Getypte brief met handtekening en stempel.
Origineel
Getypte brief met handtekening en stempel. 4 april 1942. L. Schipper, Brandstoffenhandel "Eureka", Clematisstraat 24, Amsterdam. (Opslagplaats: Papaverhoek). Het onderstaande is een letterlijke weergave van de getypte tekst, inclusief typefouten en spellingvariaties van de auteur.
Nº 21/13/1 M. 1942 10/4 4-4-42.
M.H. ,
Hiermede wilde ik uw het volgende vezoeken .Daar ik met mijn
Opslagplaats van Brandstoffen, voor de Rozenstraat lig op de
Prinsengracht met het Lichterschip 'Johanna, en de Brandstoffen
nog al schaars zijn word daar nog wel eens Brandstoffen
gestolen ~~z~~oodat als wij een zolderschuit met kolen aan krijgen
wij verplicht zijn deze des avonds bij afloop der werkzaamheden,
deze op zij van onze lichter te halen om dat euvel tegen te gaan,
dat gaat altijd goed, maar tegen over ons is de schuitenverhuurder
~~"rei~~ van den heer Penning, als deze heer nu een paar schuitenthuis
heeft dan legt hy deze twee naast elkaar zoo dat de scheepvaart
last van mijn schuit heeft, wat niet het geval zou zijn indien
de Firma Penning als ik daar mijn schuit neer leg er tegenover
inplaats van twee een schuit neer legt, temeer daar die schuiten
van hem steeds leeg zijn , dikwijls heb ik dit aan hem uitgelegt
maar steeds stuiten mijn verzoeken af met de volgende woorden .
Dan moeten julie je schuiten maar tegen de wal aan gooien .ik
mag hier tweedik liggen en ik haal voor julie niet weg.daarom
kwam ik met het vriendelijk verzoek, bij U of, U daar niets aan
doen kan voor mij, zoo dat ik teminste niet zoo als reeds herhalende
malen is gebeurt dat er des smorgens hele partijen brandstoffen
waren verdwenen, niet alleen dat dat soort Heren niet betale maar
ook de brandstoffenbonnen zijn wij dan kwijt, wat voor ons nog minder
aangenaam ishopende dat Uw hier een weg voor mij kunt vinden, dat
den Heer Penning voor die dagen dan daar maar een schuit neer
legt dan zou U mij daar een hoop moete mee besparen
Uw bij voorbaat reeds dankend verblijf ik met
Hoogachting
[Handtekening: L. Schipper]
[Stempel:]
L. SCHIPPER
Brandstoffenhandel
EUREKA
Clematisstr. 24 - Tel. 60298
Opslagpl. Papaverhoek In deze brief beklaagt brandstoffenhandelaar L. Schipper zich over een burenruzie aan de Prinsengracht die zijn bedrijfsvoering in gevaar brengt. Vanwege de oorlogsschaarste worden er regelmatig kolen gestolen. Om zijn voorraad te beveiligen, moet Schipper zijn geladen kolenschuit 's nachts direct naast zijn grotere lichterschip (de 'Johanna') afmeren.
De tegenoverliggende schuitenverhuurder, de heer Penning, weigert echter mee te werken. Penning legt zijn eigen (lege) schuiten "tweedik" (twee naast elkaar) in de gracht. Hierdoor wordt de doorvaart te nauw als Schipper zijn eigen schuit ook dubbel afmeert. Penning weigert ruimte te maken en stelt dat hij het recht heeft daar zo te liggen. Schipper verzoekt de instanties om bemiddeling, omdat hij door de diefstallen niet alleen kolen verliest, maar ook de kostbare distributiebonnen. Het document dateert uit april 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Deze context is essentieel voor het begrijpen van de urgentie van de brief:
- Schaarste en distributie: Brandstoffen zoals kolen waren streng gerantsoeneerd. De diefstal van "brandstoffenbonnen", waar Schipper naar verwijst, was een ramp voor een handelaar; zonder deze bonnen kon hij zijn voorraad niet legaal aanvullen.
- Criminaliteit: Door de toenemende armoede en tekorten nam de diefstal van primaire levensbehoeften (voedsel en brandstof) hand over hand toe. Het beveiligen van voorraden was een dagelijkse zorg.
- Binnenvaart in Amsterdam: De Prinsengracht was in die tijd nog een belangrijke verkeersader voor de bevoorrading van de stad met schuiten. De krapte op het water leidde vaak tot conflicten tussen ondernemers die elk hun eigen belang (verhuur versus opslag) verdedigden. L. Schipper Politie