Getypte concepttekst met handgeschreven correcties en aantekeningen.
Origineel
Getypte concepttekst met handgeschreven correcties en aantekeningen. Onbekend, vermoedelijk 1941-1944 (gebaseerd op inhoud over distributie). 9.
Hiervoor zouden 32 bonnen noodig zijn. Verschillende mogelijkheden zijn hierbij overwogen; ~~o.a.~~ 7 zie blz. 13 corr. punten.
- verkoop zonder bon: niet aan te bevelen
- ~~verkoop aan~~ levering aan restaurants: is eveneens zonder bon en verstoort controle.
[Begin van tekstblok met diagonaal kruis]
Voor fijne zeevisch geen klantenbinding met bonnen, maar een aparte registratie. De beter ~~gesitueerden~~ gesitueerde kunnen zich bij den winkelier doen inschrijven voor fijne zeevisch. Dit deel van de bevolking moet dan de vischkaart weder bij den Distributiedienst inleveren. Te verwachten is dat zeer vele zich zullen willen laten inschrijven zwarte handel is dan voor dit artikel nog mogelijk! Bovendien geeft dit geen oplossing voor groote soorten zoetw.visch.
De eenige mogelijkheid is, dat ook deze vischsoorten normaal op de bon worden verkocht. Bij een groote vischsoort moet de handelaar eenige van zijn klanten combineeren, die met elkaar het aantal bonnen moeten leveren. Een oplossing is, dat evenwel niet, daar nu de moeilijkheid naar het publiek wordt verplaatst.
Er wordt opgewezen, dat het meer-en-deel van de aangevoerde visch uit ~~courante~~ courante maten bestaat, zoodat voor de gevallen, dat groote vischsoorten komen, de practijk maar moet worden afgewacht.
[Einde van tekstblok met diagonaal kruis]
H. Garnalen en bijzonderevischsoorten.
# zie blz. 14 wijzig
Voor garnalen wordt een klantenbinding niet noodig geacht. In de practijk zal het publiek dit artikel bij zijn aangewezen vischhandelaar koopen. Volstaan kan worden met het aanwijzen van een reservebon.
Wat de gerookte aal betreft, dient dat deze momenteel in het geheel niet wordt aangevoerd. Het treffen van een regeling hangt dus ~~maar~~ min of meer in de lucht. Wanneer de visch- en fruitzaken van alsnog niet van den vischhandel zouden worden uitgeschakeld, Dit document is een ambtelijk werkdocument betreffende de organisatie van de voedseldistributie tijdens de bezettingsjaren. De tekst illustreert de bureaucratische complexiteit van het bonnensysteem:
* Problematiek van grote vissen: Er wordt geworsteld met het feit dat één grote vis (zoals een grote snoek of kabeljauw) meer bonnen waard is dan één individu kan of wil inleveren, wat leidt tot het voorstel om klanten te laten "combineren".
* Sociale ongelijkheid: De passage over "beter gesitueerden" die zich apart zouden kunnen registreren voor "fijne zeevisch" is doorgehaald, wat suggereert dat men beducht was voor de optische ongelijkheid of de fraudegevoeligheid (zwarte handel) van een dergelijke regeling.
* Handgeschreven wijzigingen: De tekst is volop in bewerking. Het grote kruis door de middelste paragrafen duidt erop dat deze beleidslijn (apart inschrijven voor luxe vis) werd verworpen ten gunste van een simpeler bonnensysteem. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) werd vrijwel de gehele voedselvoorziening gereguleerd door de Rijksdienst voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd. Vis werd pas relatief laat in de oorlog volledig op de bon gezet (vis was aanvankelijk een 'vrij' product, maar werd schaars door de beperkte vaarmogelijkheden op de Noordzee).
De term "klantenbinding" verwijst naar de verplichting voor consumenten om hun bonnen bij een specifieke winkelier in te leveren, een maatregel om de zwarte handel in te dammen en de voorraadbeheersing te vergemakkelijken. De opmerking over "gerookte aal" die niet wordt aangevoerd, is typerend voor de latere oorlogsjaren, toen de brandstofschaarste en visserijverboden de aanvoer van IJsselmeerproducten nagenoeg stillegden.