Handgeschreven notitie op een klein, gescheurd strookje papier (mogelijk een dossierkaart of een recherche-notitie).
Origineel
Handgeschreven notitie op een klein, gescheurd strookje papier (mogelijk een dossierkaart of een recherche-notitie). 29 januari 1943 (in rood potlood/inkt genoteerd). [In zwart/blauw:]
Thomas
1. Dirk en
2. Hentrichs Johannes
- Baarsjesweg 252 II
- 2e Kostverlorenkade 123 II
Bij Centraal Belang
vroeger boekje gevraagd
H nieuwe erkenning.
dit is geweigerd.
Verklaart zich niet te
hebben bezig gehouden met
aankoop oude kleeren van
oostelijk front.
[In rood rechtsboven:]
Hentrichs
in onderzoek
29-1-43 Het document lijkt een ambtelijke notitie van de politie of een opsporingsdienst tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
- Personen en Adressen: Er worden drie namen genoemd: Thomas (mogelijk een achternaam of zaaknaam), Dirk en Johannes Hentrichs. De adressen (Baarsjesweg en 2e Kostverlorenkade) bevinden zich beide in Amsterdam-West.
- Onderzoek: De rode aantekening "in onderzoek" met de datum "29-1-43" duidt op een lopend dossier.
- Inhoudelijke kwestie: Er wordt melding gemaakt van "Centraal Belang" (een organisatie die zich bezighield met sociale verzekeringen of uitkeringen). Er is sprake van een "boekje" (mogelijk een stamkaart of bewijs van inschrijving) en een "nieuwe erkenning" die is geweigerd.
- De ontkenning: De meest cruciale passage onderaan vermeldt dat de verdachte ontkent betrokken te zijn bij de "aankoop [van] oude kleeren van [het] oostelijk front". Dit wijst op een onderzoek naar de illegale handel in goederen die bestemd waren voor of afkomstig waren van de Duitse winterhulp-acties voor soldaten aan het Oostfront. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de handel in textiel strikt gereguleerd. Vanaf de winter van 1941-1942 werden er in Nederland grootschalige inzamelingsacties gehouden (zoals de "Wollspende") om kleding te verzamelen voor de Duitse Wehrmacht aan het Russische front. Dievstal van, of illegale handel in, deze goederen werd door de bezetter en de collaboreerde politie zwaar bestraft.
De vermelding van "Centraal Belang" suggereert dat de verdachte mogelijk probeerde via sociale regelingen extra middelen of vergunningen te verkrijgen, of dat de fraude via deze instantie aan het licht was gekomen. De datum januari 1943 valt midden in de periode dat de tekorten aan textiel en de druk op de bevolking om bij te dragen aan de oorlogvoering aan het Oostfront hun hoogtepunt bereikten. Politie Wehrmacht Winterhulp
Samenvatting
Het document lijkt een ambtelijke notitie van de politie of een opsporingsdienst tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
- Personen en Adressen: Er worden drie namen genoemd: Thomas (mogelijk een achternaam of zaaknaam), Dirk en Johannes Hentrichs. De adressen (Baarsjesweg en 2e Kostverlorenkade) bevinden zich beide in Amsterdam-West.
- Onderzoek: De rode aantekening "in onderzoek" met de datum "29-1-43" duidt op een lopend dossier.
- Inhoudelijke kwestie: Er wordt melding gemaakt van "Centraal Belang" (een organisatie die zich bezighield met sociale verzekeringen of uitkeringen). Er is sprake van een "boekje" (mogelijk een stamkaart of bewijs van inschrijving) en een "nieuwe erkenning" die is geweigerd.
- De ontkenning: De meest cruciale passage onderaan vermeldt dat de verdachte ontkent betrokken te zijn bij de "aankoop [van] oude kleeren van [het] oostelijk front". Dit wijst op een onderzoek naar de illegale handel in goederen die bestemd waren voor of afkomstig waren van de Duitse winterhulp-acties voor soldaten aan het Oostfront.
Historische Context
Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de handel in textiel strikt gereguleerd. Vanaf de winter van 1941-1942 werden er in Nederland grootschalige inzamelingsacties gehouden (zoals de "Wollspende") om kleding te verzamelen voor de Duitse Wehrmacht aan het Russische front. Dievstal van, of illegale handel in, deze goederen werd door de bezetter en de collaboreerde politie zwaar bestraft.
De vermelding van "Centraal Belang" suggereert dat de verdachte mogelijk probeerde via sociale regelingen extra middelen of vergunningen te verkrijgen, of dat de fraude via deze instantie aan het licht was gekomen. De datum januari 1943 valt midden in de periode dat de tekorten aan textiel en de druk op de bevolking om bij te dragen aan de oorlogvoering aan het Oostfront hun hoogtepunt bereikten.