Ambtelijk verslag/notitie (handgeschreven).
Origineel
Ambtelijk verslag/notitie (handgeschreven). Algemeene Dagmarkten.
De aanwijzing der bestaande tijdelijke hulpmarkten is tijdens het verslagjaar voor ten hoogste een jaar verlengd (Gemeenteblad 1941, afd 3 volgno. 135).
In verband met het in werking treden van de nieuwe regeling voor den verkoop van visch, werden in den loop van het verslagjaar, namelijk met ingang van 26 Mei, het Mosplein en de Jan Evertsenstraat des Maandags tot en met Vrijdags en het Stadionplein des Maandags tot en met des Zaterdags, uitsluitend voor den verkoop als visch, aangewezen als tijdelijke hulpmarkt van de algemeene dagmarkt (Gemeenteblad 1942 - afd 3 volgno. 31). Met ingang van 20 November 1942 werd op genoemde tijdelijke hulpmarkten ook de verkoop toegestaan van groenten, fruit en bloemen (Gemeenteblad 1942 afd. 3 volgno. 107).
[Marge-notitie links:] Welke op de d...markten plaats vindt,
Als gevolg van maatregelen van Hooger Gezag werden de Beethovenstraat, tusschen de Pr. Beatrixstraat en de Rubensstraat en het zandterrein aan het Minervaplein, begrensd door de Rubensstraat en de Minervalaan, met ingang van 16 Juni tot 20 Juni, aangewezen als tijdelijke hulpmarkten van de algemeene dagmarkt, uitsluitend voor Joodsche verkoopers, koopers en bezoekers, met dien verstande, dat op deze markten alleen groenten en nader aan te wijzen levensmiddelen ter markt mogen worden gebracht. (Gemeenteblad 1942 afd. 3 resp. volgno. 70 en 71).
--- Dit document is een ambtelijke vastlegging van wijzigingen in de Amsterdamse marktverordeningen gedurende de oorlogsjaren 1941 en 1942. De tekst is zakelijk en bureaucratisch van toon, waarbij nauwgezet wordt verwezen naar publicaties in het Gemeenteblad.
De tekst valt uiteen in drie delen:
1. De verlenging van bestaande tijdelijke markten.
2. De aanwijzing van specifieke locaties (Mosplein, Jan Evertsenstraat en Stadionplein) voor de visverkoop, later uitgebreid met andere handelsproducten.
3. De meest saillante passage: de aanwijzing van locaties in Amsterdam-Zuid (Beethovenstraat en Minervaplein) als "hulpmarkten" die uitsluitend toegankelijk waren voor "Joodsche verkoopers, koopers en bezoekers". Hierbij werd ook de aard van de goederen beperkt tot groenten en nader te bepalen levensmiddelen.
Het handschrift is een typisch midden-20e-eeuws cursief, over het algemeen goed leesbaar, hoewel de marge-notitie deels is weggevallen door de snede van het papier.
--- Het document biedt een directe blik op de uitvoering van de anti-Joodse maatregelen in bezet Nederland. In 1941 en 1942 intensiveerde de Duitse bezetter (het "Hooger Gezag") de isolatie van de Joodse bevolking. Een van de methoden was segregatie in het openbare leven.
Vanaf medio 1941 werden Joden stelselmatig geweerd van reguliere markten. In november 1941 en juni 1942 werden in Amsterdam specifieke Joodse markten ingesteld, vaak op plaatsen waar veel Joodse burgers woonden, zoals in de Rivierenbuurt en Amsterdam-Zuid (de hier genoemde Beethovenstraat en het Minervaplein).
De bureaucratische taal in dit document verhult het menselijk leed en de discriminatie die hiermee gepaard ging. Het markeren van markten als "uitsluitend voor Joodsche verkoopers, koopers en bezoekers" was een stap in het proces van uitsluiting dat uiteindelijk leidde tot de deportaties. De beperking van de handelswaar (alleen groenten en specifieke levensmiddelen) wijst bovendien op de groeiende schaarste en de poging om de Joodse bevolking als eerste en het zwaarst te treffen door rantsoenering en beperkte toegang tot goederen.