Archief 745
Inventaris 745-369
Pagina 434
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Getypte brief/ambtelijk schrijven.

13 juli 1942. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst Marktwezen). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Amsterdam (gezien de straatnamen). Dossier: 605

Origineel

Getypte brief/ambtelijk schrijven. 13 juli 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst Marktwezen). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Amsterdam (gezien de straatnamen). Extra
S/HB.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

20/33/4 M. 1. 13 Juli 1942.

Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 30 Juni j.l.
onder No. 605 L.M. 1942 om advies ontvangen stuk, heb ik de eer U het
volgende te berichten.
De aanklacht van P. Lindeman tegen D. Blom, Rozendwarsstraat,
werd door den contrôleur Boon onmiddellijk voor verder onderzoek aan
den Centralen Crisis Contrôle Dienst doorgegeven. Een soortgelijke
aanklacht, welke zich in den afgelopen winter voordeed, betrof echter
P. Blom, Elandsstraat. Ook deze zaak, werd, zooals te doen gebruikelijk
door contrôleur Boon bij den Centralen Crisis Contrôle Dienst aange-
geven, Zelfs heeft Boon de Centrale Crisis Contrôle Dienst bij haar
onderzoek geassisteerd; resultaten heeft dit onderzoek echter niet op-
geleverd. Een rapport werd bij mij niet ingediend. De betreffende me-
dedeeling van den Nederlandschen Landstand, berust blijkbaar op een
misverstand. Boon ontkent deze mededeeling te hebben gedaan, terwijl
Malling, die eveneens door mij gehoord werd, verklaarde dat niet ge-
sproken is van de Directie van het Marktwezen, maar dat hij begrepen
heeft, dat aangifte werd gedaan bij den Centralen Crisis Contrôle
Dienst. Lindeman, die ik eveneens gehoord heb, verklaarde, dat zijn
meening als zou de zaak aan den Directeur van het Marktwezen zijn
gerapporteerd, op een misverstand berustte.
Tenslotte deel ik U mede, dat aan alle eventueel strafbare
feiten, die mij ter kennis komen, de volle aandacht wordt besteed.

De Directeur, Deze brief betreft een reactie van de Directeur van het Marktwezen aan de Wethouder voor de Levensmiddelen over een klacht van een zekere P. Lindeman. Lindeman beschuldigde D. Blom (uit de Rozendwarsstraat) van onregelmatigheden, vermoedelijk gerelateerd aan de distributie of handel in levensmiddelen (gezien de betrokken instanties).

Uit het schrijven blijkt een bureaucratische verwarring:
1. Bevoegdheid: De directeur verduidelijkt dat klachten direct worden doorgezet naar de Centrale Crisis Contrôle Dienst (CCD), de instantie die tijdens de oorlog toezag op de naleving van de distributieregels en de bestrijding van de zwarte handel.
2. Verwarring tussen personen: Er wordt gerefereerd aan een eerdere, vruchteloze zaak tegen een P. Blom uit de Elandsstraat.
3. Miscommunicatie: Er is sprake van een vermeende mededeling van de Nederlandsche Landstand (een nationaalsocialistische organisatie voor de landbouw). De directeur stelt dat beweringen dat er een officieel rapport bij de Directie Marktwezen zou liggen, op een misverstand berusten. Getuigenverklaringen van contrôleur Boon en de heer Malling ondersteunen dit.

De toon van de brief is formeel en verdedigend; de directeur benadrukt dat zijn dienst correct heeft gehandeld door de zaak aan de juiste opsporingsinstantie (de CCD) over te dragen. Het document dateert van juli 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Dit was een periode van toenemende schaarste en strikte rantsoenering.

