Handgeschreven verzoekschrift / brief.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift / brief. 6 januari 1942. A. Loocher, Commelinstraat 36 II, Amsterdam. [Linksboven, diagonaal geschreven en doorgestreept:]
afgewezen [mogelijk ook: Inschrijven]
[Midden boven, blauwe stempel/inkt:]
No 46A / 8 / 3 M. 1942
[Rechtsboven:]
Amsterdam 6 Januari 1942
[Links:]
No. 76.
[Midden rechts, rode inkt/stempel:]
46A / 8 / 4 M
18/1/42 [initialen]
[Hoofdtekst:]
Ondergeteekende verzoekt be-
leefd in aanmerking tekomen
voor een dubbele toewijzing
van rivier visch daar ik
op het Dapperplein altijd de-
meeste rivier en zee visch
heb verkocht, zoo doende
meen ik er voor in aanmer-
king tekomen.
Hoog Achtend
A. Loocher
Commelinstraat 36 II
Amsterdam De brief is een formeel verzoek van een visboer, A. Loocher, gericht aan een distributie-instantie (vermoedelijk de Rijksdienst voor de Voedselvoorziening of een gemeentelijke afdeling Visvoorziening). De schrijver probeert een grotere toewijzing van riviervis te verkrijgen door te wijzen op zijn historische verkoopcijfers op de Dappermarkt in Amsterdam.
De administratieve sporen op het document vertellen het resultaat van het verzoek:
* De rode aantekening "18/1/42" geeft de datum van afhandeling aan.
* Het woord "afgewezen" (of "afwijzen") in de linkerbovenhoek duidt erop dat het verzoek niet is ingewilligd. Het document dateert uit januari 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van een strikt distributiesysteem. Niet alleen voor consumenten, maar ook voor handelaren waren grondstoffen en goederen (zoals vis) beperkt beschikbaar. Marktkooplieden waren afhankelijk van toewijzingen van de overheid om hun kraam te kunnen bevoorraden.
De Commelinstraat en het Dapperplein liggen in Amsterdam-Oost. Het feit dat de schrijver vraagt om "riviervis" is kenmerkend; de zeevisserij was tijdens de oorlog door de Duitsers sterk ingeperkt vanwege het mijnengevaar en de angst voor oversteken naar Engeland, waardoor riviervis een belangrijker onderdeel van het dieet werd.
Samenvatting
De brief is een formeel verzoek van een visboer, A. Loocher, gericht aan een distributie-instantie (vermoedelijk de Rijksdienst voor de Voedselvoorziening of een gemeentelijke afdeling Visvoorziening). De schrijver probeert een grotere toewijzing van riviervis te verkrijgen door te wijzen op zijn historische verkoopcijfers op de Dappermarkt in Amsterdam.
De administratieve sporen op het document vertellen het resultaat van het verzoek:
* De rode aantekening "18/1/42" geeft de datum van afhandeling aan.
* Het woord "afgewezen" (of "afwijzen") in de linkerbovenhoek duidt erop dat het verzoek niet is ingewilligd.
Historische Context
Het document dateert uit januari 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van een strikt distributiesysteem. Niet alleen voor consumenten, maar ook voor handelaren waren grondstoffen en goederen (zoals vis) beperkt beschikbaar. Marktkooplieden waren afhankelijk van toewijzingen van de overheid om hun kraam te kunnen bevoorraden.
De Commelinstraat en het Dapperplein liggen in Amsterdam-Oost. Het feit dat de schrijver vraagt om "riviervis" is kenmerkend; de zeevisserij was tijdens de oorlog door de Duitsers sterk ingeperkt vanwege het mijnengevaar en de angst voor oversteken naar Engeland, waardoor riviervis een belangrijker onderdeel van het dieet werd.