Ambtsbericht/Circulaire (onderdeel van een groter geheel, pagina bevat punten 11 t/m 14).
Origineel
Ambtsbericht/Circulaire (onderdeel van een groter geheel, pagina bevat punten 11 t/m 14). 11. Premie Ziekenfondsenbesluit.
Deze bedraagt voor 1942 evenals ten vorigen jare 4 % van het loon in den zin der Ziektewet, waarvan 2 % op de loonen wordt ingehouden.
Onder loon in den zin der Ziektewet wordt niet de kindertoeslag krachtens een gemeenteregeling begrepen, zoodat hiervan noch krachtens de Ziektewet, noch krachtens het Ziekenfondsenbesluit premie is verschuldigd.
12. Inlevering schutbladen.
De schutbladen van ledige couponboekjes opgebruikt in 1941, dienen voor zoover nog niet geschied, ten spoedigste tegen reçu te worden ingeleverd op Kamer 208 ten Raadhuize.
De waarde dezer schutbladen komt in mindering op de verschuldigde premie ingevolge het Ziekenfondsenbesluit over 1941.
13. Premie Kinderbijslagwet.
Hiervoor komen in aanmerking de arbeidscontractanten, wier loon niet is vastgesteld op het loon krachtens het werklieden- of ambtenarenreglement, doch volgens de zgn. besteksbepalingen. Hiertoe behooren ook de sneeuwruimers bij de Stadsreiniging en de ,,losse'' schoonmaaksters.
Deze personen komen dus op de lijst, waarboven staat : ,,arb.contr. aangesteld volgens besteksbepalingen''.
Evenzoo valt hieronder het personeel van den vasten kern bij den Luchtbeschermingsdienst. De over wachtdagen krachtens de ziekte- of ongevallenwet aan het Luchtbeschermingspersoneel uitgekeerde bedragen van 80 % van het loon worden niet in het nettoloon opgenomen, doch in de kolom ,,Ziekengeld'' geboekt.
De premie bedraagt, ook voor 1942, 1 % van het verzekerde loon.
14. Slotopmerking.
Indien geen personen, als vorenbedoeld bij Uw dienst werkzaam waren, zal ik dit gaarne vernemen, door middel van een aanteekening op de terug te zenden lijsten.
Eventueel nog gewenschte inlichtingen, met betrekking tot het inleveren of invullen dezer lijsten, zullen gaarne worden gegeven bij telefonische aanvraag aan mijn afdeeling, kamer 208, (toestel 480) Raadhuize.
De Directeur der afdeeling Arbeidszaken,
HUBERTS.
[Handgeschreven berekening linksonder:]
11,3
40
51,3
22
29,3
45.- Het document is een instructie voor interne gemeentelijke diensten betreffende de loonadministratie en sociale verzekeringen.
- Punt 11: Verduidelijkt de premieheffing voor het Ziekenfonds. Opvallend is dat de gemeentelijke kindertoeslag expliciet wordt vrijgesteld van premieheffing.
- Punt 12: Wijst op een overgangssysteem in de administratie. In de jaren '40 werkten sociale verzekeringen vaak met plakzegels en couponboekjes. De schutbladen hiervan hadden een geldelijke waarde die verrekend kon worden met de premies.
- Punt 13: Richt zich op specifieke groepen werknemers die buiten de reguliere ambtenarenreglementen vielen, zoals tijdelijk personeel (sneeuwruimers) en de Luchtbeschermingsdienst. Hier wordt een premie van 1% voor de Kinderbijslagwet vastgesteld.
-
Taalgebruik: Het document hanteert de toen gebruikelijke formele spelling (zoals "vorigen jare", "den zin", "zoodat"). Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Hoewel het een puur administratief karakter heeft, zijn de sporen van de oorlogstijd duidelijk zichtbaar:
-
Ziekenfondsenbesluit 1941: In november 1941 voerde de bezetter het Ziekenfondsenbesluit in, wat de basis legde voor het verplichte ziekenfondssysteem in Nederland. Dit document regelt de praktische uitvoering hiervan voor 1942.
- Luchtbeschermingsdienst (LBD): Het noemen van personeel van de Luchtbeschermingsdienst is kenmerkend voor de oorlogssituatie. De LBD was een civiele organisatie die hulp moest bieden bij luchtaanvallen.
- Crisiswerkzaamheden: De vermelding van "sneeuwruimers bij de Stadsreiniging" wijst op de inzet van losse arbeiders voor zware handarbeid, vaak in het kader van werkverschaffing of noodzakelijk onderhoud in de wintermaanden.
- Administratieve continuïteit: Ondanks de bezetting bleef de gemeentelijke bureaucratie nauwgezet functioneren, waarbij de integratie van nieuwe sociale wetgeving (zoals de Kinderbijslagwet uit 1939/1941) gewoon doorgang vond.