D. Cohen
Bekijk Verhaal ➔AI-Synthese 45
D. Cohen (geb. datum onbekend) was mede-voorzitter van de Joodsche Raad voor Amsterdam en betrokken bij de organisatie van de groentedistributie. Hij hield een stand op de Waterlooplein (1943) en de Uilenburg (1943). In 1942 verzoekt hij de burgemeester om hulp voor Joodse sigarenmakers en wordt hij geconfronteerd met de arisering van markten. In 1943 verhuist de afdeling Groente-Distributie van de Nieuwe Keizersgracht naar Amstel 25. Zijn lotgeval is onbekend.
Lotgevallen
Relaties
Handel
Bron-evidence
| 4 | ~~Cohen, D.~~ | x 1-8-22 | Rapenburgerstr. 89 | Kremboong [doorgestreept] |
| 4 | ~~Cohen, D.~~ | x 1-8-22 | Rapenburgerstr. 89 | Kremboong [doorgestreept] |
Archiefdocumenten
Afschrift van een brief.
In deze brief verzoekt David Cohen, mede-voorzitter van de Joodsche Raad, de burgemeester van Amsterdam om hulp voor een groep van ongeveer twintig Joodse sigarenmakers. Omdat Joden de toegang tot de Centrale Markt (het huidige Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was ontzegd, konden zij hun ambacht daar niet langer uitoefenen. De Joodsche Raad heeft een nieuwe locatie gevonden, maar de arbeiders hebben geen gereedschap of meubilair. De toon van de brief is uiterst formeel en beleefd ("Edelachtbare Heer", "beleefd verzoeken"), wat kenmerkend is voor de correspondentie van de Raad in die tijd. Onderaan de brief is te lezen dat het verzoek door de betreffende wethouder voor advies is doorgestuurd naar de Directeur van het Marktwezen. Opvallend zijn de typefouten in de onderste ambtelijke nota ("Schbonmaak" in plaats van Schoonmaak en "richtinggn" in plaats van richtingen), wat duidt op de haast of de administratieve druk van die periode.
Doorslag van een getypte brief (doorslag van een officieel schrijven).
Dit document is een zakelijke correspondentie waarin de verkoop van inventarisstukken wordt geregeld. Het gaat om eenvoudige werkplaatsmeubels (werktafels, zitkisten, klaptafels) die eigendom waren van de gemeente of de marktdienst. **Kernpunten:** 1. **Geadresseerde:** David Cohen was, samen met Abraham Asscher, voorzitter van de Joodsche Raad voor Amsterdam. De brief richt zich tot de top van deze organisatie. 2. **Aanleiding:** Een verzoek van een de heer Van Cleef. De Rapenburgerstraat lag in het hart van de oude Joodse buurt van Amsterdam. 3. **Locatie:** De "Hal van de Centrale Markt" (de Jan van Galenstraat). Hier waren diverse werkplaatsen gevestigd, waaronder die voor sigarenmakers. 4. **Zakelijke toon:** De brief is opvallend bureaucratisch en zakelijk. Er wordt gesproken over de kosten voor het "sloopen van schroef- of spijkervaste deelen", wat impliceert dat de werkplaatsen definitief ontmanteld worden.
Handgeschreven memo/brief betreffende de verkoop van meubilair.
Dit document is een zakelijke correspondentie over de afwikkeling van goederen die door Joodse arbeiders werden gebruikt. De kern van de brief is de verkoop van inventaris (werktafels, zitkisten, klaptafels) uit een werkplaats van "Joodsche sigarenmakers". Opvallend is de bureaucratische, afstandelijke toon. Hoewel het gaat om goederen uit een hal van de "E.M." (zeer waarschijnlijk de Euterpestraat, het hoofdkwartier van de *Zentralstelle für jüdische Auswanderung*), wordt de transactie behandeld als een normale commerciële verkoop. De koper moet zelf voor het "slopen" en transport zorgen. De adressering aan Prof. Dr. David Cohen, een van de twee voorzitters van de Joodsche Raad, duidt erop dat de Raad werd ingeschakeld om de administratieve en financiële last van deze "overname" op zich te nemen of te faciliteren.
Doorslag (carbonkopie) van een brief of memorandum op dun, doorschijnend papier. Het document is gefotografeerd vanaf de achterzijde, waardoor de getypte tekst in spiegelbeeld staat.
