Ambtelijke brief of concept-notitie.
Origineel
Ambtelijke brief of concept-notitie. 20 november [jaar onduidelijk, waarschijnlijk 1902 of 1942 gezien de referentie naar 'G.G.']. [Mth hu]
Ingevolge Uw opdracht is aan
houders van standplaatsen buiten de
markten, die ingevolge de maatregel
van den G.G. hun plaats verloren
hebben, geen standplaats op de
markten gegeven.
Hoewel het de vraag is hoe
Hermanus van Dijk gezien zijn
geestestoestand, zal reageeren
op een drukke marktomgeving,
bestaat enerzijds geen bezwaar om
~~bij~~ bij wijze van
proef aan gepretendeerde, in
afwijking van Uw bovenbedoelde
opdracht, een plaats op
een der markten te geven.
Gaarne zie ik Uw bericht
dienaangaande tegemoet.
v.m.
T Dep. v.d. Landbouw
20/XI/2
20 Het document is een ambtelijk advies over het toewijzen van een marktplaats. De schrijver refereert eerst aan een algemene instructie: wie zijn plek buiten de officiële markten verloor door een maatregel van de Gouverneur-Generaal (G.G.), krijgt in principe geen nieuwe plek op de markt.
Vervolgens wordt er een uitzondering beargumenteerd voor een zeker individu, Hermanus van Dijk. Er wordt expliciet melding gemaakt van zijn "geestestoestand" en de onzekerheid over hoe hij op drukte zal reageren. Desondanks adviseert de schrijver om hem "bij wijze van proef" toch een plek toe te wijzen, wat een afwijking (discrepantie) inhoudt van de eerder genoemde opdracht. De afkorting G.G. staat voor de Gouverneur-Generaal, de hoogste gezagsdrager in Nederlands-Indië. Dit duidt erop dat het document afkomstig is uit de koloniale administratie. De vermelding "T Dep. v.d. Landbouw" onderaan bevestigt dat de kwestie onder de verantwoordelijkheid van het Departement van Landbouw viel, dat destijds ook toezicht hield op marktzaken en economische bedrijvigheid. De casus illustreert hoe de koloniale overheid op individueel niveau omging met personen met een psychische kwetsbaarheid ("geestestoestand") binnen een strikt bureaucratisch kader.
Samenvatting
Het document is een ambtelijk advies over het toewijzen van een marktplaats. De schrijver refereert eerst aan een algemene instructie: wie zijn plek buiten de officiële markten verloor door een maatregel van de Gouverneur-Generaal (G.G.), krijgt in principe geen nieuwe plek op de markt.
Vervolgens wordt er een uitzondering beargumenteerd voor een zeker individu, Hermanus van Dijk. Er wordt expliciet melding gemaakt van zijn "geestestoestand" en de onzekerheid over hoe hij op drukte zal reageren. Desondanks adviseert de schrijver om hem "bij wijze van proef" toch een plek toe te wijzen, wat een afwijking (discrepantie) inhoudt van de eerder genoemde opdracht.
Historische Context
De afkorting G.G. staat voor de Gouverneur-Generaal, de hoogste gezagsdrager in Nederlands-Indië. Dit duidt erop dat het document afkomstig is uit de koloniale administratie. De vermelding "T Dep. v.d. Landbouw" onderaan bevestigt dat de kwestie onder de verantwoordelijkheid van het Departement van Landbouw viel, dat destijds ook toezicht hield op marktzaken en economische bedrijvigheid. De casus illustreert hoe de koloniale overheid op individueel niveau omging met personen met een psychische kwetsbaarheid ("geestestoestand") binnen een strikt bureaucratisch kader.