Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie.
Origineel
Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie. 18 februari 1942. [Handgeschreven, bovenaan midden:] Vooronder, 18/2
[Rechtsboven:] VG/HG.
de Nederlandsche Groenten- en
Fruitcentrale,
Laan Copes van Cattenburgh 62,
's - G r a v e n h a g e .
2B/5/2 M. 2 18 Februari 1942.
In bijlage dezes heb ik de eer U te doen toekomen een aanvrage tot toelating als georganiseerde bij de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale om ingedeeld te worden in de groep handelaren in gewassen van den tuinbouw (Groep E) ten name van Chr. Nees, geboren 21 Maart 1916 en wonende Bellamystraat 20, benevens een afschrift van een op deze aanvrage betrekking hebbend rapport van den contrôleur B. Felthuis van mijn dienst. Nees voornoemd is bij mijn dienst niet bekend; de gegevens in vorenbedoeld rapport berusten op verklaringen van Nees zelf.
De Directeur, * Doel van het schrijven: De directeur van de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale stuurt een aanvraag door van een particulier (Chr. Nees) om toegelaten te worden als officieel erkend handelaar in tuinbouwgewassen (Groep E).
* Inhoudelijke kanttekening: De schrijver voegt een rapport van een controleur toe, maar plaatst direct een voorbehoud: de aanvrager is onbekend bij de dienst en de informatie in het rapport is enkel gebaseerd op de eigen verklaringen van de aanvrager. Dit wijst op een formele indekking of een kritische toetsing van de betrouwbaarheid van de verstrekte gegevens.
* Persoonsgegevens: Chr. Nees, geboren 21-03-1916, adres Bellamystraat 20 (waarschijnlijk Amsterdam, gezien de straatnaam, hoewel de stad niet expliciet vermeld wordt in het adres van de aanvrager). * Historische periode: De brief dateert uit februari 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
* Organisatie: De "Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale" was een van de vakgroepen (onderdeel van de hoofdbedrijfsgroep Landbouw) die door de bezetter werden gebruikt om de voedselvoorziening en distributie strikt te reguleren en te controleren.
* Regulering: In deze periode was vrije handel verboden. Iedereen die in de agrarische sector wilde handelen, moest "georganiseerd" zijn (lid zijn van de door de overheid gecontroleerde organen). Deze brief illustreert de bureaucratische weg die een kleine handelaar moest bewandelen om legaal te mogen opereren in een tijd van schaarste en distributie. De vermelding dat iemand "niet bekend" is bij de dienst, suggereert dat er een screening plaatsvond, wat typerend was voor de toenemende controle op de bevolking. B. Felthuis