Dit document is een administratief stuk van de Joodsche Raad voor Amsterdam uit september 1942, een cruciale fase in de deportaties van Joden uit Nederland naar de vernietigingskampen. * **Administratieve strijd om vrijstellingen:** De kern van het document betreft een personeelslijst van een afdeling van de Joodsche Raad (mogelijk gevestigd aan het J.D. Meijerplein). Werken voor de Raad bood in deze periode vaak een tijdelijke vrijstelling van deportatie, een zogenaamde 'Sperre'. De brief dient om deze lijst te formaliseren en te laten controleren. * **Duitse bemoeienis:** De vermelding van "den heer Bomhoff" en de handgeschreven notities over de "Cent. Stell für Jüd. Auswanderung" (Zentralstelle für jüdische Auswanderung) wijzen op de directe controle van de nazi-bezetter. De Zentralstelle, onder leiding van Ferdinand aus der Fünten, was verantwoordelijk voor de praktische uitvoering van de deportaties. * **Handgeschreven notities:** De vragen in de kantlijn ("Kan een eventuele Ausweis maken", "Is de winkelier gesperrd?") tonen de wanhopige zoektocht naar juridische of administratieve bescherming ('gesperrd' zijn) tegen deportatie via officiële identiteitsbewijzen ('Ausweis').
Getypte brief (doorslag/carbon-kopie) op officieel briefpapier van de Joodsche Raad voor Amsterdam.
Deze brief dient als een formele oproep voor een spoedvergadering van een subcommissie van de Joodsche Raad. De kern van de brief is de verwijzing naar "mededeelingen" die de voorzitters Asscher en Cohen de dag ervoor hadden gedaan. Gezien de uiterst precaire situatie in oktober 1942, toen de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam in volle gang waren, betroffen dergelijke mededelingen vrijwel altijd nieuwe verordeningen van de Duitse bezetter (de *Beauftragte*), wijzigingen in de vrijstellingslijsten (*Sperren*) of de logistiek rondom de transporten naar Westerbork. Het document valt op door de strikte administratieve structuur; elke genodigde wordt geïdentificeerd met een specifiek registratienummer (A-nummer). Dit weerspiegelt de bureaucratische controle die de bezetter via de Joodsche Raad uitoefende op de Joodse bevolking.
Brief (officiële correspondentie)
* **Kernboodschap:** De Joodsche Raad stuurt vier brieven retour naar de gemeente Amsterdam (Dienst Marktwezen) omdat deze onbestelbaar waren. De brieven bevatten oproepen voor Joodse straatventers om zich te melden voor de zogenaamde "werkverruiming". * **Administratieve samenwerking:** Het document illustreert de bureaucratische lijn tussen de gemeentelijke instanties en de Joodsche Raad. De Raad fungeerde hier als administratieve tussenpersoon bij de uitvoering van maatregelen die de Joodse bevolking troffen. * **Terminologie:** Het woord **"werkverruiming"** is hier van cruciaal belang. Hoewel het klinkt als een sociaal programma, was de "Joodse werkverruiming" begin 1942 in feite het systeem van gedwongen tewerkstelling in werkkampen binnen Nederland (zoals kamp Conrad of kamp It Petgat), wat vaak de opmaat vormde voor deportatie naar de vernietigingskampen. * **Functie van de ontvanger:** De Directeur van het Marktwezen beheerde de vergunningen voor marktkooplieden en venters. Omdat veel Amsterdamse Joden in deze sector werkzaam waren, beschikte deze dienst over de actuele persoonsgegevens die nodig waren voor de oproepen. ---
Document
Deze brief is een zakelijke mededeling van de Joodsche Raad voor Amsterdam betreffende een adreswijziging van de afdeling "Groente-Distributie". De afdeling verhuist van het hoofdkantoor aan de Nieuwe Keizersgracht naar een pand aan de Amstel 25. De toon is formeel ("Mijne Heeren", "goede nota te willen nemen"). Opvallend zijn de ambtelijke verwerkingssporen: de handgeschreven notities duiden op een snelle administratieve afhandeling, waarbij waarschijnlijk telefonisch akkoord is gegeven voor de verhuizing of de registratie ervan ("telefonisch acc"). Het referentienummer bovenin is deels gestempeld en deels handmatig aangevuld met de datum van ontvangst of verwerking (22 juli).
Twee pagina’s uit een handgeschreven alfabetisch of numeriek geordend adresregister of ledenlijst.
