Ambtsbericht / Rapportage van de marktmeester aan de Directie Marktwezen.
Origineel
Ambtsbericht / Rapportage van de marktmeester aan de Directie Marktwezen. 10 maart 1942. Directie Marktwezen.
Op Maandag 9 Maart 1942 heb ik Mej. C de Groot, wonende J. v. Galenstraat 303 hs alhier een losse plaats toegewezen op de markt Ten Katestraat en geconstateerd dat zij zich zonder toestemming liet assisteeren door B. D. de la Aloussaye. Op Dinsdag 10 Maart zag ik dat hij weer achter haar stal stond. Genoemde la Aloussaye heeft reeds eenige keeren de orde op de markt ernstig verstoord; ook heeft hij Mej. de Groot mishandeld waarvan zij bij mij een klacht heeft ingediend (zie rapport 27-2 l.l.).
Ik heb Mej de Groot er mede in kennis gesteld dat zij zich niet zonder toestemming van Uw Directie mag laten vervangen of assisteeren.
Genoemde Aloussaye heeft mij daarna ongeveer de navolgende woorden toegevoegd:
"Als je wat jonger was kreeg je van mij een pak op je donder, je bent me nu te oud, ik heb lekker schijt aan jou en aan het Marktwezen, ik ben beter dan jij en zal niet van honger sterven, jij hebt mijn familie beleedigd en reken er op dat ik je wel krijg, ik ga hier niet vandaan."
Hij heeft zich evenwel op mijn last verwijderd, terwijl ik hem daarna niet meer achter den stal heb aangetroffen.
Ik verzoek Mej C de Groot er mede in kennis te stellen dat, indien zij zich door genoemden de la Aloussaye laat assisteeren of vervangen, haar dan geen plaats op de markt zal worden toegewezen.
Amsterdam, 10 Mrt 1942
[Handtekening]
№ 27/6/4 M. 1942 11/3 Dit document is een verslag van een incident op de Ten Katemarkt in Amsterdam. De kern van het conflict draait om de naleving van de marktvoorschriften. Een marktkoopvrouw, Mej. De Groot, laat zich assisteren door een man (De la Aloussaye) die geen officiële toestemming heeft om daar te werken.
De situatie is complex: de marktmeester merkt op dat De la Aloussaye een bekende overlastgever is die de orde verstoort en Mej. De Groot in het verleden zelfs heeft mishandeld. Ondanks die voorgeschiedenis staat hij weer bij haar kraam. Wanneer de ambtenaar optreedt, volgt een felle verbale aanval. Het taalgebruik van De la Aloussaye ("lekker schijt aan jou en aan het Marktwezen") getuigt van een grote minachting voor het gezag. De ambtenaar adviseert de Directie om De Groot te dreigen met uitsluiting van de markt als zij deze man blijft toelaten aan haar kraam. Het document dateert uit maart 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de oorlog niet direct in de tekst wordt genoemd, ademt het document de sfeer van die tijd: schaarste en strikte bureaucratische controle. Markten waren in oorlogstijd cruciaal voor de voedselvoorziening, en de controle op wie er mocht staan en wie er mocht werken was uiterst streng.
De uitspraak "ik zal niet van honger sterven" is in de context van 1942 veelzeggend; voedseltekorten begonnen nijpend te worden en de zwarte handel tierde welig. De la Aloussaye presenteert zich hier als iemand die zich buiten de officiële paden (het Marktwezen) om kan redden. Voor de archieven van het Marktwezen is dit een typerend voorbeeld van de dagelijkse handhaving en de spanningen op de Amsterdamse straatmarkten tijdens de bezettingsjaren. Mej. C. de Groot (koopvrouw) B. D. de la Aloussaye (assistent/verstoorder) en de rapporterend ambtenaar (ondertekenaar). Marktwezen