Officieel rapport (getypt).
Origineel
Officieel rapport (getypt). 25 juli 1942. Controleur Felthuis. Den Heer Bedrijfschef van het Marktwezen. R A P P O R T
(onderstreept)
Ingevolge Uw opdracht heb ik, ondergetekende, controleur Felthuis, op Zaterdag 25 Juli 1942 gecontroleerd in de Jacob van Campen-straat en geconstateerd, dat J. De Rooy, wonende 1e Jacob van Campenstraat 24 huis, aldaar kleinhandel in groenten uitoefende hetgeen mij bleek, uit het feit, dat hij van een handkar groenten en fruit verkocht aan enkele vrouwen. Bij onderzoek is mij gebleken, dat de Rooy in het bezit was van een geldige toegangskaart voor de Centrale Markt als kooper en in het bezit van een erkenning als kleinhandelaar in groenten en fruit onder K.56777. Dat hij, zooals werd vermoed, vanuit zijn woning groenten verkocht is door mij niet geconstateerd. Waar de Rooy vaste standplaatshouder is op de dagmarkt aan de Albert Cuypstraat, heb de verkoop voor zijn huis doen staken en hem naar zijn standplaats verwezen, waaraan hij terstond gevolg heeft gegeven. Een bepaalde overtreding heb ik niet geconstateerd.
Amsterdam 25 Juli 1942
Controleur,
(getekend) B. Felthuis
Den Heer Bedrijfschef
van het Marktwezen.
(Handgeschreven paraaf in zwarte inkt)
(Stempel/Handgeschreven:) Nº 2c / 55 / 1 M. 1942 27/7
(Handgeschreven in rode inkt:) opl 81 (of vergelijkbaar dossierkenmerk) In dit rapport doet controleur Felthuis verslag van een inspectie naar aanleiding van een vermoeden van illegale handel vanuit een woning. De controle vindt plaats op zaterdag 25 juli 1942 in de 1e Jacob van Campenstraat te Amsterdam.
De bevindingen zijn als volgt:
1. Vaststelling: J. De Rooy verkocht inderdaad groenten en fruit op straat vanaf een handkar voor zijn woning.
2. Legitimiteit: De Rooy bleek een geregistreerde handelaar (erkenning K.56777) met toegang tot de Centrale Markt. Hij was dus geen "beunhaas" of zwarte handelaar in de volledige zin van het woord.
3. Onjuiste locatie: De Rooy had een vaste standplaats op de nabijgelegen Albert Cuypmarkt. Het verkopen voor zijn eigen deur was technisch gezien niet toegestaan volgens zijn vergunning.
4. Conclusie: Omdat De Rooy direct gehoor gaf aan de sommatie om naar de markt te gaan en er geen bewijs was voor verkoop vanuit de woning (wat een ernstiger overtreding van de distributiewetten zou zijn), besluit de controleur dat er geen sprake is van een beboetbare overtreding. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de handel in levensmiddelen strikt gereguleerd door het distributiestelsel om schaarste te beheersen en de zwarte markt in te dammen.
Het "Marktwezen" was de gemeentelijke instantie die toezag op de naleving van de regels op de markten. Controleurs zoals Felthuis hielden scherp toezicht op waar en door wie handel werd gedreven. De Jacob van Campenstraat ligt in de directe nabijheid van de Albert Cuypmarkt; handelaren probeerden soms de drukte of de marktgelden te ontwijken door buiten de officiële marktterreinen te verkopen.
De administratieve stempel "M. 1942 27/7" geeft aan dat het rapport twee dagen na het incident is verwerkt door de centrale administratie. De welwillendheid van de controleur ("geen bepaalde overtreding geconstateerd") suggereert dat men in 1942, ondanks de strenge regels, bij geregistreerde handelaren soms nog koos voor een waarschuwing in plaats van direct over te gaan tot vervolging, mits de handelaar direct meewerkte. B. Felthuis Felthuis (Controleur) J. De Marktwezen