* **Ordening:** Het register lijkt te zijn opgezet om personen per adres of lidmaatschap te registreren. Op de tweede pagina is te zien dat er ruimte is gereserveerd (nummers zonder namen), wat duidt op een administratief groeisysteem. * **Handschrift:** Een geoefend administratief handschrift uit de vroege 20e eeuw. Gebruik van afkortingen zoals 'nw' (nieuwe), 'h' (huis/begane grond), 'b' (boven/bel-etage), en Romeinse cijfers voor verdiepingen (I, II, III). * **Correcties:** Er is één regel op pagina 15 die volledig is doorgehaald met een blauw potlood of inkt, wat wijst op een mutatie in de administratie (verhuizing of overlijden). * **Topografie:** De genoemde locaties bestrijken zowel de oude Jodenbuurt (Uilenburg, Rapenburg, Waterlooplein, Jodenbreestraat) als de toenmalige nieuwbouwwijken zoals de Transvaalbuurt (Krugerstraat, Afrikanerplein) en de Oosterparkbuurt.
Document
Dit document is een officiële brief van de Joodsche Raad aan de Duitse bezettingsautoriteiten. In de brief doet de Raad een formeel voorstel ("Auftragsgemäss beantragen wir") voor de samenstelling van een commissie voor de groentedetailhandel (*Gemüsekleinhandel*). Er worden vijf namen van mogelijke leden genoemd, inclusief hun privéadressen en hun zakelijke achtergrond (vaak mede-eigenaren van bestaande firma's). Als voorzitter van deze commissie wordt Dr. A. van der Laan voorgedragen. De keuze voor Van der Laan wordt gemotiveerd door zijn functie als Algemeen Secretaris van de Joodsche Raad en zijn eerdere ervaring als directeur van het Amsterdamse Marktwezen. De toon van de brief is strikt formeel en geschreven in het Duits, de taal van de bezetter.
Officieel schrijven/circulaire.
Dit document is een dwingende oproep van de Joodsche Raad aan Joodse werklozen om zich te melden voor tewerkstelling in werkkampen in Drenthe. De tekst is opgesteld in een formele, ambtelijke toon, maar bevat een expliciete dreiging: wie geen gevolg geeft aan de oproep, kan "zeer strenge maatregelen" van de Duitse autoriteiten verwachten. Opvallend is de poging van de Joodsche Raad om de situatie te normaliseren. De tewerkstelling wordt gepresenteerd als een regulier onderdeel van de "Rijksdienst voor de Werkverruiming", vergelijkbaar met de kampen voor niet-Joodse werklozen. De enige genoemde verschillen zijn de afzonderlijke groepering en het feit dat het loon "iets lager" zal zijn. Door deze vergelijking probeert de Raad de angst onder de opgeroepenen te sussen, terwijl zij tegelijkertijd fungeert als doorgeefluik van de Duitse bezetter. De ondertekening door Asscher en Cohen benadrukt hun controversiële rol als leiders die meewerkten aan het uitvoeren van anti-Joodse maatregelen, in de ijdele hoop hiermee erger te voorkomen.
Officiële oproep/circulaire van de Joodsche Raad.
De toon van dit document is uiterst dwingend en urgent. De Joodsche Raad hanteert hier een dubbele strategie: enerzijds proberen ze de ontvanger gerust te stellen door te benadrukken dat de kampen onder beheer staan van een reguliere Nederlandse instantie (de Rijksdienst voor de Werkverruiming) en dat de omstandigheden vergelijkbaar zijn met die van niet-Joodse arbeiders. Anderzijds wordt er expliciet gedreigd met "zeer strenge maatregelen van de zijde der autoriteiten" (de Duitse bezetter) als men niet verschijnt. De tekst weerspiegelt de tragische positie van de Joodsche Raad: zij treden op als doorgeefluik van de nazi-orders en dwingen hun eigen achterban tot medewerking, in de hoop door deze 'ordelijke' uitvoering van bevelen ergere sancties voor de gehele gemeenschap te voorkomen. De kwalificatie van de oproep als een "nu eenmaal onvermijdelijke plicht" illustreert deze houding van noodgedwongen coöperatie.
Verslag van een bijeenkomst (notulen).
