Uittreksel (extract) uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam.
Origineel
Uittreksel (extract) uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam. 12 februari 1943. [Links gestempeld en handgeschreven:] Nº 8A/42/13 M. 1942 22/2
[Rechtsboven handgeschreven:] Marktw.
No. 31/10 L.M. 1942 Aanvulling besluit inzake de
bevordering tot chef-marktopzich-
ter van F.W. Streer Jr.
**E x t r a c t**
**uit het Boek der Besluiten**
**van den Burgemeester van Amsterdam**
**Vrijdag, 12 Februari 1943.**
**Op voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch-**
en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen wordt het volgende
besluit genomen :
De Burgemeester van Amsterdam,
Gezien het rapport van den Directeur van den Dienst van het
Marktwezen d.d. 22 Januari 1943 No. 8A/42/12 M'42;
Gelet op zijn besluit van 25 September 1942 No. 31/10 LM. 1942
inzake de bevordering tot chef-marktopzichter van den heer
F.W. Streer Jr. (No. 21) die tot dusver marktopzichter was;
B e s l u i t :
bovengenoemd besluit aan te vullen met de woorden : "zulks onder
handhaving van het hem ter beschikking gesteld bedrag ad ƒ 75.-
per jaar voor de bestrijding van de kosten van uniformkleeding." Dit document is een officieel administratief besluit waarin een eerdere aanstelling wordt verfijnd. De kern van het besluit is financieel-administratief: het bevestigen dat een onlangs bevorderde ambtenaar, de heer F.W. Streer Jr., recht behoudt op zijn jaarlijkse vergoeding van 75 gulden voor zijn uniform.
Opvallende elementen:
* Formele structuur: Het volgt de klassieke opbouw van een overheidsbesluit ("Gezien...", "Gelet op...", "Besluit...").
* Portefeuille: De wethouder die het voorstel doet, beheert een opvallende combinatie van taken: Levensmiddelen gecombineerd met hygiëne-instellingen (wasch-, bad- en zweminrichtingen).
* Archivering: De veelheid aan nummers en codes wijst op een nauwkeurig bijgehouden administratie binnen het Amsterdamse stadhuis. Het document dateert van 12 februari 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog. Nederland was bezet en Amsterdam stond onder leiding van de door de bezetter benoemde burgemeester Edward Voûte.
Hoewel de inhoud van het document op het eerste gezicht triviaal lijkt (een kledingvergoeding), biedt het context over het dagelijks bestuur in oorlogstijd:
1. Dienst van het Marktwezen: In een tijd van schaarste en distributie was het toezicht op markten en levensmiddelenvoorziening van vitaal belang voor de stad. Een "chef-marktopzichter" had daarin een verantwoordelijke rol.
2. Continuïteit: Het toont aan dat de bureaucratische molen van de gemeente Amsterdam, ondanks de bezetting, op gedetailleerd niveau bleef doorwerken volgens bestaande regels en procedures.
3. Economie: Het bedrag van 75 gulden per jaar voor uniformkosten geeft een indicatie van de toenmalige waardestelling en ambtenarenvoorwaarden.