Getypt verslag of beleidsnota (pagina 2).
Origineel
Getypt verslag of beleidsnota (pagina 2). -2-
lid van het Reglement op de Centrale Markt, waarin is bepaald, dat aan koopers, verkoopers en expediteurs geen toegang wordt verleend voor een korteren termijn dan dien, waarvoor zij toegang verlangen voor hun personeel, hetgeen dus wil zeggen, dat koopers e.d., die er personeel op nahouden, ook zelf minsten het maandtarief moeten betalen; bovendien wordt gewezen op artikel 12 en 13 van dit Reglement, waarin onder andere wordt bepaald, dat aan verkoopers geen toegang wordt verleend voor een korteren termijn, dan dien waarvoor door hem een plaats (pakhuis) wordt ingenomen. Alle grossiers met een jaarcontract (en dat zijn ze vrijwel allen) moeten dus tevens in het bezit van een jaarkaart der Centrale Markt zijn.
Afgaande op het aantal verkochte weekkaarten per maand (1000 à 1500), gemiddeld dus 1250, is het aantal personen, dat het entréegeld voor een week betaalt, te stellen op 300 à 400. Dit zijn dus marktkooplieden, winkeliers, expediteurs, die geen personeel hebben (Het aantal personen, dat thans reeds het maand- of jaartarief betaalt, kan op ± 2000 worden gesteld).
Het staat niet vast, dat deze personen wekelijks een toegangskaart voor de Centrale Markt koopen. Uit een gehouden enquête is echter gebleken, dat het meerendeel van de personen, die per week betalen, minstens éénmaal per week de Centrale Markt bezoeken; voor deze categorie beteekent invoering van het maandtarief financiëel dus geen nadeel; integendeel, dit tarief is in verhouding tot het weektarief iets voordeeliger.
// Het komt evenwel een enkele maal voor, dat een expediteur slechts 1x gedurende een kalendermaand op de Centrale Markt moet zijn om een vracht af te leveren; hij betaalt dan thans voor die eene keer het weektarief van f 0,25. // Ten einde in deze gevallen te voorkomen, dat het maandtarief ad. f 1,- moet worden voldaan, stellen wij U voor, in artikel 15 de bepaling te doen opnemen, dat het weektarief in bijzondere gevallen wordt toegepast, wanneer per kalendermaand niet meer dan 2 weken toegang tot de Centrale Markt wordt gevraagd.
De entréegelden moeten worden voldaan, vóórdat toegang tot de Centrale Markt wordt verleend, in een kantoorlokaal naast het Hoofdkantoor van den Dienst. Aldaar zijn 2 contrôleurs der Centrale Markt dagelijks gedurende hun vollen dagtaak met deze werkzaamheden belast. Naast de inning verzorgen zij de uitgifte der entréekaarten onder leiding van den bedrijfschef (zie bijgevoegde modellen van entréekaarten en betalingsbewijzen), het bijhouden van de stamkaarten (zie model) en het bij-
--- * Inhoud: De tekst bespreekt de strikte regels voor toegangsbewijzen tot de Centrale Markt. Er is een koppeling tussen de verblijfsduur van personeel en de verplichte kaartsoort voor de werkgever. De tekst bevat een statistische onderbouwing van het aantal gebruikers per categorie (jaar-, maand-, en weekkaarten).
* Probleemstelling: Men merkt op dat een verplicht maandtarief ongunstig is voor expediteurs die slechts incidenteel (1 of 2 keer per maand) de markt bezoeken.
* Oplossing: Er wordt voorgesteld om artikel 15 aan te passen zodat het goedkopere weektarief (f 0,25) in specifieke gevallen behouden blijft, in plaats van het standaard maandtarief van f 1,-.
* Administratieve organisatie: Er wordt melding gemaakt van de fysieke locatie van de inning en de inzet van twee specifieke 'contrôleurs'.
--- Dit document is hoogstwaarschijnlijk afkomstig uit het archief van de Amsterdamse Markthallen (de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat). In de eerste helft van de 20e eeuw was dit een streng gereguleerd terrein waar handelaren, grossiers en transporteurs enkel onder strikte voorwaarden en tegen betaling toegang kregen. De discussie over tarieven en 'bijzondere gevallen' getuigt van de bureaucratische nauwkeurigheid waarmee de markt destijds werd beheerd. De genoemde bedragen (f 0,25 en f 1,-) duiden op een periode van voor de grote inflatiegolven.