Getypte legenda/verklarende lijst van afkortingen en codes.
Origineel
Getypte legenda/verklarende lijst van afkortingen en codes. AANDUIDING ARTIKELEN EN VERDERE AFKORTINGEN.
1a Aardappelen, Groenten, Fruit.
1b Fruit.
1c Buitenlandsch en zacht fruit.
2a Versche visch.
2b Haring, zuurwaren, toebereide visch.
2c Zuurwaren.
3 Bloemen en planten.
4a Boter, kaas, eieren, wild en gevogelte.
4b Kruidenierswaren.
5a Geringe eetwaren.
5b Consumptieijs
6a Brandstoffen
6b Petroleum
6c Brandhout
7 Diversen
8 Manufacturen
9a Huishoudelijke artikelen.
9b Closetpapier
10 Galanterieeën
11 Speelgoed, feestartikelen.
12 Vaste planten, tuinartikelen.
13 Diversen (geheele stad)
14 Opkoopersartikelen.
VENTVERGUNNINGEN INGENOMEN DOOR:
J.R. Joodsche Raad.
L.M. Aan Afd. Levensmiddelen, Raadhuis afgegeven.
M.W. Marktwezen. vóór mededeeling Arbeidsbeurs.
M.W. 26/1'42 Marktwezen met datum mededeeling Arbeidsbeurs.
M.W. 26/1'42 per post. Ventvergunning per post op 26/1'42 ingekomen, houder op-
geroepen voor mededeeling Arbeidsbeurs.
S.P. Sicherheits Polizei.
S.Z. bij Sociale Zaken.
Z.I. Zieken Inrichting.
in kolom ingeleverd:
x ventvergunning bij Marktwezen.
- ventvergunning niet bij Marktwezen, houder naar Arbeidsbeurs verwezen. Dit document is een administratieve sleutel die gebruikt werd bij het bijhouden van registers van marktkooplieden en straatventers. De lijst is verdeeld in drie secties:
1. Productcategorieën (1a t/m 14): Een gedetailleerde indeling van goederen die op straat of de markt verkocht mochten worden. Opvallend is de specificatie van brandstoffen (6a-c) en 'geringe eetwaren' (5a), wat duidt op de strenge regulering van de handel tijdens de oorlogsjaren.
2. Instanties van inname: De lijst verklaart door welke instanties ventvergunningen werden geconfisqueerd of waar ze werden ingeleverd.
3. Symbolen voor status: Een 'x' of '-' gaf aan of de fysieke vergunning daadwerkelijk in bezit was van de afdeling Marktwezen. De historische waarde van dit document ligt in de expliciete vermelding van de Joodsche Raad en de Sicherheits Polizei (S.P.). Vanaf 1941 werden Joodse Nederlanders systematisch uitgesloten van het economisch leven. In de loop van 1941 en begin 1942 werden de vergunningen van Joodse straatverkopers massaal ingetrokken.
De koppeling met de "Arbeidsbeurs" is hierin cruciaal: het intrekken van de vergunning was vaak de eerste stap naar gedwongen tewerkstelling of deportatie. De datum 26 januari 1942 in het document valt precies in de periode dat de nazi-bezetter de druk op de Joodse gemeenschap opvoerde door middel van administratieve uitsluiting. De Joodsche Raad trad hierbij vaak op als (gedwongen) tussenpersoon bij de inname van deze documenten. Dit document is daarmee een kil, administratief overblijfsel van de bureaucratische uitvoering van de Jodenvervolging in Nederland.