Getypte ambtelijke verordening/bijlage bij een brief.
Origineel
Getypte ambtelijke verordening/bijlage bij een brief. 16 mei 1936. Directeur van het Marktwezen. Behoort bij brief no. 17/4/1 M. d.d. 16 Mei 1936 aan den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen van den Directeur van het Marktwezen.
II VERORDENING OP DE HEFFING VAN MARKTGELDEN, enz.
AFDEELING I.
Van de markten in het algemeen.
Art. 1
Ten aanzien van De Centrale Markt wordt een belasting geheven:
a) wegens het innemen van een plaats op den als markt aangewezen gemeente-grond;
b) wegens het innemen van een plaats in het als markt aangewezen gemeente-water, of het gebruik maken van dat water;
c) wegens het innemen van een plaats in de markthal;
d) wegens het verleenen van toegang tot het marktterrein;
De sub a en c bedoelde belastingen worden geheven van ieder, die een plaats inneemt of laat innemen.
De sub b bedoelde belasting wordt geheven van den schipper of den gebruiker van het vaartuig.
De sub d bedoelde belasting wordt geheven van dengene, wien toegang tot het marktterrein wordt verleend.
Art. 2
Ten aanzien van de Algemeene dag- en weekmarkten en de zooge-naamde Uilenburgmarkt wordt een belasting geheven wegens het toekennen van het recht op een plaats op den als markt aangewezen openbaren gemeentegrond.
De in dit artikel bedoelde belasting wordt geheven van ieder, wien het recht op een plaats is toegekend.
Art. 3
Ten aanzien van de Brandstoffenmarkt wordt een belasting geheven wegens het innemen van een plaats in het als markt aangewezen openbare gemeentewater.
De in dit artikel bedoelde belasting wordt geheven van ieder, die een plaats inneemt of laat innemen.
Art. 4
Ten aanzien van de Boom- en Bloemmarkt wordt een belasting geheven:
a) wegens het toekennen van het recht op een plaats op den als markt aangewezen openbaren gemeentegrond;
b) wegens het innemen van een plaats in het als markt aangewezen openbare gemeentewater.
De sub a bedoelde belasting wordt geheven van ieder, wien het recht op een plaats is toegekend.
De sub b bedoelde belasting wordt geheven van ieder, die een plaats inneemt of laat innemen. Dit document is een juridisch-administratieve tekst die de grondslag legt voor het heffen van belastingen (marktgelden) in een stedelijke context (waarschijnlijk Amsterdam, gezien de referentie naar de Uilenburgmarkt en de Centrale Markt). Het document is gestructureerd in artikelen die specifiek onderscheid maken tussen verschillende soorten markten en de wijze waarop daar belasting wordt geheven: op basis van grondgebruik, watergebruik, toegang of het recht op een standplaats.
Opvallend is het gebruik van de term "gemeentewater", wat aangeeft dat een aanzienlijk deel van de handel destijds nog via het water (per schip) plaatsvond, met name bij de Brandstoffenmarkt en de Boom- en Bloemmarkt. Het document dateert uit mei 1936, de late crisistijd in Nederland voor de Tweede Wereldoorlog. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was een belangrijke functie in het stedelijk beheer, verantwoordelijk voor de voedselvoorziening en de marktregulering.
De genoemde markten hebben een historische betekenis:
* De Centrale Markt: De groothandelsmarkt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat).
* Uilenburgmarkt: Een van de markten in de van oudsher Joodse buurt van Amsterdam.
* Brandstoffenmarkt: In een tijd waarin huizen nog met kolen werden verwarmd, was de handel in brandstoffen via het water essentieel.
De spelling (zoals "den", "wien", "openbaren") is conform de schrijfwijze van vóór de spellinghervorming van Marchant (1934), die in ambtelijke stukken vaak nog langere tijd werd aangehouden of waarin men vasthield aan de naamvalsbuigingen.