Archief 745
Inventaris 745-410
Pagina 316
Dossier 100
Jaar 1943
Stadsarchief

Handgeschreven notulen of bespreekverslag betreffende de distributie van vis.

Origineel

Handgeschreven notulen of bespreekverslag betreffende de distributie van vis. Inschrijving der klanten bij de kleinhandelaren
Er zijn ± 350 vissche kleinhandelaaren en 700.000 klanten; dit zou per handelaar 2000 klanten = 500 gezinnen zijn, indien elke handelaar dezelfde toewijzing ontvangt; dit is evenwel niet het geval.
Men acht het practisch niet mogelijk dat de straathooplieden een klantenlijst bijhouden. Weersomstandigheden; bovendien kunnen vele handelaren vrijwel niet schrijven.

Lammers: men moet ermee rekening houden, dat de handelaren tussen 25 en 45 jaar voor den arbeidsinzet zullen worden opgeroepen. Dit zal bij de verdeeling groote verandering met zich brengen en dus ook bij de distributie onder de bevolking.

Mr. Boel: acht evens [?] stelt voor om de vischinschrijvingskaart 6 bonnetjes te doen drukken; de klantenlijst is dan niet meer noodig.

M. Mens: dit is niet mogelijk, aangezien dan nog de rijvorming niet wordt voorkomen en daar gaat het juist om. Het publiek zal dan tientallen keeren naar de markten moeten gaan om te zien of het al visch kan krijgen.

Mr. Boel: dan moet de klantenlijst gehandhaafd blijven, doch niet met namen, doch alleen nummers. De kleinhandelaren worden genummerd 1 – 350 en elke handelaar geeft zijn klanten in volgorde een volgnummer. Elk kleinhandelaar no. 1 geeft volgnummers tot bijv. 500; deze nummers komen op de vischinschrijvingskaarten, dus 1/1 ; 1/2 ; 1/3 enz. tot 500. Wanneer hij een vischtoewijzing heeft gekregen, kondigt hij op een bord aan, dat dien dag aan de beurt zijn de no’s 1/1 t/m 1/40 enz. Wanneer handelaar 1 aan de beurt is, moet deze koopman dus 40 bonnetjes no. 1 inleveren.

Hasp: acht dit stelsel onmogelijk. Stel dat men een in de 2 à 3 maanden aan de beurt zou komen en men moet kleine voorraadjes nemen! Het gemis [?] publiek neemt deze vischsoort niet evenmin als kleine schar. Bepaalde incourante vischsoorten moeten v.d. distributie worden uitgesloten. Het aantal te bedienen klanten per toewijzing moet ruim worden genomen, aangezien er altijd menschen wegblijven. Als een handelaar van 25 klanten visch heeft zal hij moeten distribueren : nr. 1 t/m 25 à 30. Wat gebeurt er met de…

[Margenoot linksonder:] klanten, wanneer de koopman wordt gestraft of naar het buitenland moet? Het document werpt licht op de complexe bureaucratie van het distributiestelsel tijdens de bezettingsjaren. De kern van het probleem is de schaarste aan vis en de onmogelijkheid om op een eerlijke, efficiënte manier 700.000 mensen te bedienen via slechts 350 handelaren.

De discussie toont een spanningsveld tussen:
1. Administratieve controle: Mr. Boel stelt een systeem van nummers voor om de chaos te beheersen.
2. Praktische beperkingen: Vissers en straathandelaren zijn vaak laaggeletterd of werken in weer en wind, wat een papieren administratie lastig maakt.
3. Sociale onrust: M. Mens wijst op het probleem van "rijvorming" (wachtrijen), wat een bron van irritatie en onveiligheid was onder de bezetting.
4. Arbeidskrachten: De "Arbeidsinzet" (het gedwongen tewerkstellen van mannen in Duitsland) hangt als een zwaard van Damocles boven de handel, wat de continuïteit van de voedselvoorziening bedreigt. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de voedselvoorziening in Nederland strikt gereguleerd via distributiebonnen. Vis was een belangrijk alternatief voor vlees, dat zeer schaars was. Echter, door de beperkingen op de visserij (mijnen op zee, inbeslagname van kotters door de Kriegsmarine) was ook de aanvoer van vis zeer onregelmatig.

