkt:]
100/3/19 M Het document is een zakelijke mededeling betreffende de inventarisatie van benzine op twee verschillende locaties: een specifiek magazijn ("pakhuis B 15") en een pompstation. Opvallend is de vermelding "op afgegeven bonnen" bij de voorraad van het pompstation, wat duidt op een administratieve verrekening van brandstof die reeds was toegewezen via het distributiestelsel.
De rekensom is als volgt:
* Pakhuis B 15: 242 liter
* Pompstation: 250 liter
* Totaal: 492 liter
De brief is gericht aan de "Bedrijfschef" en ondertekend door een medewerker, waarschijnlijk belast met de logistiek of administratie van het betreffende bedrijf of de gemeentelijke dienst. De code "100/3/19 M" in rode inkt is een later toegevoegd archiefkenmerk of een classificatienummer van een controle-instantie. De datum van het document, 1 oktober 1941, is cruciaal voor de context. Nederland bevond zich midden in de Duitse bezetting. Vanaf het begin van de bezetting was brandstof schaars en strikt gerantsoeneerd via een bonnensysteem. Bedrijven moesten zeer nauwkeurig verantwoording afleggen over hun voorraden aan de bezettingsautoriteiten of de Nederlandse crisisorganen.
De relatief kleine hoeveelheid (492 liter totaal) suggereert dat dit een lokale voorraad betreft, mogelijk van een nutsbedrijf, een transportbedrijf of een gemeentelijke reinigingsdienst in Amsterdam. Het feit dat dergelijke documenten bewaard zijn gebleven, duidt vaak op het belang van brandstofbeheer als onderdeel van de economische oorlogsvoering of de dagelijkse logistiek onder schaarste. J. v.d. Linden
Samenvatting
Het document is een zakelijke mededeling betreffende de inventarisatie van benzine op twee verschillende locaties: een specifiek magazijn ("pakhuis B 15") en een pompstation. Opvallend is de vermelding "op afgegeven bonnen" bij de voorraad van het pompstation, wat duidt op een administratieve verrekening van brandstof die reeds was toegewezen via het distributiestelsel.
De rekensom is als volgt:
* Pakhuis B 15: 242 liter
* Pompstation: 250 liter
* Totaal: 492 liter
De brief is gericht aan de "Bedrijfschef" en ondertekend door een medewerker, waarschijnlijk belast met de logistiek of administratie van het betreffende bedrijf of de gemeentelijke dienst. De code "100/3/19 M" in rode inkt is een later toegevoegd archiefkenmerk of een classificatienummer van een controle-instantie.
Historische Context
De datum van het document, 1 oktober 1941, is cruciaal voor de context. Nederland bevond zich midden in de Duitse bezetting. Vanaf het begin van de bezetting was brandstof schaars en strikt gerantsoeneerd via een bonnensysteem. Bedrijven moesten zeer nauwkeurig verantwoording afleggen over hun voorraden aan de bezettingsautoriteiten of de Nederlandse crisisorganen.
De relatief kleine hoeveelheid (492 liter totaal) suggereert dat dit een lokale voorraad betreft, mogelijk van een nutsbedrijf, een transportbedrijf of een gemeentelijke reinigingsdienst in Amsterdam. Het feit dat dergelijke documenten bewaard zijn gebleven, duidt vaak op het belang van brandstofbeheer als onderdeel van de economische oorlogsvoering of de dagelijkse logistiek onder schaarste.