Getypte nota (concept).
Origineel
Getypte nota (concept). [Handgeschreven:] Concept.
Nota inzake de entréegelden der Centrale Markt.
-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-
In aansluiting op onze Nota d.d. inzake wijziging marktgeldtarieven op de dagmarkten, hebben ondergeteekenden de eer U hierbij een Nota aan te bieden inzake wijziging van artikel 15 der Verordening op de Heffing van marktgelden enz. inzake de belasting wegens het verleenen van toegang tot de Centrale Markt: het zoogenaamde entréegeld.
Artikel 15 luidt:
De in artikel I sub d bedoelde belasting bedraagt:
a voor degenen, die door af namens Burgemeester en Wethouders als koopers, verkoopers of expediteurs tot het marktterrein worden toegelaten:
per kalenderweek $f$ 0,25
per kalendermaand " 1,-
per kalenderjaar " 10,-
b voor het personeel van de sub a bedoelde personen, per persoon:
per kalenderjaar $f$ 2,-
per kalendermaand " 0,25
Hieruit blijkt, dat het minimumtarief voor het personeel voor een kalendermaand is vastgesteld, terwijl dit voor koopers, verkoopers e.d. een kalenderweek bedraagt.
Gewezen moet worden op artikel 4 laatste lid van het Reglement op de Centrale Markt, waarin is bepaald, dat aan koopers, verkoopers en expediteurs geen toegang wordt verleend voor een korteren termijn dan dien, waarvoor zij toegang verlangen voor hun personeel, hetgeen dus wil zeggen, dat koopers e.d., die er personeel op nahouden, ook zelf minstens het maandtarief moeten betalen; bovendien wordt gewezen op artikel 12 en 13 van dit Reglement, waarin onder andere wordt bepaald, dat aan verkoopers geen toegang wordt verleend voor een korteren termijn, dan dien waarvoor door hem een plaats (pakhuis) wordt ingenomen. Alle grossiers met een jaarcontract (en dat zijn ze vrijwel allen) moeten dus tevens in het bezit van een jaarkaart der Centrale Markt zijn.
Onderstaand geven wij een overzicht van het totaal aantal personen, verdeeld in de groepen koopers, verkoopers e.d. en de personeelen van die groepen, gespecificeerd naar de soort van entréegeld, dat wordt betaald In deze nota wordt een technische ongerijmdheid in de belastingverordening van de Centrale Markt gesignaleerd. De kern van het betoog is dat de minimumperiode voor toegangskaarten voor werkgevers (koopers/verkoopers) soms korter is (per week) dan die van hun personeel (per maand).
De schrijvers stellen dat op basis van het Marktreglement een werkgever nooit een kortere toegangstermijn mag hebben dan zijn personeel. Hieruit volgt de conclusie dat de meeste marktpartijen (grossiers met pakhuizen) feitelijk verplicht zijn een jaarkaart aan te schaffen. De tekst dient als inleiding voor een statistisch overzicht (dat waarschijnlijk op de volgende pagina volgt) van het aantal personen dat per tariefgroep betaalt. Het document dateert vermoedelijk uit de jaren '30 of vroege jaren '40 van de 20e eeuw, gezien de spelling ("koopers", "verleenen", "zoogenaamde") en het genoemde prijspeil in guldens. De "Centrale Markt" verwijst hoogstwaarschijnlijk naar de Centrale Markthallen in Amsterdam (geopend in 1934), die een cruciaal knooppunt vormden voor de voedselvoorziening en waar strikte regels golden voor toegang en handel. Dergelijke nota's werden opgesteld door de marktdirectie of de gemeentelijke belastingdienst ter attentie van het college van Burgemeester en Wethouders.