Getypte brief (doorslag of kopie) met handgeschreven kanttekening.
Origineel
Getypte brief (doorslag of kopie) met handgeschreven kanttekening. 26 October 1942. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst, zoals de Dienst van het Marktwezen). [Handgeschreven, bovenin:]
Verzonden 26/10 [initialen/krabbel]
VD/HG.
25/49/2 M.
1
26 October 1942.
den Heer Hoofdcommissaris
van Politie,
Hoofdbureau van Politie,
Marnixstraat,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 6.
In bijlage dezes heb ik de eer U een afschrift te doen toekomen van een op 9 October jl. bij mijn dienst ingekomen brief met beleefd verzoek de behandeling daarvan, voor zoover het met rood aangehaalde betreft, te willen overnemen.
Zooals U bekend is, is krachtens artikel 11 van de Verordening op de Winkelsluiting de sluiting van winkels in aardappelen en groenten op Woensdagmiddag dwingend voorgeschreven. Voor den straathandel bestaat een dergelijk verbod echter niet en voor zoover mij bekend, bestaan daartegen bij het Departement van Binnenlandsche Zaken vooralsnog bezwaren.
De Directeur, Het document is een ambtelijke correspondentie waarin een bevoegde directeur (waarschijnlijk van de distributie- of marktdienst) een dossier overdraagt aan de Amsterdamse hoofdcommissaris van politie. De kern van de brief is een juridisch-administratieve kwestie: de ongelijke regels voor vaste winkels versus straathandelaren.
Terwijl winkels die aardappelen en groenten verkopen verplicht zijn om op woensdagmiddag te sluiten (op basis van artikel 11 van de Winkelsluitingsverordening), geldt dit verbod niet voor de straathandel. De schrijver merkt op dat het Departement van Binnenlandse Zaken vooralsnog bezwaren heeft tegen het gelijktrekken van deze regels (het verbieden van straathandel op die middag). De politie wordt gevraagd een specifieke klacht of kwestie (die in de bijlage "met rood aangehaald" was) verder af te handelen. De datum, oktober 1942, plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de distributie van voedsel (zoals aardappelen en groenten) strikt gereguleerd en schaars. Verordeningen met betrekking tot openingstijden en handel waren essentieel voor de controle op de voedselvoorziening en de openbare orde.
De spanning tussen gevestigde winkeliers en straathandelaren was in die tijd groot; winkeliers voelden zich benadeeld door de strikte sluitingstijden terwijl ambulante handelaren hun gang konden gaan. Dit document illustreert de bureaucratische afhandeling van dergelijke economische spanningen onder het toeziend oog van zowel het gemeentebestuur als het Departement van Binnenlandse Zaken, waarbij de politie fungeerde als handhavende macht.