Archiefdocument
Origineel
10 juli 1942 (met aanvullende apostillen d.d. 14 juli 1942). A f s c h r i f t .
DIENST DER PUBLIEKE WERKEN.
AMSTERDAM, Raadhuis.
Antw op No.68/12 P.W.
d.d. 25 April 1942.
Grb.No.1736 Doos. D.1544.
x 2 bijlagen(w.o. 1. teek.).
No.653, L.M.1942 13/7.
10 Juli 1942.
No.25/12/4 M.1942 16/7,
Den Heer Wethouder P.W.
C.W.Pruim, eigenaar van het perceel Albert Cuypstraat 86, op bijgaande teekening aangeduid met blauwe kleur, verzoekt van de Gemeente te mogen koopen het aangrenzende gemeenteperceel aangeduid met roode kleur. Pruim heeft van laatstgenoemd perceel het benedengedeelte al eenige jaren in huur ten behoeve van zijn bedrijf, gevestigd in het met blauwe kleur aangegeven perceel.
De bovenverdieping van het te koop gevraagde perceel is ter beschikking van het Marktqezen als kantoor van de marktmeesters en kan niet gemist worden, terwijl de Gemeente voor dit doel geen ander perceel beschikbaar heeft.
Wel heeft Pruim medegedeeld, dat hij de bovenverdieping niet noodig heeft en zich wil verbinden om deze verdieping aan Marktwezen blijvend te verhuren, doch ik acht het niet juist, dat de gemeente zich door het verkoopen van het perceel, afhankelijk zou maken van een particulier.
Ik stel derhalve voor, belanghebbende te berichten, dat de Gemeente niet beried is, tot verkoop van het perceel Albert Cuypstraat 88 over te gaan.
Sch.
De Directeur P.W.
aac. m/d. door den Dir. get. min.
de Secretaris,
w.g. onleesbaar.
De Wethouder Publieke werken stelt deze in handen van den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen om advies.
De Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch-en Schoonmaak, Bad-en Zwem-inrichtingen stelt deze in handen van den Heer Directeur van het Marktwezen om advies.
A'dam, 14 Juli 1942.
--- Dit document is een ambtelijk afschrift van een advies van de Directeur van de Dienst der Publieke Werken (P.W.) aan de Wethouder. De kern van de zaak is een verzoek van een particuliere ondernemer, C.W. Pruim (gevestigd op Albert Cuypstraat 86), om het buurpand (nummer 88) van de gemeente te kopen.
Belangrijkste punten uit de tekst:
1. Huidige situatie: Pruim huurt de begane grond van nummer 88 al voor zijn bedrijf. De bovenverdieping is echter in gebruik door de gemeente zelf (het 'Marktwezen') als kantoor voor de marktmeesters.
2. Het aanbod: Pruim biedt aan om het pand te kopen en de bovenverdieping vervolgens weer terug te verhuren aan de gemeente.
3. Het advies: De Directeur P.W. adviseert negatief. De reden is principieel-bestuurlijk: de gemeente moet voor haar noodzakelijke kantoorruimte niet afhankelijk willen zijn van een private huisbaas.
4. Procedure: Het document laat de ambtelijke weg zien; het advies wordt doorgezet naar de Wethouder van Levensmiddelen (die destijds verantwoordelijk was voor de markten) en uiteindelijk naar de Directeur van het Marktwezen.
In de tekst vallen enkele typfouten op die kenmerkend zijn voor handgetypte concepten uit die tijd, zoals "Marktqezen" (ipv Marktwezen) en "beried" (ipv bereid).
--- Het document dateert van juli 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de bezetting een enorme impact had op het dagelijks leven en het stadsbestuur (denk aan de Jodenvervolging en de beperkingen van de markt), bleven de reguliere administratieve processen van de Dienst der Publieke Werken grotendeels in de bestaande vorm doorlopen.
De Albert Cuypmarkt was (en is) een van de belangrijkste markten van Amsterdam. Het 'Marktwezen' was de gemeentelijke instantie die de orde handhaafde en de standplaatsen verdeelde. Het feit dat de gemeente weigert het pand te verkopen, onderstreept het strategische belang van fysieke aanwezigheid van marktmeesters direct aan de straat waar de markt gehouden wordt.
De genoemde Wethouder voor de Levensmiddelen had in 1942 een cruciale rol vanwege de toenemende voedselschaarste en distributie. Dat dit ogenschijnlijk kleine vastgoedvraagstuk via zijn bureau liep, geeft aan hoe strak de controle op marktgerelateerde faciliteiten was. C.W. Pruim Publieke werken (Wethouder) Marktwezen Publieke Werken