Archief 745
Inventaris 745-398
Pagina 448
Dossier 28
Jaar 1943
Stadsarchief

Ambtelijke correspondentie (brief)

27 december 1943 Van: De Hoofdcommies, Chef der Centrale Schrijkamer (belast met het beheer van overcompleet meubilair) Aan: De Heer Directeur van het Marktwezen

Origineel

Ambtelijke correspondentie (brief) 27 december 1943 De Hoofdcommies, Chef der Centrale Schrijkamer (belast met het beheer van overcompleet meubilair) De Heer Directeur van het Marktwezen [Stempel linksboven in paars]: No. 7/26/2 M. 1943 $^{27}_n$

GEMEENTE AMSTERDAM
Raadhuis, O.Z. Voorburgwal
Telefoon 43130, 43321.

[Rechtsboven]: Men wordt verzocht bij het antwoord nauwkeurig den datum, het nummer en de afdeeling van dezen brief te vermelden.


No. 31 O Mob. 1943. Amsterdam, 27 December 1943.

Onderwerp:
Brandkast.

Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat de Burgemeester heeft bepaald, dat de brandkast, bedoeld in mijn circulaire dd. 13 December 1943, No. 31 O Mob. 1943 ter beschikking van den Gemeentesecretaris wordt gesteld.

De Hoofdcommies,
Chef der Centrale Schrijkamer
belast met de registratie en het
beheer van het overcompleet meubilair,

[Handtekening, onleesbaar]

Aan den Heer Directeur van het
Marktwezen.

C.S. Stadhuis
A'dam 12-'43 No. 92. Dit document is een interne administratieve mededeling binnen de gemeente Amsterdam. De essentie is de formele overdracht van een brandkast. Op last van de Burgemeester wordt dit object onttrokken aan de inventaris van de Dienst van het Marktwezen en ter beschikking gesteld aan de Gemeentesecretaris.

Opvallend is de specifieke afdeling die de brief verstuurt: de "Centrale Schrijkamer" (waarschijnlijk een typefout voor Schrijfkamer), die specifiek belast is met de registratie en het beheer van "overcompleet meubilair". Dit wijst op een strak gecentraliseerd beheer van kantoorbenodigdheden en meubilair binnen de gemeentelijke organisatie. Het gebruik van formele beleefdheidsvormen ("heb ik de eer U te berichten") is kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie uit die tijd. Het document is gedateerd op 27 december 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Amsterdam stond in deze periode onder leiding van de regeringscommissaris/burgemeester Edward Voûte, die door de bezetter was aangesteld.

De schaarste aan materialen en goederen tijdens de oorlogsjaren verklaart waarom er voor het verplaatsen van een enkel meubelstuk, zoals een brandkast, een officieel besluit van de burgemeester en formele correspondentie nodig was. Alles van waarde — zeker een brandveilige opbergplaats — moest nauwkeurig worden geregistreerd en toegewezen. De Dienst van het Marktwezen, de ontvanger van de brief, was in die tijd van cruciaal belang vanwege de distributie en controle op voedselvoorziening in de stad.

Samenvatting

Dit document is een interne administratieve mededeling binnen de gemeente Amsterdam. De essentie is de formele overdracht van een brandkast. Op last van de Burgemeester wordt dit object onttrokken aan de inventaris van de Dienst van het Marktwezen en ter beschikking gesteld aan de Gemeentesecretaris.

Opvallend is de specifieke afdeling die de brief verstuurt: de "Centrale Schrijkamer" (waarschijnlijk een typefout voor Schrijfkamer), die specifiek belast is met de registratie en het beheer van "overcompleet meubilair". Dit wijst op een strak gecentraliseerd beheer van kantoorbenodigdheden en meubilair binnen de gemeentelijke organisatie. Het gebruik van formele beleefdheidsvormen ("heb ik de eer U te berichten") is kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie uit die tijd.

Historische Context

Het document is gedateerd op 27 december 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Amsterdam stond in deze periode onder leiding van de regeringscommissaris/burgemeester Edward Voûte, die door de bezetter was aangesteld.

De schaarste aan materialen en goederen tijdens de oorlogsjaren verklaart waarom er voor het verplaatsen van een enkel meubelstuk, zoals een brandkast, een officieel besluit van de burgemeester en formele correspondentie nodig was. Alles van waarde — zeker een brandveilige opbergplaats — moest nauwkeurig worden geregistreerd en toegewezen. De Dienst van het Marktwezen, de ontvanger van de brief, was in die tijd van cruciaal belang vanwege de distributie en controle op voedselvoorziening in de stad.

Kooplieden in dit dossier 100

Aal en paling Waterlooplein 1.954 1/2
Aal en paling Waterlooplein 154.200
Aal en paling Waterlooplein 1.025
Aandeel huur hoofdkantoor Waterlooplein
Aankoop kisten Waterlooplein
Aantal auto’s (mosselen) Waterlooplein ---
Aantal vaartuigen Waterlooplein 54
Aantal vaartuigen Waterlooplein 77
Aantal wagons (mosselen) Waterlooplein ---
Aardap.: Waterlooplein 216.830.550
Aardap.: Waterlooplein 216.830.830
W. Fruithof Waterlooplein 550
Aard.gr.fruit Waterlooplein 173
Aard.gr.fruit Waterlooplein -359
Aard.gr.fruit Waterlooplein -172
Afschrijving dubieuze debiteuren Waterlooplein
Afschrijving dubieuze debiteuren Waterlooplein
Afschrijving overeenkomende met de verplichte aflossing op leeningen Waterlooplein 02
Afschrijving, overeenkomende met de verplichte aflossing op leeningen Waterlooplein
Af te dragen Loonbelasting Waterlooplein
Af te dragen Loonbelasting Waterlooplein 84
A. Cuypstraat Waterlooplein 15.456
A. Cuypstraat Waterlooplein 9.816
A. Cuypstraat Waterlooplein 9.816
A. Cuypstraat Waterlooplein 9.816
A. Cuypstraat Waterlooplein 9.816
A. Cuypstraat Waterlooplein 9.816
A. Cuypstraat Waterlooplein 15.456
A. Cuypstraat Waterlooplein 9.816
A. Cuypstraat Waterlooplein 9816 / 15.456
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6