Archief 745
Inventaris 745-379
Pagina 195
Jaar 1942
Stadsarchief

Officieel afschrift van een besluit van de burgemeester.

Origineel

Officieel afschrift van een besluit van de burgemeester. [Linksboven, gestempeld en handgeschreven:]
No 39/65/i M. 1942 28/5
Afschrift
No. 223 L. M. 194.

[Middenboven: Wapen van Amsterdam]

[Rechtsboven, handgeschreven:]
Mw.
J. Mo[...]er
[Rood rond stempel, onleesbaar]

[Hoofdtekst, getypt:]
DE BURGEMEESTER VAN AMSTERDAM,

Heeft goedgevonden de aan

David Wijnschenk,

geboren 4 Januari 1885, wonende Blasiusstraat 73 III, bij beschikking
d.d. 31 Januari 1940, No. 764 L.M. 1939 verleende vergunning tot het
innemen van een vaste standplaats ten verkoop van versche visch op
den openbaren weg, het verhoogde middengedeelte van het Iepenplein,
tegenover perceel Iepenplein 10, bij deze, gerekend te zijn ingegaan
13 Januari 1942, in te trekken.
vM

Amsterdam, 12 MEI 1942 1942.

De Burgemeester voornoemd,

(get) Voûte

de Gemeentesecretaris,

(get.) J. F. FRANKEN

[Linksonder, klein gedrukt:]
K 350 Dit document is een formeel besluit tot intrekking van een standplaatsvergunning. De vergunning was in januari 1940 (vlak voor de Duitse inval) verleend aan David Wijnschenk voor de verkoop van verse vis op het Iepenplein in Amsterdam-Oost.

Opvallend is dat de intrekking, gedateerd op 12 mei 1942, met terugwerkende kracht is ingegaan per 13 januari 1942. Het document is ondertekend door Edward Voûte, die door de Duitse bezetter was aangesteld als burgemeester van Amsterdam, en gemeentesecretaris J.F. Franken. De afkorting "(get.)" staat voor "getekend", wat aangeeft dat dit een officieel afschrift is van het originele besluit. Dit document moet direct geplaatst worden in de context van de Jodenvervolging tijdens de Tweede Wereldoorlog in Nederland. David Wijnschenk was een Joodse Amsterdammer. In 1941 en 1942 voerde de Duitse bezetter, vaak met medewerking van het lokale bestuur onder leiding van collaborateurs zoals Voûte, een reeks verordeningen in om Joden volledig uit het economische en openbare leven te weren.

Het intrekken van markt- en standplaatsvergunningen was een effectieve methode om Joodse ondernemers hun middelen van bestaan te ontnemen. De datum van de feitelijke intrekking (januari 1942) valt samen met de periode waarin de maatregelen tegen Joodse straathandelaren werden verscherpt.

Historische bronnen (zoals het Joods Monument) bevestigen dat David Wijnschenk (geboren op 4 januari 1885) op 24 september 1942 in Auschwitz is vermoord. Dit document vormt daarmee een administratief spoor van de stapsgewijze ontrechtspraak die voorafging aan de deportatie en vernietiging van de Joodse bevolking van Amsterdam.

Samenvatting

Dit document is een formeel besluit tot intrekking van een standplaatsvergunning. De vergunning was in januari 1940 (vlak voor de Duitse inval) verleend aan David Wijnschenk voor de verkoop van verse vis op het Iepenplein in Amsterdam-Oost.

Opvallend is dat de intrekking, gedateerd op 12 mei 1942, met terugwerkende kracht is ingegaan per 13 januari 1942. Het document is ondertekend door Edward Voûte, die door de Duitse bezetter was aangesteld als burgemeester van Amsterdam, en gemeentesecretaris J.F. Franken. De afkorting "(get.)" staat voor "getekend", wat aangeeft dat dit een officieel afschrift is van het originele besluit.

Historische Context

Dit document moet direct geplaatst worden in de context van de Jodenvervolging tijdens de Tweede Wereldoorlog in Nederland. David Wijnschenk was een Joodse Amsterdammer. In 1941 en 1942 voerde de Duitse bezetter, vaak met medewerking van het lokale bestuur onder leiding van collaborateurs zoals Voûte, een reeks verordeningen in om Joden volledig uit het economische en openbare leven te weren.

Het intrekken van markt- en standplaatsvergunningen was een effectieve methode om Joodse ondernemers hun middelen van bestaan te ontnemen. De datum van de feitelijke intrekking (januari 1942) valt samen met de periode waarin de maatregelen tegen Joodse straathandelaren werden verscherpt.

Historische bronnen (zoals het Joods Monument) bevestigen dat David Wijnschenk (geboren op 4 januari 1885) op 24 september 1942 in Auschwitz is vermoord. Dit document vormt daarmee een administratief spoor van de stapsgewijze ontrechtspraak die voorafging aan de deportatie en vernietiging van de Joodse bevolking van Amsterdam.

Kooplieden in dit dossier 23

A.S. Kroon Uilenburg 5/71 '41
A.S. Kroon Uilenburg 5/71 '41
C.L.J. Berkhout Uilenburg 764 '39
C.L.J. Berkhout Uilenburg 764 '39
D. Espinoza Uilenburg 764 '39
D. Espinoza Uilenburg 764 '39
D. Poortvliet Uilenburg 764 '39
D. Poortvliet Uilenburg 764 '39
G. J. Roseboom Uilenburg 764 '39
K. Rozeboom Uilenburg 764 '39
G. Zwaaf-Pront. Uilenburg 764 '39
H. Dijkstra Uilenburg 764 '39
H. Dijkstra Uilenburg 764 '39
R. Hooft Uilenburg van de vier grootouders van zijn echtgenoote zijn meer dan twee van Joodschen bloede.
H. Wiersma Uilenburg 764 '39
H. Wiersma Uilenburg 764 '39
J. Zwaaf-Front Uilenburg 764 '39
L. Brandse Uilenburg 764 '39
L. Brandse Uilenburg 764 '39
Mozes Aronson Uilenburg 607 '40
Mozes Aronson Uilenburg 607 '40
A. Koedyk Uilenburg 5/172 '41
A. Koedyk Uilenburg 5/172 '41

Gerelateerde Documenten 6