Archiefdocument
Origineel
Nº 103/69/3 M. 1942 31/7
Amsterdam 30 Juli 1942
Aan de Directeur van het marktwezen.
WelEd: Heren. [potloodaantekening: nv. Turp]
Naar aanleiding op mij schrijven
d.d. 22 Juli. j.l. vraag ik u nogmaals, mij
het verzoek te willen toestaan. Om mij
Zoon als assistent mij bij te laten staan.
Den reden is als volg. Ik ben geheel
Invalide, zelf zijd ik in een invalidewagen.
dat door mij Zoon wordt voortgeduwd.
en ook in alles door hem wordt geholpen.
Ook bij voorkeur kan u een atest van
mij Dokter krijgen. Als u zelf gaarne
met mij een onderhoud wil toestaan.
vraag ik u nogmaals mij deze gunst
te willen verhooren.
Bij voorbaat mij Hartelijke Dank.
Gaarne S.V.P spoedig antwordt.
Uw. diennaar
Hoogachtend
H. Lap.
Lepelstraat 71 II
Amsterdam (C)
[Aantekening linksonder in ander handschrift:]
Geen antwoord. De schrijve
heeft bericht d.d. 29-7 gekund
ls * Inhoud: De brief is een herhaald verzoek van H. Lap aan de Amsterdamse marktmeester. Lap vraagt om toestemming om zijn zoon als assistent te mogen gebruiken bij zijn werkzaamheden op de markt. Hij voert aan dat hij volledig invalide is, in een rolstoel ("invalidewagen") zit en voor al zijn dagelijkse handelingen afhankelijk is van zijn zoon. Hij biedt aan een doktersverklaring ("atest") te overleggen of persoonlijk op gesprek te komen.
* Schrijfstijl en spelling: De brief bevat diverse taalfouten die typerend zijn voor die tijd en voor schrijvers met een beperktere schoolopleiding (bijv. "naar aanleiding op mij schrijven", "zijd", "atest", "antwordt"). De toon is echter zeer formeel en eerbiedig ("WelEd: Heren", "Uw diennaar", "gunst te willen verhooren").
* Bureaucratie: De brief is voorzien van administratieve stempels en nummers, wat wijst op een formele registratie door de gemeente Amsterdam. De notitie linksonder ("Geen antwoord...") suggereert een administratieve afhandeling waarbij geconstateerd werd dat er op een eerdere correspondentie geen reactie was gekomen of dat de schrijver reeds bekend was. * Tweede Wereldoorlog: De datum van de brief, 30 juli 1942, is zeer beladen. Dit was de maand waarin de grootschalige deportaties van Joodse Amsterdammers naar kamp Westerbork en verder naar de vernietigingskampen in het oosten in volle gang waren.
* Locatie: De Lepelstraat lag in het hart van de Joodse buurt in Amsterdam. Onderzoek in historische bronnen (zoals het Joods Monument) bevestigt dat Heiman Lap (geboren in 1881) op nummer 71-II woonde. Hij was marktkoopman van beroep.
* Betekenis: Voor Joodse marktkooplieden werden de omstandigheden in 1942 onhoudbaar door steeds strengere anti-Joodse maatregelen van de bezetter. Joden mochten alleen nog op speciaal aangewezen markten staan. De assistentie van zijn zoon was voor de invalide Heiman Lap niet alleen een praktische noodzaak om te kunnen werken, maar mogelijk ook een poging om via een officiële aanstelling een vorm van bescherming of "Sperre" (vrijstelling van deportatie) voor zijn zoon of zichzelf te verkrijgen.
* Afloop: Uit archiefgegevens blijkt dat Heiman Lap en zijn gezin de oorlog niet hebben overleefd; zij zijn in 1943 vermoord in Sobibor. Dit document is een tastbaar bewijs van de wanhopige pogingen van een individu om onder extreem moeilijke omstandigheden zijn zelfstandigheid en gezin te behouden. H. Lap Gemeente Amsterdam Marktwezen