Doorslag van een ambtelijke brief/memorandum.
Origineel
Doorslag van een ambtelijke brief/memorandum. 6 mei 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt Amsterdam). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen te Amsterdam. [Linksboven, getypt:]
VB/HG.
66/8/3 M.
[Rechtsboven, handgeschreven in blauw potlood:]
M. Muller [?]
[Rechtsboven, schuin geschreven in blauwkrijt:]
Verzonden 7/5
[Rechts, getypt:]
6 Mei 1942.
[Links, getypt:]
Kwijtschelding marktgeld
Centrale Markt aan J.Boeken.
[Rechts, getypt:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
[Hoofdtekst, getypt:]
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat de grossier J.Boeken, Jodenbreestraat 63 II, die voor het kalenderjaar 1942 een plaats in de hal op de Centrale Markt ad f 500,- heeft gehuurd, door de Inspectie voor de Prijsbeheersching te Amsterdam is gestraft onder andere met sluiting van zijn zaak voor den tijd van 6 maanden, ingaande 23 Februari 1942. Bovendien wordt de zaak intusschen geliquideerd, zoodat Boeken mij het verzoek heeft gedaan hem kwijtschelding van het nog verschuldigde plaatsgeld te verleenen. Mijns inziens ware aan het verzoek van Boeken te voldoen, door hem kwijtschelding te verleenen over een periode van 10 maanden, zijnde een bedrag van f 400,- (10/12 x f 500,- = f 416,66 - f 16,66 zijnde het verschil tusschen jaar- en maandtarief).
Ik heb de eer U beleefd te verzoeken wel te willen bevorderen, dat bij besluit van den Burgemeester op gronden van gemeentebelang aan den grossier J.Boeken voornoemd kwijtschelding van / marktgeld wordt verleend tot een bedrag van f 400,- zulks op grond van het bepaalde in artikel 10 van de Verordening op de Heffing van markt-, standplaats- en ventgelden.
[Linkermarge, getypt ter correctie/aanvulling van de schuine streep in de tekst:]
/betaling van
[Rechtsonder, getypt:]
De Directeur, * Inhoud: De directeur van de markt verzoekt de wethouder om een besluit van de Burgemeester voor te bereiden. Het doel is om J. Boeken, een grossier, vrij te stellen van het betalen van 400 gulden aan marktgeld (van de totale 500 gulden voor dat jaar).
* Reden: Boeken is door de 'Inspectie voor de Prijsbeheersching' gestraft met een bedrijfssluiting van zes maanden. Daarnaast bevindt het bedrijf zich in liquidatie.
* Berekening: De directeur stelt voor om 10 maanden kwijt te schelden. Hij hanteert hierbij een correctie: 10/12 van het jaartarief is 416,66 gulden, maar hij brengt dit terug naar 400 gulden om het verschil tussen het (voordeligere) jaarcontract en de losse maandtarieven te compenseren.
* Juridische grondslag: Er wordt verwezen naar Artikel 10 van de toenmalige "Verordening op de Heffing van markt-, standplaats- en ventgelden". Dit document is opgesteld tijdens de Duitse bezetting van Nederland (mei 1942). De 'Inspectie voor de Prijsbeheersching' was een orgaan dat toezag op prijsvorming en distributie, vaak met harde sancties bij overtreding van de distributiewetten.
Er is een sterke aanwijzing voor een tragische achtergrond: de genoemde grossier, J. Boeken, is gevestigd aan de Jodenbreestraat 63 II. Dit adres lag in het hart van de Amsterdamse Jodenbuurt. In mei 1942 was de vervolging van Joodse Amsterdammers in volle gang (de invoering van de Jodenster vond plaats op 3 mei 1942, slechts drie dagen voor deze brief). De "liquidatie" van de zaak kan wijzen op 'Arisering' (het gedwongen overnemen of opheffen van Joodse bedrijven) of het feit dat de ondernemer door de beperkende maatregelen zijn beroep niet meer kon uitoefenen. Hoewel de brief een louter administratieve toon aanslaat over "kwijtschelding", weerspiegelt het de bureaucratische afhandeling van het verdwijnen van Joodse ondernemers uit het Amsterdamse straatbeeld.