Marktwezen Rapport (proces-verbaal van bevindingen)
Origineel
Marktwezen Rapport (proces-verbaal van bevindingen) 20 september 1942 Marktwezen.
Amsterdam. 20/9-42. 114
Nº 46a/321/103 M. 1942 2/10
Rapport [onderstreept]
Heden werd door mij waargenomen
dat L. A. Goldstein staande op markt
A. Cuypstr., wonende 1e J. v. d. Heydenstr. 142
gerookte visch verkocht, hoewel hij niet
als kleinhandelaar op de verkooplijst
v. d. afslag voorkomt.
Hij verklaarde niet beter te weten of
geoorloofd was hij. Hij staat niet
ingeschreven bij de N.V.K. naar hij zelf
verklaarde.
Gezien hij geheel onkundig bleek wat
betreft het verkoopen van gerookte visch
is volstaan met hem er op te wijzen,
dat hij deze niet meer mag verkoopen,
indien niet betrokken via de afslag.
Hij verkocht de gerookte visch voor
fl 1,25 p. kg en had die zelf
gerookt. Dit rapport is opgesteld door een ambtenaar van het Amsterdamse Marktwezen. Het beschrijft een inspectie op de Albert Cuypmarkt waarbij een onregelmatigheid werd geconstateerd bij de heer L.A. Goldstein.
- De overtreding: Goldstein verkocht gerookte vis zonder dat hij als erkend kleinhandelaar geregistreerd stond op de verkooplijst van de visafslag. Dit betekende dat hij de vis buiten het officiële distributiekanaal om verhandelde. Tevens was hij niet ingeschreven bij de N.V.K. (Nederlandsch Verbond van Kooplieden), wat in die tijd verplicht was.
- Handhaving: De inspecteur koos voor een relatief milde aanpak. Omdat de betrokkene claimde "onkundig" te zijn van de regels, is volstaan met een officiële waarschuwing en een verbod op verdere verkoop, mits de vis via de afslag betrokken zou worden.
- Economische details: De vis werd verkocht voor 1,25 gulden per kilo en was door de verkoper zelf gerookt. In de context van de oorlogseconomie en schaarste was eigen productie en directe verkoop ("buiten de afslag om") streng gereguleerd. Dit document biedt een blik op het dagelijks leven en de marktreguleringsdrang in bezet Amsterdam in 1942. Historisch gezien is de identiteit van de betrokkene tragisch: Abraham Leendert Goldstein (geboren in 1906) woonde inderdaad op het genoemde adres in de Pijp. Als Joodse Amsterdammer bevond hij zich in september 1942 in een uiterst precaire situatie; de grootschalige deportaties waren op dat moment al in volle gang.
Joodse markthandelaren werden in deze periode stelselmatig uit het economische leven verdrongen door discriminerende maatregelen en verplichte registraties bij organisaties zoals de N.V.K., die onder toezicht van de bezetter stonden. Uit archieven van het Joods Monument blijkt dat de heer Goldstein later is gedeporteerd en in juli 1943 in vernietigingskamp Sobibor is vermoord. Dit rapport documenteert een van de laatste pogingen van een individu om via kleinschalige handel in zijn levensonderhoud te voorzien onder een repressief regime. A. Cuypstr A. Goldstein J. v. d. Heydenstr L.A. Goldstein Marktwezen