Dienstbrief / Officiële correspondentie.
Origineel
Dienstbrief / Officiële correspondentie. 9 juni 1943. Gemeente Handelsinrichtingen (Amsterdam), Entrepotdok, Kadijksplein no. 1. Directeur van het Marktwezen, Centrale Markthallen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam. [Briefhoofd]
No. 1/30/1 M. 1943
[Wapen van Amsterdam]
Gemeente Handelsinrichtingen
Entrepotdok, Kadijksplein no. 1, Amsterdam
Telefoon: 50200
Gemeentegirorekening: 181
Verzoeke bij beantwoording datum en nummer van dezen brief te vermelden
Aan den Heer Directeur van het Marktwezen, Centr. Markthallen
Jan van Galenstraat 14
A l h i e r .
Nr : 330 a
D.H.
bijlagen
Uw nr : [handgeschreven paraaf in blauw/potlood]
Datum : 9 Juni 1943.
[Inhoud]
Van den Secretaris-Generaal van het Departement van Binnenlandsche Zaken is een schrijven ingekomen van den volgenden inhoud:
"De Wasserstrassenbevollmächtigter heeft den Rijkswaterstaat te Utrecht een schrijven met den volgenden inhoud doen toekomen.
"Op bevel van den Wehrmachtsbefehlshaber in Nederland is het aanleggen van schepen en booten in de onmiddellijke nabijheid van bruggen verboden. Toestemming tot het aanleggen kunnen slechts die schippers verkrijgen, die bijv. voor reparaties aan bruggen vanuit het vaartuig, aan den wachtpost op de brug, voor het aanleggen, een schriftelijke toestemming van den Wasserstrassenbevollmächtigter toonen. De betreffende opzichter moet zich eveneens vooraf bij den dienstdoenden brugwacht melden. Ik verzoek U, de bevoegde autoriteiten met deze regeling in kennis te stellen."
Ik verzoek U met het bovenstaande rekening te houden.
w/de Directeur der Handelsinrichtingen,
wnd.
[handgeschreven handtekening: L. ...]
[Marginale notities en stempels]
* [Links in rood potlood]: Joh.
* [Onderaan in rood potlood]: Ber. Chef ter mededeeling voor zoover noodig afstippen.
* [Stempel linksonder]: Stadsdrukkerij Amsterdam 22836-11-42-500
--- Dit document is een ambtelijke mededeling uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het betreft de verspreiding van een militair bevel van de Wehrmachtsbefehlshaber (de militaire bevelhebber in Nederland, Friedrich Christiansen) via de civiele kanalen van het Departement van Binnenlandse Zaken naar de gemeentelijke diensten van Amsterdam.
De kern van de boodschap is een streng verbod op het aanleggen van schepen in de buurt van bruggen. Dit was een strategische veiligheidsmaatregel van de bezetter om sabotage door het verzet te voorkomen. Bruggen waren immers vitale infrastructuur voor het Duitse transport. Uitzonderingen waren alleen mogelijk met een schriftelijke vergunning van de Wasserstrassenbevollmächtigter (de Duitse gevolmachtigde voor de waterwegen), die aan de militaire wacht op de brug getoond moest worden.
De brief illustreert de hiërarchische structuur van de bezetting: de Duitse militaire top geeft een bevel, dat via de (onder toezicht staande) Nederlandse ministeries en gemeentelijke diensten zoals de Handelsinrichtingen en het Marktwezen wordt uitgevoerd.
--- * Handelsinrichtingen: De Gemeente Handelsinrichtingen beheerde in Amsterdam vitale logistieke punten, waaronder de havens en het Entrepotdok. De verbinding met het Marktwezen is logisch, aangezien de Centrale Markthallen (nu het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) destijds grotendeels via het water (de Kostverlorenvaart) werden bevoorraad.
* Tijdsbeeld (1943): In 1943 nam de spanning tussen de bezetter en de Nederlandse bevolking toe (onder andere door de April-meistakingen). De Duitse autoriteiten werden steeds alerter op mogelijke sabotageacties, wat de strikte regels rondom bruggen en sluizen verklaart.
* Wasserstrassenbevollmächtigter: Dit was een specifieke Duitse functionaris die direct toezicht hield op de Nederlandse waterwegen om te zorgen dat deze ten dienste bleven van de Duitse oorlogseconomie en militaire logistiek.
* Administratieve taal: Het gebruik van de 'oude spelling' (zoals dezen, schrijven, booten) was in 1943 nog de norm in officiële correspondentie. De handgeschreven notitie "afstippen" duidt op de administratieve afhandeling waarbij gecontroleerd moest worden of alle relevante afdelingen of personen op de hoogte waren gesteld.