Beleidsstuk of instructie (conceptversie met correcties).
Origineel
Beleidsstuk of instructie (conceptversie met correcties). D. Verdeeling der handelaars over de stad
De ± 60 winkeliers blijven vanuit hun winkel verkoopen. Het stelsel van den verkoop door straathandelaars op de 9 aangewezen markten zal moeten worden gewijzigd. Deze koopplaatsen zullen op vaste standplaatsen over de gehele stad moeten worden verspreid, waarbij rekening kan worden gehouden met de bevolkingsdichtheid der verschillende buurten.
E Inschrijving bij de handelaars
Ieder van de ± 350 kleinhandelaars ontvangt van den Dienst Marktwezen een codenummer, welk nummer hij steeds blijft voeren. De handelaar krijgt voorts van het Marktwezen op, hoeveel klanten hij mag inschrijven; zie punt C.
De consument levert de vischkaart in bij den door hem gekozen handelaar. Deze noteert op beide deelen van de vischkaart zijn codenummer, alsmede het volgnummer van de klant. [De klanten worden in volgorde van hun aanmelding bij den kleinhandelaar genummerd].
De eene helft van de vischkaart, waaraan zich de bonnen bevinden, ontvangt de consument terug; de andere helft behoudt de handelaar.
Iedere vischhandelaar moet in zijn winkel of op zijn vischkar op goed leesbare wijze het hem toegekende codenummer aanbrengen.
F. Bevoorrading van den handel
De bevoorrading geschiedt op basis van de bestaande verdeelsleutel op de Vischmarkt. De herbevoorrading zal dus niet geschieden op basis van het aantal bij den Distributiedienst ingeleverde bonnen. Deze bonnen zullen slechts dienen om achteraf op de V.M. te controleren, of de kleinhandelaar zijn toewijzing visch geheel met de door hem ingeleverde bonnen heeft verantwoord. Aan de hand van het totaal van de bij den Distributiedienst ingeleverde bonnen kan worden opgemaakt, in hoeverre de aangewezen bon is gehonoreerd. Dit kan worden gecontroleerd aan de hand van de op de V.M. uitgegeven hoeveelheid visch.
(Marginale aantekeningen en toevoegingen tussen de regels):
* Links boven: "Deze helften levert hij in bij den distributiedienst, waar voor hem een ontvangbewijs wordt afgegeven - waarop de K.M. cijfers staan; daaruit blijkt, hoeveel klanten hebben ingeschreven."
* Links midden: "1000 klanten inschrijven. De vischkaarten zijn dus genummerd 1/1 - 1/1000"
* In de tekst bij E: "waarvoor hij een groen ontvangstbewijs krijgt." Dit document is een organisatorisch plan voor de visvoorziening in een stedelijk gebied. De tekst is opgedeeld in drie logische stappen:
1. Spreiding (D): Het decentraliseren van de verkoop. In plaats van concentratie op grote markten, moeten straathandelaars zich verspreiden over de stad op basis van bevolkingsdichtheid om drukte te voorkomen en bereikbaarheid te vergroten.
2. Registratie (E): Een strikt systeem van codenummers voor handelaren en volgnummers voor klanten. Er is sprake van een koppeling tussen een specifieke klant en een specifieke handelaar via de "vischkaart".
3. Controle (F): De bevoorrading gebeurt via een "verdeelsleutel" (waarschijnlijk op basis van historische gegevens of quota) en niet direct op basis van ingeleverde bonnen. De bonnen dienen als controlemiddel achteraf om fraude of zwarte handel door de kleinhandelaar op te sporen. Het document dateert vrijwel zeker uit de periode van de Duitse bezetting in Nederland (1940-1945). Tijdens de oorlog was er een nijpend tekort aan voedsel, waardoor het distributiestelsel (de "bonnenkaart") werd ingevoerd. De "Dienst Marktwezen" en de "Distributiedienst" werkten hierbij nauw samen.
De vermelding van de "Vischmarkt" (V.M.) suggereert een grootschalige stedelijke visafslag. De gedetailleerde instructies over codenummers en de verdeling van de vischkaart in twee helften zijn kenmerkend voor de bureaucratische controle die nodig was om de schaarse middelen eerlijk te verdelen en te voorkomen dat handelaren vis "buiten de bonnen om" verkochten. De wijziging van centrale markten naar verspreide standplaatsen kan ook te maken hebben gehad met veiligheidsmaatregelen (luchtalarmen) of het beperken van samenscholingen.