Extract uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam.
Origineel
Extract uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam. 22 januari 1943. [Linksboven, gestempeld/geschreven:]
№ 80/8/4 M. 1942 10/2
[Rechtsboven, handgeschreven:]
Markten
[Rechtsboven, getypt:]
Opnemen en herzien van oververdiensten in den pensioengrondslag werklieden Marktwezen.
[Midden, getypt:]
No. 31/3 L.M. 1943.
[Links, handgeschreven aantekeningen:]
geb. pers. [geparafeerd]
[Titel:]
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten
van den Burgemeester van Amsterdam,
Vrijdag, 22 Januari 1943.
Op voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen, wordt het volgende besluit genomen:
De Burgemeester van Amsterdam;
Gezien het rapport van den Directeur van het Marktwezen van 4 Januari 1943, No. 80/8/3 M.;
Gelet op het bepaalde in het Koninklijk Besluit van 5 December 1936 (S.354);
B e s l u i t :
gerekend te zijn ingegaan 1 Januari 1943, den pensioengrondslag van de op den bij dit besluit behoorenden staat vermelde werklieden in vasten dienst bij den Dienst van het Marktwezen – onder handhaving van hun weekloon –, in verband met het opnemen van een bedrag aan oververdiensten, dan wel het wijzigen van zoodanig bedrag, een en ander zooals in dien staat is aangegeven, nader vast te stellen op het bedrag als in de desbetreffende kolom van dezen staat onder het hoofd "Nieuwe toestand" achter ieders naam is vermeld.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeelingen Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (3 stuks) en Arbeidszaken (2 stuks), alsmede aan het Pensioenbureau (3 stuks).
WO
[Paraaf]
C.S. Stadhuis,
A'dam, 2-'43.
Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN Dit document is een officieel uittreksel van een besluit van de burgemeester van Amsterdam tijdens de bezettingsjaren. De kern van het besluit is een administratieve correctie op de pensioenopbouw van arbeiders ("werklieden") werkzaam bij het Marktwezen.
Het besluit regelt dat extra inkomsten (oververdiensten) voortaan meetellen voor de berekening van de pensioengrondslag. Dit gebeurt met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 1943. Hoewel het weekloon van de werknemers gelijk blijft, heeft deze wijziging positieve gevolgen voor hun uiteindelijke pensioenuitkering. Het document verwijst naar een specifieke lijst ("staat") met namen, die bij het originele besluit was gevoegd maar hier niet zichtbaar is.
De administratieve route is duidelijk zichtbaar: het voorstel kwam van de wethouder, er was advies van de directeur van de dienst, en het werd getoetst aan landelijke regelgeving (het Koninklijk Besluit van 1936). Hoewel de inhoud van het document puur technisch-administratief lijkt, is de datum (januari 1943) cruciaal. Nederland was op dat moment bezet door nazi-Duitsland. De burgemeester van Amsterdam op dat moment was Edward Voûte, die door de bezetter was aangesteld.
Het document illustreert dat het dagelijks bestuur van de stad Amsterdam, inclusief de complexe bureaucratie rondom pensioenen en marktwezen, onder de bezetting grotendeels bleef functioneren volgens bestaande Nederlandse wet- en regelgeving. De verwijzing naar de "Wethouder voor de Levensmiddelen" is kenmerkend voor de oorlogstijd, waarin de voedselvoorziening en distributie een van de belangrijkste en meest kritieke taken van het stadsbestuur waren geworden. De ondertekenaar, J.F. Franken, was de gemeentesecretaris die de continuïteit van de stedelijke administratie bewaakte.