Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 23 juni 1942. Wed. H. Vierra Polak. Amsterdam 23 Juni 1942.
№ 103/58/1 M. 1942 20/6
M.
Met deze vraag ik u beleefd nog enige tijd
uitstel van plaatsbezetting van markt Gaaspstr.
Daar ik voorlopig niet in de combinatie ben
opgenomen en zodoende geen handel kan
krijgen. In de hoop dat u aan mijn beleefd
verzoek wel zult willen voldoen.
Hoogachtend.
Wed: H. Vierra Polak
1e v. d. Helststraat 40 II
Amsterdam (Z.) In deze zakelijke maar beleefde brief verzoekt weduwe Henriëtte Vierra-Polak de autoriteiten (waarschijnlijk de marktmeester of de relevante afdeling van de gemeente Amsterdam) om uitstel voor het innemen van haar staanplaats op de markt in de Gaaspstraat. De reden die zij opgeeft is dat zij nog niet is opgenomen in een "combinatie", waardoor zij geen goederen ("handel") kan inkopen om te verkopen.
Het handschrift is regelmatig en getuigt van een goede beheersing van de taal, passend bij de formele etiquette van die tijd. De afkorting "Gaaspstr." verwijst naar de markt in de Gaaspstraat in de Rivierenbuurt, een wijk waar destijds veel Joodse Amsterdammers woonden. De datum van de brief, 23 juni 1942, plaatst dit document in een zeer duistere periode van de Nederlandse geschiedenis. Nederland was bezet door nazi-Duitsland en de vervolging van de Joodse bevolking was in volle gang. In deze periode werden Joodse marktkooplieden steeds verder beperkt in hun doen en laten; zij mochten vaak alleen nog op specifieke "Joodse markten" staan, zoals die in de Gaaspstraat.
Het feit dat mevrouw Vierra-Polak schrijft dat zij nog niet in een "combinatie" is opgenomen, kan duiden op de bureaucratische hindernissen of uitsluitingsmechanismen die destijds werden gehanteerd om Joodse ondernemers het werken onmogelijk te maken.
De persoonlijke geschiedenis achter dit document is tragisch: uit oorlogsarchieven (zoals het Joods Monument) blijkt dat Henriëtte Vierra-Polak (geboren 27 april 1878) slechts enkele maanden na het schrijven van deze brief, op 5 oktober 1942, in Auschwitz is vermoord. Dit schijnbaar alledaagse verzoek om uitstel was in werkelijkheid een wanhopige poging om in haar levensonderhoud te blijven voorzien te midden van een verstikkend systeem van vervolging. H. Vierra M. Gemeente Amsterdam
Samenvatting
In deze zakelijke maar beleefde brief verzoekt weduwe Henriëtte Vierra-Polak de autoriteiten (waarschijnlijk de marktmeester of de relevante afdeling van de gemeente Amsterdam) om uitstel voor het innemen van haar staanplaats op de markt in de Gaaspstraat. De reden die zij opgeeft is dat zij nog niet is opgenomen in een "combinatie", waardoor zij geen goederen ("handel") kan inkopen om te verkopen.
Het handschrift is regelmatig en getuigt van een goede beheersing van de taal, passend bij de formele etiquette van die tijd. De afkorting "Gaaspstr." verwijst naar de markt in de Gaaspstraat in de Rivierenbuurt, een wijk waar destijds veel Joodse Amsterdammers woonden.
Historische Context
De datum van de brief, 23 juni 1942, plaatst dit document in een zeer duistere periode van de Nederlandse geschiedenis. Nederland was bezet door nazi-Duitsland en de vervolging van de Joodse bevolking was in volle gang. In deze periode werden Joodse marktkooplieden steeds verder beperkt in hun doen en laten; zij mochten vaak alleen nog op specifieke "Joodse markten" staan, zoals die in de Gaaspstraat.
Het feit dat mevrouw Vierra-Polak schrijft dat zij nog niet in een "combinatie" is opgenomen, kan duiden op de bureaucratische hindernissen of uitsluitingsmechanismen die destijds werden gehanteerd om Joodse ondernemers het werken onmogelijk te maken.
De persoonlijke geschiedenis achter dit document is tragisch: uit oorlogsarchieven (zoals het Joods Monument) blijkt dat Henriëtte Vierra-Polak (geboren 27 april 1878) slechts enkele maanden na het schrijven van deze brief, op 5 oktober 1942, in Auschwitz is vermoord. Dit schijnbaar alledaagse verzoek om uitstel was in werkelijkheid een wanhopige poging om in haar levensonderhoud te blijven voorzien te midden van een verstikkend systeem van vervolging.