Officieel rapport (Rapport van de Centrale Markt Amsterdam).
Origineel
Officieel rapport (Rapport van de Centrale Markt Amsterdam). 25 juli 1943. [Handgeschreven rechtsboven:] 21/8.
R A P P O R T
No. 29/51/1 M. 1943 [met handgeschreven toevoeging ‘v’ en ‘p’ bij de M]
In opdracht van den heer Directeur is door mij, controleur Boon, een onderzoek ingesteld naar de Beverwijksche Groentecentrale, gevestigd Hunzestraat hoek Uiterwaardenstraat. Eigenaar van deze zaak is de kooper B. Berendsen. In de omgeving van deze zaak is door mij eenige uren gepost doch heb ik niets bijzonders kunnen constateeren. Geen der menschen die de zaak verlieten heeft toen groente en fruit kunnen koopen. Daarna heb ik Berensen gehoord en verklaarde hij als volgt: "Ik heb op 19 Februari 1941 deze zaak gekocht van den toenmaligen eigenaar Sommer. Toen ik de zaak kocht had ik een omzet van ongeveer 9 mud aardappelen per week. [doorgehaald: voor] Groente en fruit waren toen nog niet op den bon. Toen later voor de verkoop van groente en fruit op de Centrale Markt het bonnenstelsel werd ingevoerd kreeg ik 1 punt toegewezen. Ik heb mijn zoodanig opgewerkt, dat mijn aardappelen omzet nu ongeveer 40 mud per week bedraagt Sinds kort heb ik nu ook 2 in plaats van 1 punt toegewezen gekregen. Voor mijn zaak is dat evenwel nog te weinig aangezien ik in den loop van den tijd meer klanten heb gekregen. Met het uitgeven van volgnummers tracht ik mijn klanten zoo rechtvaardig mogelijk van groente en fruit te voorzien. Ik heb op de Centrale Markt twee grossiers bij wie ik mijn handel betrek. Ik krijg bij hen alleen de groente welke mij op mijn punten mag worden verstrekt. Deze grossiers zijn C. van Smeerdijk en de firma Nooy. Door het geringe aantal punten wat ik heb kan ik uiteraard ook maar weinig groente en fruit bekomen. Een enkele maal, zooals ook vanmorgen het geval is geweest, heb ik wel eens wat tomaten extra gehad van den grossier Van Smeerdijk. Van de firma Nooy krijg ik nog wel eens wat extra aan fruit, doch dat is dan hoofdzakelijk meloenen."
Bij onderzoek is mij, rapporteur, inderdaad gebleken, dat Berendsen alleen zijn handel betrekt bij de hiervoor genoemde grossiers.
[Linkermarge handgeschreven:]
Zaak.
Th. [?]
Amsterdam 25 Juli 1943
Controleur.
[Signatuur J.P.N. Boon]
Den Heer Bedrijfschef (J.P.N. Boon)
van de Centrale Markt.
[Handgeschreven linksonder:] [onleesbaar initiaal]
[Handgeschreven onderaan in paarse/bruine inkt:]
H. V. Duinhoven.
Laat nader onderzoek of de feiten
t.z.t. rapporteeren bevindingen op 10/11 bin.
--- * Inhoud: Het document betreft een inspectierapport van de Amsterdamse Centrale Markt. Controleur Boon onderzoekt of de "Beverwijksche Groentecentrale" zich houdt aan de distributieregels. De eigenaar, Berendsen, klaagt over een te lage toewijzing van "punten" (distributie-eenheden) in verhouding tot zijn gegroeide klantenkring (geïllustreerd door de stijging in aardappelverkoop van 9 naar 40 mud). Hij geeft toe soms extra tomaten of meloenen te krijgen, maar benadrukt zijn pogingen tot rechtvaardige verdeling via volgnummers. De controleur bevestigt dat Berendsen enkel bij zijn vaste grossiers koopt.
* Taal en Stijl: Formeel, ambtelijk taalgebruik in de "oude spelling" (bijv. "den heer", "eenige", "constateeren"). De toon is zakelijk en rapporterend.
* Fysieke kenmerken: Getypt op officieel papier met diverse handgeschreven kanttekeningen en handtekeningen die wijzen op de administratieve verwerking door verschillende functionarissen. Er is een typefout zichtbaar waarbij "voor" is doorgehaald met x-jes. Ook wordt de naam van de eigenaar wisselend als "Berendsen" en "Berensen" gespeld.
--- * Historische context: Dit rapport is opgesteld tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog (juli 1943). Voedselschaarste leidde tot een streng distributiesysteem (het bonnenstelsel).
* Economische situatie: Winkeliers waren volledig afhankelijk van de toewijzing van punten door de overheid om goederen te kunnen inkopen bij de Centrale Markt. De schaarste zorgde voor spanningen tussen winkeliers, klanten en de controlerende instanties. "Zwarte handel" was een groot risico, vandaar de observaties ("posten") door de controleur om te zien of mensen buiten de officiële kanalen om iets kochten.
* Betekenis: Het document geeft een inkijkje in de dagelijkse overlevingsstrijd van een kleine ondernemer en de bureaucratische controle daarop in oorlogstijd. De handgeschreven notitie onderaan suggereert dat de zaak nog niet werd afgesloten en er in november van dat jaar een vervolgonderzoek moest plaatsvinden.