Archiefdocument
Origineel
17 juli 1943. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markthallen Amsterdam). [Handgeschreven in blauwe inkt]: Humper [?] VD/HB.
[Paars rond stempel, onleesbaar]
3/12/1M.
17 Juli 1943.
Aan de Afd.Grondbedrijf van den
Dienst Publieke Werken,
Raadhuis,
A l h i e r .
==============
Hiermede bericht ik U, dat de schutting, wel-
ke de Centrale Markt scheidt van de huizen aan
de Van Bossestraat tusschen Van Rappardstraat
en Schaepmanstraat op sommige plaatsen op zoo-
danige wijze is weggebroken, dat de bewoners
van een der benedenhuizen zelfs zonder belem-
mering op het terrein der Centrale Markt kun-
nen komen.
Ik verzoek U deze zaak met de betreffende
woningbouwvereeniging c.q. met den huiseige-
naar te willen opnemen, opdat deze voor de
noodige reparaties kan zorgdragen.
De Directeur, In dit document rapporteert de directeur van (waarschijnlijk) de Centrale Markt aan de Dienst Publieke Werken van Amsterdam dat de afscheiding tussen de markt en de aangrenzende woonhuizen aan de Van Bossestraat defect is. De schade is zodanig dat bewoners van de benedenhuizen ongehinderd het marktterrein kunnen betreden. Er wordt verzocht om contact op te nemen met de betreffende woningbouwvereniging of huiseigenaar om reparaties af te dwingen. De toon is zakelijk en ambtelijk. De genoemde straten (Van Bossestraat, Van Rappardstraat en Schaepmanstraat) situeren het incident in de Staatsliedenbuurt in Amsterdam-West. De brief dateert uit juli 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markthallen waren in deze periode van cruciaal belang voor de voedseldistributie in Amsterdam. Vanwege de voedselschaarste en de strikte rantsoenering was ongeoorloofde toegang tot het marktterrein een serieus beveiligingsrisico (denk aan diefstal of zwarte handel). Het document laat zien dat de gemeentelijke bureaucratie en het dagelijks onderhoud van de stad doorgingen, ondanks de oorlogsomstandigheden. De nadruk op het afsluiten van het terrein kan direct gelinkt worden aan de noodzaak om de gecontroleerde voedselstroom te bewaken.
Samenvatting
In dit document rapporteert de directeur van (waarschijnlijk) de Centrale Markt aan de Dienst Publieke Werken van Amsterdam dat de afscheiding tussen de markt en de aangrenzende woonhuizen aan de Van Bossestraat defect is. De schade is zodanig dat bewoners van de benedenhuizen ongehinderd het marktterrein kunnen betreden. Er wordt verzocht om contact op te nemen met de betreffende woningbouwvereniging of huiseigenaar om reparaties af te dwingen. De toon is zakelijk en ambtelijk. De genoemde straten (Van Bossestraat, Van Rappardstraat en Schaepmanstraat) situeren het incident in de Staatsliedenbuurt in Amsterdam-West.
Historische Context
De brief dateert uit juli 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markthallen waren in deze periode van cruciaal belang voor de voedseldistributie in Amsterdam. Vanwege de voedselschaarste en de strikte rantsoenering was ongeoorloofde toegang tot het marktterrein een serieus beveiligingsrisico (denk aan diefstal of zwarte handel). Het document laat zien dat de gemeentelijke bureaucratie en het dagelijks onderhoud van de stad doorgingen, ondanks de oorlogsomstandigheden. De nadruk op het afsluiten van het terrein kan direct gelinkt worden aan de noodzaak om de gecontroleerde voedselstroom te bewaken.