De vermelding van de Arbeidsinzet is cruciaal; vanaf 1942 werden Nederlandse mannen op grote schaal opgeroepen om in de Duitse oorlogsindustrie te werken. Dit leidde tot een tekort aan personeel in de vitale sectoren, waaronder de voedselvoorziening. De vraag in de kantlijn ("Wat gebeurt er als de koopman naar het buitenland moet?") refereert direct aan de angst dat handelaren plotseling zouden verdwijnen, waardoor hun klanten hun toewijzing zouden verliezen.

Samenvatting

Het document werpt licht op de complexe bureaucratie van het distributiestelsel tijdens de bezettingsjaren. De kern van het probleem is de schaarste aan vis en de onmogelijkheid om op een eerlijke, efficiënte manier 700.000 mensen te bedienen via slechts 350 handelaren.

De discussie toont een spanningsveld tussen:
1. Administratieve controle: Mr. Boel stelt een systeem van nummers voor om de chaos te beheersen.
2. Praktische beperkingen: Vissers en straathandelaren zijn vaak laaggeletterd of werken in weer en wind, wat een papieren administratie lastig maakt.
3. Sociale onrust: M. Mens wijst op het probleem van "rijvorming" (wachtrijen), wat een bron van irritatie en onveiligheid was onder de bezetting.
4. Arbeidskrachten: De "Arbeidsinzet" (het gedwongen tewerkstellen van mannen in Duitsland) hangt als een zwaard van Damocles boven de handel, wat de continuïteit van de voedselvoorziening bedreigt.

Historische Context

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de voedselvoorziening in Nederland strikt gereguleerd via distributiebonnen. Vis was een belangrijk alternatief voor vlees, dat zeer schaars was. Echter, door de beperkingen op de visserij (mijnen op zee, inbeslagname van kotters door de Kriegsmarine) was ook de aanvoer van vis zeer onregelmatig.

De vermelding van de Arbeidsinzet is cruciaal; vanaf 1942 werden Nederlandse mannen op grote schaal opgeroepen om in de Duitse oorlogsindustrie te werken. Dit leidde tot een tekort aan personeel in de vitale sectoren, waaronder de voedselvoorziening. De vraag in de kantlijn ("Wat gebeurt er als de koopman naar het buitenland moet?") refereert direct aan de angst dat handelaren plotseling zouden verdwijnen, waardoor hun klanten hun toewijzing zouden verliezen.

Kooplieden in dit dossier 77

A.J. Henneveld geturft
A.J. Henneveld geturft
A.J. Henneveld geturft
A.J. Meeuwissen geturfd door marktmeester
A.J. Meeuwissen geturfd
C. Buys geturft
C. Buys geturft
C. Buys geturft
Chr.straathandelaren (zonder Vol.) 314
Chr.straathandelaren (zonder Volend.) 48,9
Chr.winkeliers (zonder Volend.) 61
Chr.winkeliers (zonder Volend.) 9,51
A. Duits gewogen 4 pond ter eere van zilveren bruiloft; 2 p. ontbreken is over gereclameerd.
A. Duits gewogen 4 pond ter eere van zilveren bruiloft; 2 p. ontbreken is meerder gerecla.
F.J. Visser gewogen
F.J. Visser gewogen
F.J. Visser gewogen
F. Ossendorp). eigen gebruik na afloop gewogen.
F. Ossendorp). eigen gebruik na afloop gewogen.
F. Ossendorp). eigen gebruik na afloop gewogen.
G. Koning geturfd
G. Koning geturfd
H. Boor 2 Kg. eigen gebruik. 1 Kg. ingewogen.
H. Boor 2 Kg. eigen gebruik. 1 Kg. ingewogen.
Alle 77 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 4