Brief (getypt met handgeschreven kanttekeningen)
Origineel
Brief (getypt met handgeschreven kanttekeningen) 4 juni 1943 (ontvangststempel 7 juni 1943) P. J. A. van den Broek, Roerstraat 28, Amsterdam (voorheen Driehuis N.H.) [Header linksboven]
No. 2/22/1 M. 1943 7/6
P. J. A. VAN DEN BROEK
[Header rechtsboven]
Amsterdam, 4 Juni 1943
Roerstraat 28
~~DRIEHUIS (N.H.)~~
~~HOFONKLAAN 8~~
[Stempel]
7 JUNI 1943
[Adressering]
den Heer Directeur van den Distributiedienst
A m s t e r d a m
[Handgeschreven aantekeningen boven tekst]
B / Ca
Thieu delens
Barends
De waal(?)
m. th. sieburgh
J. Th. De Geus
Barends horen
is door Barends bij de heer de Geus als handelaar aangeboden(?)
[Body tekst]
Weledele Heer,
Het bekomen van groente is momenteel voor een ieder een zeer moeilijk probleem. Voor hen die uit andere gemeente zijn geëvacueerd is dat probleem echter dubbel moeilijk en mogelijk kunt U hen eenigszins helpen dat probleem op te lossen.
Een groentehandelaar verkoopt op het oogenblik alleen aan vaste klanten (ik weet niet of dat geoorloofd is, maar het gebeurt) Geëvacueerden hadden echter geen vasten groentehandelaar hier in Amsterdam –wel in hun vorige woonplaats– en in de afgeloopen maanden gelukte het ook wel hier en daar iets te bekomen, voor zoover voorradig. Treft een geëvacueerde het dan nog, zooals thans met mij het geval is, dat de groentehandelaar van wie in den regel nog iets kon worden betrokken, zijn zaak moet sluiten, dan is de kans om nog ergens groente te koopen, geheel uitgesloten.
Deze kwestie wilde ik even onder Uw aandacht brengen, in de hoop dat een billijke oplossing kan worden gevonden. Iets waar ik ook nog even Uw aandacht voor wilde vragen is dit: heeft de een of andere groentehandelaar nog iets voor ons, dan werd absoluut geen rekening gehouden met de gezins-samenstelling, m.a.w. ons gezin van zeven personen kreeg evenveel als een gezin van twee menschen.
De groentenkaarten worden reeds maandenlang afgegeven, doch niet gebruikt. Zou met behulp daarvan geen billijke bevoorrading mogelijk zijn? In elk geval verzoek ik U dringend aan het punt "geëvacueerden", dus menschen die in veel opzichten toch al zeer zijn gedupeerd, even Uw aandacht te willen schenken.
Met de meeste hoogachting,
Uw dw.
[Handtekening: P.J.A. van den Broek]
[Handgeschreven aantekening linksonder]
Bespreken met de Geus & Barends
Deze man wordt door Barends ingelicht * Toon: De brief is formeel, respectvol ("Weledele Heer", "Met de meeste hoogachting"), maar ook dringend van aard. De schrijver spreekt niet alleen uit eigen belang, maar werpt zich op als vertegenwoordiger van de groep "geëvacueerden".
* Kernproblematiek: De distributie van groente verloopt via informele weg (vaste klantenkring) in plaats van via het officiële bonnensysteem. Hierdoor vallen geëvacueerden buiten de boot, omdat zij in hun nieuwe woonplaats geen geschiedenis hebben met lokale winkeliers.
* Klacht over ongelijkheid: De schrijver klaagt dat de toewijzing van de schaarse groente niet kijkt naar de gezinsgrootte. Een gezin van zeven krijgt evenveel als een gezin van twee.
* Oplossingsrichting: Van den Broek suggereert om de reeds uitgegeven "groentenkaarten" (distributiebonnen) daadwerkelijk te gaan gebruiken om een "billijke bevoorrading" af te dwingen.
* Administratieve verwerking: De handgeschreven notities boven- en onderaan duiden op een interne ambtelijke route. De namen "De Geus" en "Barends" lijken ambtenaren of inspecteurs van de distributiedienst te zijn die de zaak moeten afhandelen. Dit document stamt uit de Tweede Wereldoorlog (juni 1943). De term "geëvacueerden" verwijst in deze periode vaak naar Nederlanders die uit de kuststreek (zoals Driehuis/Velsen, de oorspronkelijke woonplaats van de afzender) moesten verhuizen vanwege de aanleg van de Atlantikwall door de Duitse bezetter.
Het document illustreert de toenemende voedselschaarste en de gebreken in het distributiestelsel. Hoewel er officiële distributiebonnen bestonden, was de aanvoer van verse producten zoals groente vaak zo onregelmatig dat handelaren hun eigen verdelingssysteem hanteerden, wat leidde tot willekeur en achterstelling van nieuwkomers in de stad. De Roerstraat, waar de afzender verbleef, ligt in de Amsterdamse Rivierenbuurt, een wijk waar in die periode veel mensen werden ondergebracht.