Officiële brief (doorslag of kopie).
Origineel
Officiële brief (doorslag of kopie). 22 april 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten of een gerelateerde gemeentelijke instantie in Amsterdam). Den Heer M.J. v.d. Hoek, Nieuwe Looiersstraat 21 boven, Amsterdam-Centrum. [Handgeschreven, bovenkant midden:] Verzonden 23/4
[Handgeschreven, rechtsboven:] Inspecteur
HG.
den Heer M.J.v.d.Hoek,
Nieuwe Looiersstraat 21 bov.,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 4.
25/7/2 M.
22 April 1942.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 25 Maart jl. ver-
leen ik U hierbij tot wederopzegging toestemming zich op Uw plaats
op de Boom- en Bloemmarkt te laten assisteeren door J.de Vries, gebo-
ren 19 April 1907 en voor zoover dit in verband met Uw gezondheids-
toestand noodzakelijk is te doen vervangen.
De Directeur, Deze brief betreft een officiële vergunning voor een marktkraamhouder in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kernpunten zijn:
- Verzoek: De heer M.J. van der Hoek heeft op 25 maart 1942 verzocht om hulp of vervanging op de markt vanwege zijn gezondheidstoestand.
- Besluit: De directeur verleent toestemming "tot wederopzegging" (voorlopig).
- Inhoud: De heer J. de Vries (geboren in 1907) mag Van der Hoek assisteren of vervangen op zijn standplaats op de Boom- en Bloemmarkt.
- Locatie: De Boom- en Bloemmarkt bevond zich destijds aan de Amstel in Amsterdam.
- Administratie: De handgeschreven notitie "Verzonden 23/4" geeft aan dat de brief de dag na de type-datum is verstuurd. De term "Inspecteur" suggereert dat een kopie naar de betreffende marktinspecteur ging voor controle. Het document dateert uit april 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de marktsector in Amsterdam streng gereguleerd. Marktkooplieden moesten voor elke wijziging in hun bedrijfsvoering — zoals het inhuren van een assistent of het zich laten vervangen wegens ziekte — expliciete toestemming hebben van de gemeente.
Opmerkelijk is dat in deze periode de uitsluiting van Joodse burgers van de markten al in volle gang was (de eerste verordeningen hiertoe dateren uit 1941). De bureaucratische toon van de brief is typisch voor de gemeentelijke correspondentie uit die tijd, waarbij zelfs tijdens de bezetting de normale administratieve processen voor niet-Joodse burgers op formele wijze werden voortgezet. De "Boom- en Bloemmarkt" was een bekende marktlocatie die een belangrijke rol speelde in de Amsterdamse economie en het straatbeeld. J. de Vries M.J. v.d. Hoek