Archief 745
Inventaris 745-275
Pagina 404
Dossier 24
Jaar 1939
Stadsarchief

Officiële waarschuwingsbrief van een overheidsinstantie.

16 februari 1939. Van: Marktwezen Amsterdam. Aan: Mw. R. Polak-Abram, Raamgracht 25 II, Amsterdam-Centrum.

Origineel

Officiële waarschuwingsbrief van een overheidsinstantie. 16 februari 1939. Marktwezen Amsterdam. Mw. R. Polak-Abram, Raamgracht 25 II, Amsterdam-Centrum. MARKTWEZEN AMSTERDAM HG.
Verzonden 16/2 [handschrift]

TELEFOONNUMMER 85151
VERZOEKE BIJ BEANTWOORDING DATUM EN NUMMER TE VERMELDEN

No. 25/28/3 M.
BIJLAGE ————————
ONDERWERP: ————————

AMSTERDAM (W.) 16 Februari 1939.
JAN VAN GALENSTRAAT 14

AAN Mw. R. Polak-Abram,
Raamgracht 25 II,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 3.

Aangezien U gedurende langer dan drie weken in gebreke is gebleven, om het marktgeld, verschuldigd voor Uw plaats op de markt Albert Cuypstraat te betalen, waarschuw ik U hierbij, dat U alsnog vóór 19 Februari a.s. aan Uw verplichting moet voldoen.

Ik wijs U er met nadruk op, dat, indien U langer in gebreke blijft, de U verleende vaste plaats, ingevolge artikel 11 van het Reglement op de Markten, met ingang van 20 Februari a.s. onherroepelijk wordt ingetrokken.

Indien een geldige reden U verhindert, om aan Uw verplichtingen te voldoen (bijvoorbeeld omdat U steun geniet; in een ziekenhuis wordt verpleegd, enz.) dient U onmiddellijk mijn dienst hiervan in kennis te stellen, omdat dan kan worden voorkomen, dat de intrekking plaatsvindt.

De Directeur,

[Onderaan links:] A.Z. MODEL NO. 8. 10.000-6-'38-1633. Deze brief is een formeel ultimatum van de afdeling Marktwezen van de gemeente Amsterdam. De toon is zakelijk en dwingend. Mevrouw Polak-Abram wordt gesommeerd om binnen drie dagen (vóór 19 februari) haar achterstallige marktgeld voor haar plek op de Albert Cuypstraat te betalen. Indien zij dit niet doet, zal zij haar vaste standplaats onherroepelijk verliezen op 20 februari.

Opmerkelijk is de expliciete vermelding van uitzonderingsgronden: indien de ontvanger "steun geniet" (een uitkering ontvangt) of in het ziekenhuis ligt, kan de intrekking voorkomen worden. Dit getuigt van de sociale bureaucratie van die tijd, waarbij men enerzijds streng was op regels, maar anderzijds rekening hield met aantoonbare overmacht binnen het sociale stelsel. De brief dateert uit februari 1939, een periode van grote economische en politieke spanning, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Albert Cuypmarkt was toen al een van de belangrijkste markten van Amsterdam, waar veel Joodse kooplui hun brood verdienden.

De achternaam "Polak-Abram" duidt zeer waarschijnlijk op een Joodse achtergrond. In de jaren '30 werden veel Joodse gezinnen in Amsterdam-Centrum geconfronteerd met toenemende armoede en economische beperkingen. Documenten zoals deze geven inzicht in de dagelijkse overlevingsstrijd van kleine zelfstandigen in de vooroorlogse jaren en de strikte wijze waarop de gemeente Amsterdam marktvergunningen en betalingen beheerde. De locatie van het Marktwezen aan de Jan van Galenstraat verwijst naar de Centrale Markthallen, die in 1934 waren geopend.

Samenvatting

Deze brief is een formeel ultimatum van de afdeling Marktwezen van de gemeente Amsterdam. De toon is zakelijk en dwingend. Mevrouw Polak-Abram wordt gesommeerd om binnen drie dagen (vóór 19 februari) haar achterstallige marktgeld voor haar plek op de Albert Cuypstraat te betalen. Indien zij dit niet doet, zal zij haar vaste standplaats onherroepelijk verliezen op 20 februari.

Opmerkelijk is de expliciete vermelding van uitzonderingsgronden: indien de ontvanger "steun geniet" (een uitkering ontvangt) of in het ziekenhuis ligt, kan de intrekking voorkomen worden. Dit getuigt van de sociale bureaucratie van die tijd, waarbij men enerzijds streng was op regels, maar anderzijds rekening hield met aantoonbare overmacht binnen het sociale stelsel.

Historische Context

De brief dateert uit februari 1939, een periode van grote economische en politieke spanning, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Albert Cuypmarkt was toen al een van de belangrijkste markten van Amsterdam, waar veel Joodse kooplui hun brood verdienden.

De achternaam "Polak-Abram" duidt zeer waarschijnlijk op een Joodse achtergrond. In de jaren '30 werden veel Joodse gezinnen in Amsterdam-Centrum geconfronteerd met toenemende armoede en economische beperkingen. Documenten zoals deze geven inzicht in de dagelijkse overlevingsstrijd van kleine zelfstandigen in de vooroorlogse jaren en de strikte wijze waarop de gemeente Amsterdam marktvergunningen en betalingen beheerde. De locatie van het Marktwezen aan de Jan van Galenstraat verwijst naar de Centrale Markthallen, die in 1934 waren geopend.

Gerelateerde Documenten 6