Getypte brief (doorslag/archiefkopie).
Origineel
Getypte brief (doorslag/archiefkopie). 8 januari 1943. De Burgemeester van Amsterdam (namens deze: E.J. Voûte en de Gemeentesecretaris J.F. Franken). [Stempel linksboven, paars]: Nº 46^A/321/13.g. M. 1942 9/7
[Handgeschreven rechtsboven, potlood]: afd Marktw.
[Handgeschreven rechtsboven, inkt]: 501 [onderstreept]
Aan
Mw.de Wed. J.Dootjes-Wassenaar,
Commelinstraat 118 hs.,
A_L_H_I_E_R(O).
[Referentie links]:
L.M. 259
-1942-
[Handgeschreven paraaf/aantekening in het midden in rood en potlood, deels onleesbaar]
[Datum rechts]: 8 Januari 1943.
Naar aanleiding van Uw verzoek om U wederom op de markt toe te laten, deel ik U mede, dat ik dat verzoek niet voor inwilliging vatbaar acht.
VM
De Burgemeester van Amsterdam,
(get.) Voûte
de Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN [Naam gestempeld in paars] * Inhoud: De brief betreft een formele, ambtelijke afwijzing. De geadresseerde, een weduwe, heeft een verzoek ingediend om opnieuw haar beroep op de markt te mogen uitoefenen. De burgemeester wijst dit verzoek zonder opgaaf van redenen af met de standaardformulering "niet voor inwilliging vatbaar acht".
* Toon en taal: De toon is uiterst kort, zakelijk en autoritair. Er wordt geen enkele empathie getoond naar de verzoekster, wat typerend is voor de bestuurlijke stijl van die periode.
* Administratieve sporen: De diverse stempels en handgeschreven nummers duiden op de route die het document door de gemeentelijke bureaucratie heeft afgelegd, specifiek via de afdeling Marktwezen ("Marktw."). De afkorting "VM" onder de tekst staat waarschijnlijk voor de ambtenaar die de brief heeft opgesteld. * Historische context: De brief is gedateerd in januari 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Amsterdam stond op dat moment onder het bestuur van de pro-Duitse regeringscommissaris/burgemeester Edward Voûte (NSB).
* Sociaal-economische context: Tijdens de bezetting was de handel op markten streng gereguleerd. Joodse kooplieden waren al in 1941 van de markten verwijderd. Voor niet-Joodse kooplieden gold een streng vergunningenstelsel waarbij politieke betrouwbaarheid of economische noodzaak (vanuit het oogpunt van de bezetter) een rol speelde. De Commelinstraat ligt in de Dapperbuurt, van oudsher een wijk met veel markthandelaren.
* Betrokken personen: Edward Voûte was de door de bezetter aangestelde burgemeester. J.F. Franken was de gemeentesecretaris. De afwijzing kan te maken hebben met nieuwe verordeningen, schaarste aan goederen, of persoonlijke omstandigheden van de weduwe die door het collaborerende bestuur als onwenselijk werden beschouwd. E.J. Vo J. Dootjes J.F. Franken Marktwezen NSB