Getypte brief (doorslag).
Origineel
Getypte brief (doorslag). 27 oktober 1942. De Directeur (vermoedelijk van een afdeling van de Joodse Raad voor Amsterdam). HG. [handgeschreven:] Verzonden 27/10
103/146/2 M.
27 October 1942.
Mw.de Wed.B.Groenteman-v.Bezemer,
Biesboschstraat 15 hs,
Amsterdam-Zuid.
Wijk 22B.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 14 dezer deel ik
U mede, dat aan het daarin vervatte verzoek niet kan worden
voldaan.
De Directeur, Deze korte, zakelijke brief is een officiële afwijzing van een verzoek. Het document is een doorslag van een getypt origineel op grijsachtig doorslagpapier. De toon is afstandelijk en bureaucratisch. Opvallend is de onderstreping van het woord "niet", wat de definitieve aard van de afwijzing benadrukt. Het document bevat administratieve codes (103/146/2 M. en HG.) en een wijkindeling (Wijk 22B), wat kenmerkend is voor de strakke administratie van de Joodse Raad tijdens de bezetting. Een handgeschreven aantekening bovenaan bevestigt de verzenddatum. De brief is gedateerd op 27 oktober 1942, een periode waarin de deportaties van Joden vanuit Nederland naar de vernietigingskampen in volle gang waren. De geadresseerde, mevrouw de weduwe B. Groenteman-v. Bezemer, woonde in de Biesboschstraat in de Rivierenbuurt (Amsterdam-Zuid), een wijk waar veel Joodse Amsterdammers woonden.
Gezien de afzender ("De Directeur") en de context van de tijd, is dit hoogstwaarschijnlijk een bericht van de Joodse Raad voor Amsterdam. Joodse burgers richtten zich vaak met verzoeken tot de Raad, bijvoorbeeld voor een vrijstelling van transport (een "Sperre"), financiële ondersteuning of informatie over familieleden. De korte, negatieve reactie in deze brief suggereert dat de speelruimte van de Joodse Raad om dergelijke verzoeken in te willigen in het najaar van 1942 uiterst beperkt was. Voor de ontvanger kon een dergelijke afwijzing fatale gevolgen hebben. B. Groenteman
Samenvatting
Deze korte, zakelijke brief is een officiële afwijzing van een verzoek. Het document is een doorslag van een getypt origineel op grijsachtig doorslagpapier. De toon is afstandelijk en bureaucratisch. Opvallend is de onderstreping van het woord "niet", wat de definitieve aard van de afwijzing benadrukt. Het document bevat administratieve codes (103/146/2 M. en HG.) en een wijkindeling (Wijk 22B), wat kenmerkend is voor de strakke administratie van de Joodse Raad tijdens de bezetting. Een handgeschreven aantekening bovenaan bevestigt de verzenddatum.
Historische Context
De brief is gedateerd op 27 oktober 1942, een periode waarin de deportaties van Joden vanuit Nederland naar de vernietigingskampen in volle gang waren. De geadresseerde, mevrouw de weduwe B. Groenteman-v. Bezemer, woonde in de Biesboschstraat in de Rivierenbuurt (Amsterdam-Zuid), een wijk waar veel Joodse Amsterdammers woonden.
Gezien de afzender ("De Directeur") en de context van de tijd, is dit hoogstwaarschijnlijk een bericht van de Joodse Raad voor Amsterdam. Joodse burgers richtten zich vaak met verzoeken tot de Raad, bijvoorbeeld voor een vrijstelling van transport (een "Sperre"), financiële ondersteuning of informatie over familieleden. De korte, negatieve reactie in deze brief suggereert dat de speelruimte van de Joodse Raad om dergelijke verzoeken in te willigen in het najaar van 1942 uiterst beperkt was. Voor de ontvanger kon een dergelijke afwijzing fatale gevolgen hebben.