Dit document is een cruciale primaire bron die de escalatie van de Jodenvervolging in Nederland in het voorjaar van 1942 vastlegt. De kern van het verslag is de gedwongen tewerkstelling van Joodse mannen in werkkampen van de "Rijksdienst voor de Werkverruiming". **Belangrijke observaties:** 1. **Quota en Schaal:** Er wordt gesproken over een totaal van 3000 personen die binnen enkele weken (juni 1942) moeten worden opgeroepen. Het betreft nu niet meer alleen Amsterdammers, maar Joodse mannen uit heel Nederland. 2. **Rol Joodsche Raad:** De nazi-autoriteiten (hier vertegenwoordigd door de naam Rodegro) leggen de verantwoordelijkheid voor de selectie van de personen bij de Joodsche Raad zelf. Dit illustreert het duivelse dilemma waar de Raad voor werd gesteld. 3. **Vrijstellingen:** Er worden specifieke groepen genoemd die (voorlopig) gespaard blijven, waaronder mannen in gemengde huwelijken en arbeiders in de oorlogsindustrie (*Rüstungsindustrie*). 4. **Verharding van het regime:** Het verslag meldt expliciet dat oude afspraken "nietig" zijn verklaard. Bovendien wordt de overgang aangekondigd van open werkkampen naar kampen "onder bewaking", waarbij de vergelijking met Kamp Westerbork wordt gemaakt. Dit duidt op de transformatie van werkgelegenheidsprojecten naar detentiekampen. ---
Document
Dit document is een overzicht van medische keuringen uitgevoerd door Dr. S. Spyer, de medisch adviseur van de Joodsche Raad. Het is een 'afschrift' (kopie) bedoeld voor de administratie van het Gewestelijk Arbeidsbureau. Het rapport toont de bureaucratische efficiëntie waarmee de inzetbaarheid van Joodse mannen werd bijgehouden. De resultaten variëren van "kan opgeroepen worden" tot "blijvend ongeschikt". De handgeschreven tekens in de kantlijn (kruisjes, vinkjes, stippen) en de herhaalde afkorting "w.v. 20/I '42 Jw." duiden op een systematische verwerking van deze lijst door ambtenaren om de volgende stappen (oproeping voor werk) te bepalen. Opmerkelijk is de vermelding van **J. Meyer**, die al 12 jaar in het psychiatrisch ziekenhuis "Het Apeldoornsche Bosch" verbleef, wat aangeeft hoe diep de controle in de persoonlijke levenssfeer doordrong.
Archieflijst-vermeldingen
Twee pagina’s uit een handgeschreven alfabetisch of numeriek geordend adresregister of ledenlijst.
| 5 | 61 | D. Cohen | Rapenb. straat 44 I |
Officiële administratieve lijst van tewerkgestelde personen.
J 261198 D.Cohen Krugerstr. 7 hs ${\color{red}\checkmark}$ 26.11.98
Koopliedenlijsten
Waterlooplein — standplaats Rapenburgerstraat 44 I 4
Uilenburg — standplaats 5/61 C
Relevante Archieffragmenten
# DOCUMENT INFO * **Type document:** Zakelijke brief. * **Afzender:** A. Cohen, Makelaar (gevestigd aan het Waterlooplein 51, Amsterdam). * **Ontvanger:** De Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-West. * **Datum:** 27 oktober 1941. * **Referentienummers:** Nº 85/1/44 M. 1941 (linksboven gestempeld); 28/10 (handgeschreven datum van ontvangst); 85 (handgeschreven...
# TRANSCRIPTIE Advies op No 25/110/118 d.d. Den Heer Inspecteur v/h Marktwezen Alhier. In verband met bijgaand verzoek van A. Cohen, pl. 207 DRC, diene het volgende: In het tijdvak van 17 Juni t/m 7 September '40 (12 weken) heeft Cohen 7 malen, en wel op <u>Zaterdagen</u>, gebruik gemaakt van zijn plaats. Thans meldt verzoeker, dat hij wegens stagnatie in den aanvoer van wollen garens, de markt...
# TRANSCRIPTIE C 706. _ V e r k l a r i n g . Ondergeteekende A. Cohen................................. wonende: ....Willem de Zwijgerlaan 189 II.... vaste-plaatshouder op de markt .Wittenburg...... verklaart hierby, dat het materiaal (kraam, kar, enz.), dat door hem op de markten wordt gebruikt voor het uitstallen zyner goede- ren, zyn eigendom is. ________ ...
# TRANSCRIPTIE 2 ex. Mr. de Baer [handgeschreven] VP/HG. [getypt] extra [handgeschreven] 90/10/2 M. 17 Februari 1940. den Heer W. Cohen, 2e Boerhaavestraat 71 hs, <u>Amsterdam-Oost</u>. Wijk 11. Naar aanleiding van Uw brief d.d. 1 dezer bericht ik U, dat dezerzijds tegen inwilliging van het daarin ver- vatte verzoek geen bezwaar bestaat. De Directeur,
# TRANSCRIPTIE [Stempel linksboven:] BIJ BLAD VAN: M. No. 31/10/1 1940 7/2-40 DOORGEZONDEN: [Midden boven, in rood:] 31/10/2 M [Rechtsboven, in inkt:] N. Cohen, Waterlooplein 96, 9/2/40 148 [Hoofdtekst:] Naar aanl. v. Uw desbetr. verzoek deel ik U mede, dat ~~ik,~~ ~~regeling~~ Rekening houdende met de weersgesteldheid gedurende de af- geloopen week, bestaat er bij mij geen bezwaar om de intre...