Officieel afschrift van een besluit van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Officieel afschrift van een besluit van de Gemeente Amsterdam. 30 april 1942. De Burgemeester van Amsterdam (E.J. Voûte). De heer A. Mohr, Noorderkerkstraat 16 I, Amsterdam. Nº 21/8/2 M. 1942 30/4
GEMEENTE AMSTERDAM
Afschrift.
Markten
[handgeschreven in blauwe inkt: m/v Dir / Th. Müller]
Aan den Heer A. Mohr
Noorderkerkstraat 16 I
L.M. 55/4/1942
30 April 1942.
Ik deel U mede te hebben besloten, U op gronden van billijkheid kwijtschelding van brandstoffenmarktgeld te verleenen tot een bedrag groot ƒ 60.90.
EB
De Burgemeester van Amsterdam,
(get.) Voûte
Voor eensluidend afschrift,
de Gemeentesecretaris,
[handtekening in blauwe inkt: J. F. Franken]
de Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN Dit document is een formeel bericht van de gemeente Amsterdam aan een burger, de heer A. Mohr. De kern van de boodschap is dat de burgemeester heeft besloten om een openstaande schuld van 60,90 gulden aan "brandstoffenmarktgeld" kwijt te schelden. De opgegeven reden hiervoor is "billijkheid", wat impliceert dat een strikte handhaving van de betalingsplicht in dit specifieke geval als onrechtvaardig of onredelijk werd beschouwd door het bestuur.
Het betreft een "afschrift", een officiële kopie van het originele besluit. Het is gecertificeerd door de gemeentesecretaris, J.F. Franken, wiens handtekening de echtheid van de kopie bevestigt ("Voor eensluidend afschrift"). De typografische opmaak is kenmerkend voor ambtelijke correspondentie uit de vroege jaren '40, met gebruik van de oude spelling (bijv. "verleenen", "den Heer"). Het document dateert van 30 april 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De burgemeester die in de tekst wordt genoemd, Edward Voûte, was door de bezetter aangesteld en bleef aan tot de bevrijding. De Noorderkerkstraat bevindt zich in de Amsterdamse Jordaan.
De term "brandstoffenmarktgeld" verwijst naar een specifieke lokale belasting of heffing gerelateerd aan de handel in brandstoffen (zoals kolen of hout) op de Amsterdamse markten. Gezien de datum (1942) was er al sprake van grote schaarste en distributie van brandstoffen. Een bedrag van 60,90 gulden was in die tijd aanzienlijk (vergelijkbaar met ongeveer een maandsalaris voor een ongeschoolde arbeider), wat de kwijtschelding voor de ontvanger zeer betekenisvol maakte. Het document toont aan dat de gemeentelijke bureaucratie, ondanks de oorlogsomstandigheden en het collaborerende bestuur, nog steeds reguliere administratieve en financiële beslissingen nam met betrekking tot individuele burgers.