Archiefdocument
Origineel
15 juli 1942 kermisattracties A'dam, 15/7 1942
op de
dagmarkten W. L. M. 27/157/2
______
Onder terugzending van
het met Uw kantbrief dd 23
Juni jl. om advies ontvangen
stuk No 576 L.M. 1942 heb ik de
eer U te berichten, dat ingevolge
art. 9 van de Verord. op Dienst M.W.
slechts die artikelen op de markten
mogen worden verkocht, waarvan de
verkoop in winkels is toegestaan.
Uit dien hoofde is het werken
met zgn. kermisattracties op de
dagmarkten ~~steeds~~ verboden,
~~ge-~~ ~~weet~~ dus ook het plaats innemen
van zgn. astrologen.
Uit een door mij ingesteld
onderzoek is gebleken, dat een zekere
Piere de laatste weken kans heeft
gezien om tijdens de afwezigheid
van de marktambtenaar op de gewone
~~markt aan de ten Katestraat~~
~~markt~~ ( Deze ambtenaar is des
morgens en s' middags tevens belast
met het toezicht op de verkoop op het
~~visschen-~~ ~~gedeelte~~ markt kooplieden, die aan de Het document is een ambtelijke conceptbrief of memo van de Dienst Marktwezen (M.W.) in Amsterdam. De schrijver adviseert over de toelaatbaarheid van bepaalde activiteiten op dagmarkten naar aanleiding van een incident op de Ten Katemarkt.
De belangrijkste juridische grondslag die wordt aangehaald is artikel 9 van de Marktverordening, die stelt dat het assortiment op de markt beperkt is tot wat in reguliere winkels verkocht mag worden. Omdat 'kermisattracties' en astrologen niet in die categorie vallen, is hun aanwezigheid verboden. De brief onthult een specifiek handhavingsprobleem: een persoon genaamd "Piere" maakt gebruik van mazen in het toezicht. De marktambtenaar heeft namelijk ook taken bij de visafdeling (of een ander specifiek gedeelte, zoals blijkt uit de doorhalingen), waardoor er momenten van onoplettendheid ontstaan waar de 'astroloog' zijn kans grijpt. De brief is geschreven in juli 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was er een enorme schaarste aan goederen en stond de handel op markten onder zeer streng toezicht van zowel de Nederlandse gemeente als de bezetter. De strikte handhaving van de marktverordening was niet alleen een kwestie van bureaucreatie, maar ook een middel om de 'zwarte handel' en ongecontroleerde publieke bijeenkomsten te voorkomen. Het verbod op astrologen past in een breder beleid van de bezetter en de gelijkgeschakelde overheid om 'onproductieve' of 'misleidende' volksvermaak-activiteiten in de kiem te smoren. De Ten Katemarkt was in die tijd een vitale plek voor de voedselvoorziening in Amsterdam-West.