Zakelijke brief (doorslag van een uitgaande brief).
Origineel
Zakelijke brief (doorslag van een uitgaande brief). 6 september 1941. De Directeur (van een gemeentelijke dienst, de exacte dienst wordt niet vermeld). De Heer Stadsingenieur, Voorzitter Kleine Benzinecommissie, Raadhuis, Alhier. [Handgeschreven in blauw krijt/potlood:] Verzonden 6/9
[Handgeschreven in grijs potlood:] HG.
den Heer Stadsingenieur,
Voorzitter Kleine Benzinecommissie,
Raadhuis,
A l h i e r .
100/27/2 M. 6 September 1941.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 30 Augustus 1941 No.S.I.
5120/111, heb ik de eer U te berichten, dat mijn dienst van de daar-
in vervatte aanbieding geen gebruik zal maken.
De Directeur, Deze korte, formele brief is een zakelijke afwijzing. De afzender reageert op een schrijven van de Stadsingenieur van een week eerder. Hoewel de inhoud van het "aanbod" niet expliciet wordt vermeld, is het duidelijk dat dit verband houdt met de "Kleine Benzinecommissie". De toon is uiterst beleefd en typisch voor de ambtelijke correspondentie van die tijd ("heb ik de eer U te berichten"). De handgeschreven notitie "Verzonden 6/9" geeft aan dat dit de kopie voor het eigen archief is, nadat het origineel op de datum van schrijven is verstuurd. Het document dateert van september 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De schaarste aan grondstoffen en brandstoffen was op dat moment een kritiek probleem. De "Kleine Benzinecommissie" was een ambtelijk orgaan dat verantwoordelijk was voor de strenge rantsoenering en toewijzing van benzine aan essentiële diensten. Dat een gemeentelijke directeur een aanbieding van deze commissie afslaat, is opmerkelijk; het kan betekenen dat de aangeboden hoeveelheid te klein was om nuttig te zijn, of dat de dienst was overgeschakeld op alternatieven zoals gasgeneratoren, waardoor de toewijzing niet langer nodig was.
Samenvatting
Deze korte, formele brief is een zakelijke afwijzing. De afzender reageert op een schrijven van de Stadsingenieur van een week eerder. Hoewel de inhoud van het "aanbod" niet expliciet wordt vermeld, is het duidelijk dat dit verband houdt met de "Kleine Benzinecommissie". De toon is uiterst beleefd en typisch voor de ambtelijke correspondentie van die tijd ("heb ik de eer U te berichten"). De handgeschreven notitie "Verzonden 6/9" geeft aan dat dit de kopie voor het eigen archief is, nadat het origineel op de datum van schrijven is verstuurd.
Historische Context
Het document dateert van september 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De schaarste aan grondstoffen en brandstoffen was op dat moment een kritiek probleem. De "Kleine Benzinecommissie" was een ambtelijk orgaan dat verantwoordelijk was voor de strenge rantsoenering en toewijzing van benzine aan essentiële diensten. Dat een gemeentelijke directeur een aanbieding van deze commissie afslaat, is opmerkelijk; het kan betekenen dat de aangeboden hoeveelheid te klein was om nuttig te zijn, of dat de dienst was overgeschakeld op alternatieven zoals gasgeneratoren, waardoor de toewijzing niet langer nodig was.