Archiefdocument
Origineel
worden opgeschort.
Voor zoover bestellingen voor Neder-
landsche behoefte zijn geplaatst, welke geheel
of gedeeltelijk niet worden uitgevoerd, dient
de Nederlandsche besteller een suppletie-
toewijzing ten laste van het 4e kwartaal/aan te
vragen. /1942
Van Duitsche zijde spreekt men in dit
verband van "Nachkontingentierung"
Voor zoover men zoo'n "Nachkontingen-
tierung" niet kan ontvangen, zal de opgeschor-
te bestelling worden geannuleerd.
Het Hoofd van het
Gemeentelijk Materialenbureau,
[Handgeschreven handtekening: L. de Kruijff] De tekst informeert over de opschorting van bestellingen voor Nederlandse behoeften. Het stelt dat wanneer dergelijke bestellingen niet (volledig) worden uitgevoerd, de besteller een "suppletie-toewijzing" (een aanvullende toewijzing) moet aanvragen voor het vierde kwartaal van 1942.
Er wordt expliciet verwezen naar de Duitse term "Nachkontingentierung", wat duidt op een proces van nalevering of aanvullende contingentering (toewijzing van quota). Indien men deze toewijzing niet verkrijgt, wordt de eerder opgeschorte bestelling definitief geannuleerd. Dit duidt op een strikte bureaucratische controle over materialen en goederen, waarbij de uiteindelijke beslissingsbevoegdheid bij de Duitse bezetter ligt. Dit document stamt uit 1942, een periode in de Tweede Wereldoorlog waarin de schaarste aan grondstoffen en goederen in het bezette Nederland sterk toenam. Het Gemeentelijk Materialenbureau speelde een centrale rol in de distributie en toewijzing van schaarse materialen aan lokale bedrijven en instellingen.
De term "Nachkontingentierung" illustreert de verregaande integratie van het Nederlandse economische verkeer in het Duitse systeem van de Planwirtschaft. Alles was gebonden aan contingenten (quota). Omdat de oorlogsproductie voor Duitsland voorrang had, werden civiele Nederlandse bestellingen vaak opgeschort of geannuleerd tenzij er via complexe procedures als deze aanspraak kon worden gemaakt op restvoorraden of specifieke toewijzingen. De ondertekenaar, L. de Kruijff, was als hoofd van het bureau verantwoordelijk voor de uitvoering van deze bezettingsmaatregelen op gemeentelijk niveau. L. de Kruijff