Getypt memorandum/beleidsstuk met handgeschreven correcties en toevoegingen.
Origineel
Getypt memorandum/beleidsstuk met handgeschreven correcties en toevoegingen. Toelichting op het plan voor de vischvoorziening der stad Amsterdam door middel van een vischkaart en een klantenbinding.
ad. A- Uitreiking van een vischkaart.
~~Behoeft geen nadre toelichting.~~
Aanvankelijk is overwogen om gezinskaarten uit te reiken, evenals bij de brandstoffendistributie. [Handgeschreven invoeging:] De practijk heeft daar evenwel groote moeilijkheden [Handgeschreven invoeging:] naar voren gebracht, terwijl het verder onjuist wordt geacht, dat elk gezin, ongeacht de grootte, eenzelfde hoeveelheid visch [Doorgestreept: zou krijgen] [Handgeschreven:] te verstrekken.
ad. B. Verdeeling op de Vischmarkt.
De thans geldende speciale regeling ten aanzien van de Volendammers geeft in het raam van het nieuwe stelsel groote moeilijkheden. Deze groep is namelijk voor zeevisch en garnalen het geheele jaar in de verdeeling te Amsterdam opgenomen. De aal verdeelen ze echter zelf in Volendam, terwijl zij gedurende die periode, d.i. de zomermaanden tot 1 October, in verband met de hun gedane concessie voor de aal, in het geheel geen zoetwatervisch ontvangen. Deze regeling is bij [Doorgestreept: een officieele distributie] [Handgeschreven boven tekst:] de hier ontworpen regeling, [Doorgestreept: zooals thans wordt voorgesteld,] niet vol te houden, aangezien vischkaart en klantenbinding [Handgeschreven:] alleen mogelijk zijn, wanneer alle visch op één centraal punt wordt verdeeld. Indien dit namelijk niet zou gebeuren, zouden de beurten van alle kleinhandelaren niet gelijkmatig zijn, waardoor bijv. de klanten, die bij de groep Volendammers zouden zijn ingeschreven, vlugger aan de beurt zouden komen, dan die van de overige kleinhandelaren.
In dit verband moet erop worden gewezen, dat momenteel in het geheel geen aal voor de bevolking beschikbaar is. De te Volendam aangevoerde aal wordt aan de Rüstungs- en aanverwante bedrijven gezonden; de Volendammers ontvangen daarvan, omdat zij deelgenooten zijn in hun coöperatieven afslag, evenwel de volle winst. Wanneer de Volendammers [Doorgestreept: met ingang van de nieuwe regeling] te Amsterdam voor zoetwatervisch zouden worden ingeschakeld, zullen zij de winst van de Rüstungsbedrijven aan Amsterdam moeten overmaken, waar deze winst over alle aalhandelaren [Handgeschreven:] zou worden verdeeld.
[Handgeschreven kantlijn:] Zou echter [Doorgestreept: Wanneer,] als gevolg van de invoering van deze regeling, wel weer aal voor de [Handgeschreven:] Amsterdamsche bevolking beschikbaar [Doorgestreept: wordt] gesteld, [Handgeschreven:] dan zal ook alle Volendammer aal naar Amsterdam ter verdeeling moeten worden gezonden, zoodat ook dan weer alle kleinhandelaren gelijkelijk hiervan meedeelen. Het document beschrijft de organisatorische uitdagingen rondom de visdistributie in Amsterdam tijdens de bezettingsjaren. De kernpunten zijn:
- Verschuiving in Distributiemethode: Men stapt af van het idee om per gezin een vaste hoeveelheid te geven (zoals bij brandstof), omdat dit onrechtvaardig wordt geacht voor grote gezinnen.
- De 'Volendammer kwestie': De vissers uit Volendam hadden een uitzonderingspositie waarbij zij hun eigen aal (paling) mochten verhandelen. Dit botst met het nieuwe systeem van 'klantenbinding' (waarbij een burger bij één specifieke winkelier is ingeschreven). Om gelijkheid te garanderen, moet alle vis via één centraal Amsterdams punt verdeeld worden.
- Economische afwikkeling: Er is sprake van een complexe verrekening van winsten. Omdat aal momenteel direct naar de Duitse oorlogsindustrie gaat, maken de Volendammers winst via hun coöperatieven. Het plan stelt voor deze winsten te centraliseren en te herverdelen onder alle handelaren. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De schaarste aan voedsel dwong de overheid tot een strikt distributiesysteem met bonnen en kaarten.
De term "Rüstungsbedrijven" is cruciaal; dit verwijst naar bedrijven die werkten voor de Duitse bewapeningsindustrie. Dat vis (aal) rechtstreeks naar deze bedrijven ging, onderstreept hoe de bezetter prioriteit gaf aan de eigen (oorlogs)economie boven de voedselvoorziening van de Nederlandse burgerbevolking. De tekst laat de bureaucratische pogingen zien om binnen deze beperkingen en ongelijkheden toch een schijn van een ordelijk en 'eerlijk' distributiesysteem voor de Amsterdamse bevolking in stand te houden.