Archiefdocument
Origineel
[Handgeschreven rechtsboven:] W Müller
[Handgeschreven middenboven:] Verzonden 11/3
VD/HG.
3/2/3 M.
10 Maart 1942.
Diefstal rijwiel contrôleur J.C.N. Helsloot.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat de contrôleur J.C.N. Helsloot van mijn dienst mij heeft medegedeeld, dat een door het Marktwezen van de N.V. "Simplex" gehuurd rijwiel, hetwelk aan dezen contrôleur in gebruik was gegeven, op 5 Januari jl., toen Helsloot des avonds van zijn huis naar de Centrale Markt op weg was om daar zijn dienst aan te vangen, op het moment, dat hij van een urinoir gebruik maakte, is gestolen; het rijwiel stond "op slot". Van een en ander is aangifte gedaan bij de Politie, terwijl ingevolge het bepaald in den brief van den Burgemeester d.d. 13 Januari jl. No. IV B/107a op 3 Februari 1942 mededeeling is gedaan aan de Afdeeling Assurantiezaken en W.A.
Het rijwiel had bij den aanvang van de huur een waarde van ƒ 50,-; volgens mededeeling van de N.V. "Simplex" bedroeg deze waarde op het tijdstip van de diefstal nog ƒ 39,18, welk bedrag door mijn dienst aan genoemde N.V. moet worden vergoed. Ik heb getracht, dit bedrag te verhalen op den contrôleur, die naar mijn meening voor het rijwiel aansprakelijk is, doch deze contrôleur maakt hiertegen bezwaar op het motief, dat het rijwiel in diensttijd is ontvreemd, zoodat de schade door rekening van den dienst behoort te komen.
Ik verzoek U beleefd hieromtrent het oordeel in te winnen van Uw Ambtgenoot voor de Arbeidszaken en mij daarna mede te deelen, hoe ten deze moet worden gehandeld.
De Directeur,
--- Dit document is een ambtelijke brief waarin een conflict over aansprakelijkheid wordt voorgelegd aan de wethouder. De kern van de zaak is de diefstal van een gehuurde dienstfiets van het merk "Simplex".
De feiten op een rij:
* Incident: De diefstal vond plaats op 5 januari 1942 terwijl contrôleur Helsloot onderweg was naar zijn werk bij de Centrale Markt en kort stopte bij een urinoir.
* Conflict: De directeur van de dienst vindt dat de werknemer nalatig is geweest en wil de resterende waarde van de fiets (ƒ 39,18) op hem verhalen. De werknemer weigert dit, omdat hij stelt dat de diefstal tijdens diensttijd plaatsvond en het risico dus bij de werkgever ligt.
* Procedure: Er is reeds aangifte gedaan bij de politie en de afdeling verzekeringen. De directeur vraagt nu om een politieke beslissing/juridisch oordeel van de wethouders van Levensmiddelen en Arbeidszaken.
Het document typeert de rigide bureaucratie van die tijd, waarbij zelfs een relatief klein bedrag van net geen 40 gulden tot op het hoogste gemeentelijke niveau geëscaleerd wordt.
--- De datum, 10 maart 1942, plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode waren fietsen (rijwielen) schaars en kostbaar, mede door de vordering van metaal en rubber door de bezetter. Diefstal van fietsen kwam dan ook veelvuldig voor.
De Wethouder voor de Levensmiddelen in Amsterdam (destijds een cruciale post vanwege de distributie en schaarste) was in deze periode de NSB'er Jan Christiaan Marie (Jan) de Vrieze, alhoewel de brief zich richt tot het ambt. De Centrale Markt (nu het Food Center Amsterdam) was het logistieke hart van de voedselvoorziening in de stad.
De vermelding van N.V. Simplex is interessant; dit was een bekende Nederlandse rijwielfabriek uit Amsterdam. De waarde van 50 gulden voor een nieuwe huurfiets en de restwaarde van bijna 40 gulden geven een goed beeld van de toenmalige prijzen. De discussie over "diensttijd" en aansprakelijkheid toont aan dat arbeidsrechtelijke kwesties, zelfs onder het bewind van de bezetter, via de weg der geleidelijkheid en ambtelijke correspondentie werden afgehandeld. J.C.N. Helsloot N.V. Simplex W.A. Marktwezen NSB Politie