Administratieve kaart/notitie (Bijblad van de gemeente Amsterdam, afdeling Markten).
Origineel
Administratieve kaart/notitie (Bijblad van de gemeente Amsterdam, afdeling Markten). [Linksboven in kader]
BIJBLAD VAN:
M. No. 27/1.7/1 194 2
DOORGEZONDEN: 20/6
[Rechtsboven]
onger. f 1.- 10/2 '42.
632
[Centrale tekst bovenaan]
G. J. Piloo / J. Steenstr. 90
Aangenomen, dat verklaring
van echtgenoote juist is.
{ s.v.p. vrijstellen van betaling
{ van marktgeld voor de
{ markt Alb. Cuypstraat
{ vanf [vanaf] 17 Mei '42.
f 1.35 tegoed.
[Midden rechts, ondertekend]
Smit 30/6 42
[Linksonder, met rood potlood geschreven en blauw doorgehaald]
27/11/42 [?]
inwending
opmaken
Heel verklaring
inleveren.
[Onderaan, met blauw doorgehaald]
m.i. mevr. Piloo berichten dat
zij vrijstelling van betaling markt-
geld kan worden verleend, mits een
bewijs van uitzetting wordt
ingeleverd.
Potthus [?]
2-7-'42
mevr. Piloo oproep.
[Voetnoot]
Alg. Zaken-Model No. 14
14333-1000-7-'41-1727 Dit document is een intern administratief stuk betreffende de vrijstelling van marktgeld. De kern van de zaak is een verzoek van mevrouw Piloo om geen marktgeld meer te hoeven betalen voor de standplaats van haar echtgenoot, G.J. Piloo, aan de Albert Cuypstraat.
- De kern van het verzoek: De administratie neemt aan dat de verklaring van de echtgenote juist is en stelt voor haar vrij te stellen van betaling vanaf 17 mei 1942. Er is zelfs sprake van een tegoed van f 1,35.
- Voorwaarde: Uit de onderste notitie (gedateerd 2 juli 1942) blijkt dat er een voorwaarde aan de vrijstelling verbonden is: er moet een "bewijs van uitzetting" worden ingeleverd.
-
Doorhalingen: De grote blauwe kruisen duiden erop dat deze specifieke actiepunten zijn afgehandeld, verwerkt in een ander dossier, of dat de beslissing is herzien. Het document dateert uit 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Albert Cuypmarkt in Amsterdam was in deze periode een beladen plek.
-
Bezetting en Regels: De term "uitzetting" in de context van mei-juli 1942 is opvallend. Hoewel het hier kan gaan om een puur zakelijke beëindiging van een marktplaats (het ontruimen van de stal), vond in deze periode ook de grootschalige verwijdering en deportatie van Joodse marktkooplieden plaats.
- Gezinssituatie: De notitie "Aangenomen, dat verklaring van echtgenoote juist is" suggereert dat de officiële vergunninghouder (G.J. Piloo) zelf niet aanwezig kon zijn om de zaken te regelen. In 1942 kon dit wijzen op tewerkstelling (Arbeitseinsatz), onderduik, arrestatie of ziekte. Jan Steenstraat 90 ligt in de Pijp, direct om de hoek bij de Albert Cuypmarkt, wat logisch is voor een marktkoopman.
- Bureaucratie: Het document toont de nauwgezetheid van de gemeentelijke administratie die, ondanks de oorlogsomstandigheden, doorrekent tot op de cent (f 1,35 tegoed) en strikte bewijsstukken eist voor het stopzetten van belastingen of heffingen. G.J. Piloo J. Piloo J. Steenstr M. No Gemeente Amsterdam