Handgeschreven verzoekschrift / brief.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift / brief. 1939 (gebaseerd op de paarse stempel "M. 1939"). S. Salomons, Gerard Doustraat 188-II (z), Amsterdam. No 25/42/1 M. 1939 3/3
Mynheer
Daar ik, een kaart heeft ontvange[n]
van het Marktwezen, dat myn inschry-
ving op de in art: 5 van het reglement
op de markten genoemden sollicitanten "
lijst te doen doorhalen, de rede zou
zijn, dat ik de markt, een lange tijd
ben weg gebleven, wegens, dat het erg
slecht gaat, gaarne had ik van Uw
ge’eerde hulp in deze, om, en naby
1 maand uitstel, om dan weer in
de Albert Cuipstraat op de markt
te kunnen staan. Byvoorbaat
mijn innige dank.
S. Salomons.
Gerard Doustraat 188 II
(z)
Amsterdam De brief is een persoonlijk verzoek gericht aan de dienst van het Marktwezen in Amsterdam. De afzender, S. Salomons, heeft bericht ontvangen dat zijn/haar inschrijving op de 'sollicitantenlijst' (de wachtlijst voor een vaste marktplaats) dreigt te vervallen op grond van artikel 5 van het marktreglement. De reden voor deze sanctie is dat de betrokkene gedurende langere tijd niet op de markt is verschenen.
Salomons geeft als reden voor deze afwezigheid aan dat het "erg slecht gaat", wat duidt op financiële nood of persoonlijke tegenspoed. Er wordt expliciet gevraagd om een respijtperiode van ongeveer een maand om de zaken op orde te krijgen, met het doel daarna de handel op de Albert Cuypmarkt te hervatten. De toon van de brief is formeel en beleefd ("ge'eerde hulp", "innige dank"). Het document stamt uit 1939, een jaar van grote economische en politieke spanning in Nederland, kort voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Albert Cuypmarkt was in die tijd al een centrale plek voor de Amsterdamse handel.
De Gerard Doustraat ligt in de wijk De Pijp, direct achter de Albert Cuypstraat. De naam Salomons wijst mogelijk op een Joodse achtergrond van de afzender; een grote groep Joodse Amsterdammers woonde en werkte in die tijd in deze buurt. Voor veel kleine handelaren betekende het verlies van een marktinschrijving het definitieve verlies van hun enige bron van inkomsten.