Ambtelijke brief / begeleidend schrijven.
Origineel
Ambtelijke brief / begeleidend schrijven. 4 mei 1942. [Handgeschreven aantekening in blauw potlood:] Verzonden 4/5
[Rechtsboven getypt:] HG.
de Nederlandsche Groenten- en
Fruitcentrale,
Laan Copes van Cattenburgh 62,
's-Gravenhage.
2B/31/2 M. 1 4 Mei 1942.
In bijlage dezes heb ik de eer U te doen toekomen een
aanvrage tot toelating als georganiseerde bij de Nederlandsche Groen-
ten- en Fruitcentrale om ingedeeld te worden in de groep handelaren
in gewassen van den tuinbouw (Groep E), ten name van J.Buis, wonende
Kuipersstraat 105 II, alhier, benevens een afschrift van een op deze
aanvrage betrekking hebbend rapport van den contrôleur B.Felthuis
van mijn dienst.
De Directeur, * Taalgebruik: Het document hanteert een uiterst formele, ambtelijke stijl die kenmerkend is voor de vroege jaren '40 ("heb ik de eer U te doen toekomen", "in bijlage dezes"). De spelling "Nederlandsche" en het gebruik van de naamval in "van den tuinbouw" zijn typerend voor de destijds geldende schrijfwijze.
* Administratieve indeling: De handel werd strikt gecategoriseerd. In dit geval gaat het om "Groep E", de groep handelaren in tuinbouwgewassen.
* Controlemechanisme: De toelating tot de centrale was geen automatisme. De vermelding van een rapport van een "contrôleur" (B. Felthuis) wijst op een antecedentenonderzoek of een inspectie van de bedrijfsvoering van de aanvrager.
* Identificatie: De aanvrager, J. Buis, woonde aan de Kuipersstraat 105 II in Den Haag (aangeduid met "alhier", aangezien de Centrale daar ook gevestigd was). Dit document is opgesteld tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De "Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale" (NGF) was een semi-overheidsorgaan dat deel uitmaakte van de nieuwe ordening van de landbouw en handel onder toezicht van de bezetter.
Tijdens de bezetting werd de vrije markt vervangen door een strak gereguleerd distributiesysteem. Handelaren moesten verplicht "georganiseerd" zijn (geregistreerd en aangesloten bij de betreffende Centrale) om legaal producten te mogen kopen of verkopen. Deze centralisatie diende twee doelen: het garanderen van de voedselvoorziening voor de Nederlandse bevolking (via het bonnensysteem) en het efficiënt kunnen exporteren van Nederlandse landbouwproducten naar Duitsland ten behoeve van de Duitse oorlogseconomie. Zonder de hier besproken toelating was professionele handel in groenten en fruit nagenoeg onmogelijk of illegaal ("zwarte handel"). B. Felthuis J. Buis