Handgeschreven verzoekschrift.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift. 8 september 1942. Paulus Petrus Donk (fruithandelaar). De Directeur der Centrale Markt te Amsterdam. № 25/42/1 M. 1942 9/9
Aan
den Heer Directeur der Centrale Markt te
Amsterdam
Geeft met verschuldigden eerbied hem te willen toestaan;
de Ondergeteekende, Paulus, Petrus, Donk, geboren den 21sten April 1908 te
Amsterdam, wonende Govert Flinckstraat 100 II van beroep fruithandelaar,
en in het bezit van een standplaats, hoek v. Ostadestraat en 2e v d Helst,
maar die sedert 27 Augustus opgeheven is, zijn toewijzing van fruit
uit te mogen verkopen, op de plaats van zijn compagnon, H. Breedschneider
wonende Fokke Simonsztr 23 hs, die zijn standplaats heeft op de Albert Cuypstr.
(Markt) waar hij al eenige jaren samen mee handelt. Hopende dat Uw
het verzoek toe zal willen staan. Teekent hij:
Amsterdam Hetwelk doende enz:
den 8 September 1942 P.P. Donk. In dit document verzoekt Paulus Petrus Donk, een 34-jarige fruithandelaar uit Amsterdam-Zuid (De Pijp), om een wijziging van zijn verkoopplaats. Zijn oorspronkelijke standplaats op de hoek van de Van Ostadestraat en de Tweede van der Helststraat is op 27 augustus 1942 opgeheven.
Omdat hij nog wel een "toewijzing van fruit" heeft (een distributierecht in oorlogstijd), vraagt hij toestemming om dit fruit te mogen verkopen op de kraam van zijn compagnon, de heer H. Breedschneider, op de Albert Cuypmarkt. Hij voert aan dat zij al jarenlang samenwerken. De brief is geschreven in de formele, eerbiedige stijl die destijds gebruikelijk was voor correspondentie met overheidsinstanties ("Geeft met verschuldigden eerbied"). Het document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De term "toewijzing" is hier cruciaal: vanwege de schaarste was de handel in levensmiddelen zoals fruit strikt gereguleerd en gebonden aan distributiebonnen en officiële toewijzingen van de marktautoriteiten.
De locaties die in de brief worden genoemd (Govert Flinckstraat, Van Ostadestraat, Albert Cuypmarkt) bevinden zich allemaal in de wijk De Pijp in Amsterdam. Het feit dat een standplaats werd "opgeheven" kon in deze periode diverse oorzaken hebben, variërend van herstructurering van de markt tot de gevolgen van de anti-Joodse maatregelen (hoewel er in dit specifieke document geen directe aanwijzing is voor de achtergrond van de opheffing). Dergelijke verzoekschriften zijn waardevol voor sociaal-economisch onderzoek naar de kleinschalige handel in oorlogstijd. H. Breedschneider P.P. Donk