Ambtelijke brief/doorslag.
Origineel
Ambtelijke brief/doorslag. 18 mei 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten of een gerelateerde Amsterdamse gemeentelijke dienst). Handtekening/paraaf rechtsboven: "W. Müller". [Handgeschreven rechtsboven:] W. Müller
VD/HG. [Handgeschreven:] Verzonden 20/5
99/1/5 M.
n diverse 18 Mei 1942.
Monopolierechten
N.V. Service Centrale Markt. den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Onder terugzending van de met Uw kantbrief d.d.
1 dezer om advies ontvangen stukken No. 400 L.M.1941 heb ik
de eer U te berichten, dat (in tegenstelling met hetgeen
adressante in den aanhef van de vierde alinea van haar brief
feitelijk insinueert) de door adressante bedoelde "Regeling"
zeker in acht is genomen en ook voortaan, nu het voorstel van
den Burgemeester, neergelegd in zijn brief van 27 Maart jl.
door adressante niet is aanvaard, in acht genomen zal moeten
worden.
Het verschil van meening gaat in het onderhavige
geval naar mijn meening in hoofdzaak over het begrip "loonen-
de exploitatie"; hieromtrent moge ik verwijzen naar mijn
brief van 4 Maart jl. No. 99/1/2 M.
Op grond van de bestaande "Regeling" zal binnen-
kort ter zake van de exploitatie van het eerste halfjaar van
1942 dezerzijds weder een onderzoek worden ingesteld; het
resultaat hiervan zal ik U uiteraard te zijner tijd weder
doen toekomen.
Ik geef U beleefd in overweging van een en ander
der adressante mededeeling te doen.
De Directeur, Dit document is een interne correspondentie binnen de gemeente Amsterdam tijdens de Duitse bezetting. De directeur van een niet nader genoemde afdeling (waarschijnlijk verbonden aan de Centrale Markt) adviseert de Wethouder voor de Levensmiddelen over een conflict met de "N.V. Service Centrale Markt".
De kern van het geschil is de interpretatie van een bestaande "Regeling" met betrekking tot monopolierechten. De N.V. (hier aangeduid als "adressante") suggereert blijkbaar dat de gemeente deze regeling niet correct naleeft. De directeur weerspreekt dit fel en wijst erop dat de N.V. zelf een eerder voorstel van de Burgemeester (van 27 maart 1942) heeft afgewezen.
Het fundamentele meningsverschil draait om de definitie van "loonende exploitatie" (rendabele bedrijfsvoering). Dit suggereert een financiële discussie, mogelijk over de hoogte van afdrachten of tarieven die de N.V. mag hanteren in ruil voor haar monopoliepositie op de markt. De directeur kondigt aan dat er een onderzoek zal worden ingesteld naar de cijfers over het eerste halfjaar van 1942 om de situatie te beoordelen. De datum, mei 1942, plaatst dit document in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de voedselvoorziening ("Levensmiddelen") een van de meest kritieke taken van het lokale bestuur, onder strikt toezicht van de bezetter. De Centrale Markt in Amsterdam (de huidige Food Center lokatie in West) speelde een cruciale rol in de distributie van voedsel in de regio.
Het gebruik van de term "Wethouder" is opmerkelijk: in 1941 waren de gemeenteraden door de bezetter ontbonden en de wethouders ontslagen, waarna "Wethouders" (vaak NSB-georiënteerd) door de commissaris-generaal werden benoemd. De formele, bureaucratische toon maskeert de grote spanningen die destijds heersten rondom voedseldistributie en prijsbeheersing. De discussie over "loonende exploitatie" moet waarschijnlijk gezien worden in het licht van oorlogswinsten of juist de economische druk door schaarste en regulering.