  • De CCD (Centrale Crisis Contrôle Dienst): Deze dienst was berucht en gevreesd. Zij moesten woekerprijzen en de zwarte markt bestrijden. Dat een burger (Lindeman) een ander aangeeft, was in deze tijd niet ongebruikelijk, vaak ingegeven door persoonlijke vetes of frustratie over voedselgebrek.
  • De Nederlandsche Landstand: De oprichting van deze organisatie in 1941 was bedoeld om de Nederlandse landbouw volledig onder controle van de bezetter te brengen. Dat zij zich bemoeiden met klachten over lokale handelaren, wijst op de politieke gelaagdheid van toezicht in die tijd.
  • Locatie: De genoemde straten (Rozendwarsstraat, Elandsstraat) liggen in de Jordaan in Amsterdam, een wijk die tijdens de bezetting zwaar getroffen werd door armoede en waar de zwarte handel welig tierde.
  • Wethouder voor de Levensmiddelen: In Amsterdam was dit in 1942 de NSB-wethouder Jan Smit (na de verwijdering van democratisch gekozen bestuurders door de bezetter). D. Blom P. Blom P. Lindeman Marktwezen NSB

Samenvatting

Deze brief betreft een reactie van de Directeur van het Marktwezen aan de Wethouder voor de Levensmiddelen over een klacht van een zekere P. Lindeman. Lindeman beschuldigde D. Blom (uit de Rozendwarsstraat) van onregelmatigheden, vermoedelijk gerelateerd aan de distributie of handel in levensmiddelen (gezien de betrokken instanties).

Uit het schrijven blijkt een bureaucratische verwarring:
1. Bevoegdheid: De directeur verduidelijkt dat klachten direct worden doorgezet naar de Centrale Crisis Contrôle Dienst (CCD), de instantie die tijdens de oorlog toezag op de naleving van de distributieregels en de bestrijding van de zwarte handel.
2. Verwarring tussen personen: Er wordt gerefereerd aan een eerdere, vruchteloze zaak tegen een P. Blom uit de Elandsstraat.
3. Miscommunicatie: Er is sprake van een vermeende mededeling van de Nederlandsche Landstand (een nationaalsocialistische organisatie voor de landbouw). De directeur stelt dat beweringen dat er een officieel rapport bij de Directie Marktwezen zou liggen, op een misverstand berusten. Getuigenverklaringen van contrôleur Boon en de heer Malling ondersteunen dit.

De toon van de brief is formeel en verdedigend; de directeur benadrukt dat zijn dienst correct heeft gehandeld door de zaak aan de juiste opsporingsinstantie (de CCD) over te dragen.

Historische Context

Het document dateert van juli 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Dit was een periode van toenemende schaarste en strikte rantsoenering.

  • De CCD (Centrale Crisis Contrôle Dienst): Deze dienst was berucht en gevreesd. Zij moesten woekerprijzen en de zwarte markt bestrijden. Dat een burger (Lindeman) een ander aangeeft, was in deze tijd niet ongebruikelijk, vaak ingegeven door persoonlijke vetes of frustratie over voedselgebrek.
  • De Nederlandsche Landstand: De oprichting van deze organisatie in 1941 was bedoeld om de Nederlandse landbouw volledig onder controle van de bezetter te brengen. Dat zij zich bemoeiden met klachten over lokale handelaren, wijst op de politieke gelaagdheid van toezicht in die tijd.
  • Locatie: De genoemde straten (Rozendwarsstraat, Elandsstraat) liggen in de Jordaan in Amsterdam, een wijk die tijdens de bezetting zwaar getroffen werd door armoede en waar de zwarte handel welig tierde.
  • Wethouder voor de Levensmiddelen: In Amsterdam was dit in 1942 de NSB-wethouder Jan Smit (na de verwijdering van democratisch gekozen bestuurders door de bezetter).

Genoemde Personen 3

Locaties

De genoemde straten (Rozendwarsstraat Elandsstraat) liggen in de Jordaan in Amsterdam een wijk die tijdens de bezetting zwaar getroffen werd door armoede en waar de zwarte handel welig tierde.

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente Kruidenier (Droog): Meel Olie & Techniek: Olie Olie & Techniek: Vet Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Lever Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen NSB

Gerelateerde Documenten 6